Dagelijkse woorden van God | Gods werk, Gods gezindheid en God Zelf II | Fragment 61

Dagelijkse woorden van God | Gods werk, Gods gezindheid en God Zelf II | Fragment 61

151 |29 de juni de 2020

De Voorschriften van het Tijdperk van de Wet

De tien geboden

De principes voor het bouwen van altaren

Voorschriften voor de behandeling van dienaren

Voorschriften voor diefstal en compensatie

Het houden van het Sabbatjaar en de drie feesten

Voorschriften voor de Sabbatdag

Voorschriften voor de offers

Brandoffers

Graanoffers

Vredeoffers

Zondoffers

Overtredingsoffers

Voorschriften voor offers door priesters (Aäron en zijn zonen worden bevolen te gehoorzamen)

Brandoffers door Priesters

Graanoffers door priesters

Zondoffers door priesters

Overtredingsoffers door priesters

Vredeoffers door priesters

Voorschriften voor het eten van offers door priesters

Reine en onreine dieren (die wel en niet kunnen worden gegeten)

Voorschriften voor de zuivering van vrouwen na een bevalling

Normen voor het onderzoeken van melaatsheid

Voorschriften voor diegenen die van melaatsheid zijn genezen

Voorschriften voor het schoonmaken van geïnfecteerde huizen

Voorschriften voor personen die aan abnormale afscheidingen lijden

De Grote Verzoendag die één keer per jaar moet worden waargenomen

Voorschriften voor het slachten van runderen en schapen

Het verbod op het uitvoeren van afschuwelijke heidense praktijken (het niet plegen van incest, enzovoorts)

Voorschriften die door het volk moeten worden opgevolgd (“Wees heilig: want Ik, Jehova, uw God, ben heilig.”)

De terechtstelling van degenen die hun kinderen aan Moloch offeren

Voorschriften voor de bestraffing van de misdaad van overspel

Regels die door priesters in acht moeten worden genomen (regels voor hun dagelijks gedrag, regels voor de consumptie van heilige dingen, regels voor het brengen van offers, enzovoorts)

Feesten die in acht genomen moeten worden (de Sabbatdag, het Pesach, Pinksterfeest, de Grote Verzoendag, enzovoorts)

Andere voorschriften (het ontsteken van lampionnen, het Jubeljaar, de teruggave van het land, het afleggen van geloftes, het geven van tienden, enzovoorts)

De voorschriften van het Tijdperk van de Wet zijn het ware bewijs van Gods richting voor de hele mensheid

