Dagelijkse woorden van God | Gods werk, Gods gezindheid en God Zelf II | Fragment 36

Dagelijkse woorden van God | Gods werk, Gods gezindheid en God Zelf II | Fragment 36

178 |28 de mei de 2020

God moet Sodom vernietigen

Gen. 18:26 En Jehova zei: “Als ik binnen Sodom vijftig rechtvaardigen vind, zal ik omwille van hen de hele stad sparen.”

Gen. 18:29 En hij sprak weer met Hem en zei: “Misschien worden er daar maar veertig gevonden.” En Hij zei: “dan zal ik het niet doen.”

Gen. 18:30 En hij zei tegen Hem: “Misschien worden er daar maar dertig gevonden.” En Hij zei: “dan zal ik het niet doen.”

Gen. 18:31 En hij zei: “Misschien worden er daar maar twintig gevonden.” En Hij zei: “dan ga ik de stad niet verwoesten.”

Gen. 18:32 En hij zei: “Misschien worden er daar maar tien gevonden.” En Hij zei: “dan ga ik de stad niet verwoesten.”

God geeft alleen om hen die Zijn woorden kunnen gehoorzamen en Zijn geboden volgen

De passages hierboven bevatten enkele sleutelwoorden: getallen. Allereerst, Jehova zei dat als Hij vijftig rechtschapen mensen vond in de stad, Hij de hele stad zou sparen. Wat wil zeggen, Hij zou de stad niet vernietigen. Waren er dus feitelijk vijftig rechtschapen mensen in Sodom? Die waren er niet. Wat zei Abraham daarna tegen God? Hij zei: “Stel dat er nu veertig te vinden zijn?” En God zei: “Ik zal het niet doen.” Toen zei Abraham: “Maar stel dat er dertig te vinden zijn?” En God zei: “Ik zal het niet doen.” “En wat als er twintig zijn?” “Ik zal het niet doen.” “Tien?” “Ik zal het niet doen.” Waren er feitelijk tien rechtschapen mensen in de stad? Er waren er geen tien, er was er één. En wie was deze ene? Dat was Lot. Er was toen maar één rechtschapen persoon in Sodom, maar was God wat dat getal betreft erg streng en veeleisend? Nee, dat was Hij niet! En dus, terwijl de mens bleef vragen: “Wat als er veertig zijn?” “Wat als er dertig zijn?” tot hij bij “Wat als er tien zijn?” kwam, zei God: “Zelfs als er maar tien zijn, dan zal ik de stad niet vernietigen. Ik zal haar sparen en de andere mensen omwille van deze tien vergeven.” Tien is al droevig genoeg, maar het bleek dat zelfs dat aantal rechtschapen mensen niet gehaald werd in Sodom. Zoals je ziet, in de ogen van God was de zonde en het kwaad in de mensen van de stad dusdanig, dat God geen andere keuze had dan ze te vernietigen. Wat bedoelde God toen Hij zei dat Hij de stad niet zou vernietigen als er vijftig rechtschapen mensen waren? Die getallen waren niet belangrijk voor God. Wat belangrijk voor Hem was, was of er in de stad rechtschapen mensen woonden die Hij zocht. Als de stad slechts één rechtschapen persoon had, dan zou God niet toestaan dat hen iets zou overkomen als gevolg van Zijn vernietiging van de stad. Dit betekent dat, ongeacht of God de stad zou vernietigen of niet, en ongeacht hoeveel rechtvaardigen er in de stad waren, deze zondige stad voor God vervloekt en verfoeid was en dat zij vernietigd zou moeten worden, zou moeten verdwijnen voor Gods aangezicht, terwijl de rechtschapenen zouden moeten blijven. Los van het tijdperk, los van het ontwikkelingsstadium van de mensheid, Gods houding is onveranderlijk. Hij haat het kwaad en geeft om hen die rechtschapen zijn in Zijn ogen. Deze glasheldere houding van God is ook de ware openbaring van het wezen van God. Omdat er maar één rechtschapen persoon was in de stad, aarzelde God niet langer. Het eindresultaat was dat Sodom onvermijdelijk zou worden vernietigd. Wat zien jullie hierin? God zou in die tijd een stad niet hebben vernietigd als er vijftig rechtschapen mensen woonden, of maar tien. Dat betekent dat God op basis van slechts enkele mensen die in staat waren Hem te vereren en te aanbidden, zou beslissen om vergevingsgezind en tolerant te zijn of Gods stuurwerk te doen ten opzichte van de mensheid. God legt groot vertrouwen in de rechtvaardige daden van de mens en Hij legt groot vertrouwen in hen die Hem kunnen aanbidden en Hij legt groot vertrouwen in hen die goed kunnen doen voor Hem.

Vanaf de vroegste tijden tot op vandaag, hebben jullie ooit in de Bijbel gelezen over God die tegen iemand de waarheid spreekt, of spreekt over Gods weg? Nee, nog nooit. De woorden die God tegen de mensen sprak waarover wij lezen, zeggen alleen maar wat mensen moeten doen. Sommigen gingen heen en deden dat, sommigen niet; sommigen geloofden, sommigen niet. Dat is alles. Dus de rechtschapenen van die tijd – zij die rechtschapen waren in de ogen van God – waren slechts zij die Gods woorden konden horen en Gods geboden konden volgen. Zij waren dienaren die Gods woorden uitdroegen onder de mensen. Zou je deze mensen ‘zij die God kennen’ kunnen noemen? Zouden zij ‘mensen die vervolmaakt zijn door God’ genoemd kunnen worden? Nee, dat kan niet. En dus, ongeacht hun aantal, waren zij in Gods ogen rechtschapen mensen, waardig om Gods vertrouwelingen genoemd te worden? Zouden zij Gods getuigen genoemd kunnen worden? Zeker niet! Zij waren het zeker niet waard om Gods vertrouwelingen en getuigen genoemd te worden. En dus hoe noemde God deze mensen? Meerdere keren in de Bijbel, tot aan de passages uit de Schrift die wij zojuist gelezen hebben, noemt God ze ‘mijn dienaren.’ Wat wil zeggen dat toentertijd deze rechtschapen mensen in Gods ogen de dienaren van God waren. Zij waren de mensen die Hem dienden op aarde. En wat dacht God van deze benaming? Waarom noemde Hij ze zo? Heeft God normen voor hoe Hij mensen in Zijn hart benoemt? Jazeker. God heeft normen, ongeacht of Hij mensen rechtschapen, onberispelijk, oprecht of dienaars noemt. Als Hij iemand Zijn dienaar noemt, dan is Hij er van overtuigd dat deze persoon in staat is Zijn boodschappers te ontvangen, Zijn geboden kan volgen en uit kan voeren wat door Zijn boodschappers geboden wordt. En wat voert deze persoon uit? Datgene wat God de mens gebiedt om te doen en uit te voeren op aarde. Kon op dat moment datgene wat God aan de mens vroeg te doen en uit te voeren, Gods weg genoemd worden? Nee, dat kon niet. Want in die tijd vroeg God de mens alleen maar wat eenvoudige dingen te doen. Hij sprak enkele eenvoudige geboden uit en vertelde de mens alleen maar dit of dat te doen en niets meer. God werkte volgens Zijn plan. Omdat veel voorwaarden toen nog niet aanwezig waren, de tijd nog niet rijp was en het moeilijk was voor de mensheid om Gods weg uit te dragen, moest de weg van God nog bekend worden gemaakt vanuit Gods hart. God zag de rechtschapen mensen waar Hij over sprak en die we hier zien – of het er nu dertig of twintig waren – als Zijn dienaren. Toen de boodschappers van God op hen neerdaalden, konden zij ze ontvangen, hun geboden volgen en hun woorden naleven. Dit was precies wat de dienaren in Gods ogen moesten doen en bereiken. God is weloverwogen in Zijn benamingen voor mensen. Hij noemde hen Zijn dienaren, niet omdat ze waren zoals jullie nu zijn – niet omdat ze veel gepreek hadden gehoord, wisten wat God te doen stond, veel van Gods wil begrepen en Zijn managementplan doorgrondden – maar omdat hun menselijkheid eerlijk was en ze in staat waren Gods woorden op te volgen. Als God hen instrueerde, waren ze in staat opzij te zetten wat ze aan het doen waren en datgene wat God gebood, uit te voeren. Daarom is wat God betreft de andere laag van betekenis in de titel van dienaar dat ze met Zijn werk op aarde samenwerkten, en ook al waren ze niet Gods boodschappers, ze waren de uitvoerders en implementeerders van Gods woorden op aarde. Jullie zien dan dat deze dienaren of rechtschapen mensen een grote betekenis hebben in Gods hart. Het werk dat God van plan was te doen, kon geen uitvoering vinden zonder samenwerking van mensen. En de boodschappers van God konden de rol van de dienaren van God niet vervangen. Elke taak die door God aan deze dienaren werd geboden, was van grote betekenis voor Hem en dus kon Hij niet zonder hen. Zonder de samenwerking van deze dienaren met God zou Zijn werk onder de mensheid tot stilstand gekomen zijn, en het resultaat daarvan zou zijn dat Gods managementplan en Gods verwachtingen voor niets waren geweest.

uit ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Meer bekijken

De wereld wordt in de laatste dagen bestookt met rampen. Welke waarschuwing geeft dat ons? En hoe kunnen wij beschermd worden door God te midden van rampen? Kijk samen met ons naar onze actuele preek die je de antwoorden zal geven.

Geef een reactie

Delen

Annuleren