Dus hebben jullie de regels en principes van het Tijdperk van de Wet gelezen? Omvatten de regels een breed scala? Ten eerste hebben ze betrekking op de tien geboden, waarna de voorschriften komen voor het bouwen van altaren, enzovoorts. Daarna volgen de voorschriften voor het houden van de sabbat en het observeren van de drie feesten, waarna het voorschrift voor offerandes komt. Hebben jullie gezien hoe vele soorten van offergaven er zijn? Er zijn brandoffers, graanoffers, vredeoffers, zondoffers, enzovoorts. Zij worden gevolgd door voorschriften voor offergaven van priesters, waaronder brandoffers en graanoffers door priesters en andere vormen van offergaven. De achtste voorschriften zijn voor het eten van offergaven door priesters. En dan zijn er voorschriften voor wat moet worden nageleefd tijdens het leven van mensen. Er zijn bepalingen voor vele aspecten van het leven van mensen, zoals de voorschriften voor wat ze wel en niet mogen eten, voor de zuivering van vrouwen na de bevalling, alsmede voor degenen die zijn genezen van melaatsheid. In deze voorschriften gaat God zelfs zo ver om over ziekte te spreken, en er zijn zelfs regels voor het slachten van schapen en runderen, enzovoorts. Schapen en runderen zijn door God geschapen en je moet ze slachten op de manier die God je zegt. Er is zonder twijfel reden voor Gods woorden, het is zonder twijfel juist om te handelen naar Gods verkondiging en zeker in het voordeel van mensen! Er zijn ook feesten en regels na te volgen, zoals de Sabbatdag, Pesach, en meer – God sprak over ze allemaal. Laat ons eens kijken naar de laatsten: andere voorschriften – het ontsteken van de lampionnen, het Jubeljaar, de teruggave van het land, het afleggen van geloftes, het geven van tienden, enzovoorts. Omvatten deze geen breed scala? Het eerste om over te spreken is de kwestie van offergaven van mensen, dan zijn er voorschriften over diefstal en compensatie en het houden van de Sabbatdag …; alle details van het leven komen aan bod. Dat wil zeggen, toen God begon met het officiële werk van zijn managementplan, legde Hij veel regels vast die opgevolgd moeten worden door de mens. Deze regels waren om de mens het normale leven van de mens op aarde te kunnen laten leiden, een normaal leven van de mens dat niet te scheiden is van God en Zijn leiding. God vertelde de mens eerst hoe hij altaren moest maken, hoe hij de altaren moest opstellen. Daarna vertelde Hij de mens hoe hij een offer moest brengen en stelde Hij vast hoe de mens moest leven – waar hij in het leven op moest letten, waaraan hij zich moest houden, wat hij wel en niet moest doen. Wat God de mens oplegde was allesomvattend en met deze gewoonten, voorschriften en principes standaardiseerde Hij het gedrag van mensen, leidde Hij hun leven, leidde Hij hun inwijding in de wetten van God, leidde Hij hen naar het altaar van God, begeleidde Hij hen in het hebben van een leven te midden van alles wat God had gemaakt voor de mens die vervuld was van orde, regelmaat en matiging. God gebruikte deze eenvoudige voorschriften en principes voor het eerst om grenzen te stellen aan de mens, zodat de mens op aarde een normaal leven zou hebben van aanbidding van God, een normaal mensenleven zou hebben. Dat is de specifieke inhoud van het begin van Zijn zesduizend jaar durende managementplan. De voorschriften en regels behandelen een zeer brede inhoud, zij zijn de details van Gods sturing van de mensheid tijdens het Tijdperk van de Wet, ze moesten geaccepteerd en opgevolgd worden door de mensen die vóór het Tijdperk van de Wet kwamen. Zij zijn een verslag van het door God tijdens het Tijdperk van de Wet uitgevoerde werk en zij zijn het ware bewijs van Gods leiderschap en sturing van de gehele mensheid.

De mensheid is voor altijd onlosmakelijk verbonden aan Gods leringen en voorzieningen

In deze voorschriften zien wij dat de houding van God ten opzichte van Zijn werk, ten opzichte van Zijn management en ten opzichte van de mensheid serieus, gewetensvol, streng en verantwoordelijk is. Hij doet het werk dat Hij onder de mensheid moet doen volgens Zijn stappen, zonder enige discrepantie, de woorden sprekend die Hij moet spreken zonder enige fout of hapering, waarbij Hij de mens laat zien dat Hij onlosmakelijk verbonden is met Gods leiderschap en hoe belangrijk het is wat God tegen de mensheid doet en zegt. Ongeacht hoe de mens er in de volgende eeuw uitziet, kort gezegd, God deed deze simpele dingen in het eerste begin – gedurende het Tijdperk van de Wet. In Gods ogen waren de menselijke concepties van God, de wereld en de mensheid in dat tijdperk abstract en ondoorzichtig, en hoewel men een aantal bewuste ideeën en intenties had, waren alle onduidelijk of onjuist. Dus was de mensheid onafscheidelijk van Gods leringen en voorzieningen voor hem. De vroegste mensheid wist niets en daarom moest God de mens onderwijzen in de oppervlakkigste en meest basale beginselen om te overleven, maar ook levensvoorschriften, om de mens van deze dingen beetje bij beetje te doordrenken en daarmee de mens een geleidelijk begrip van God te geven, een geleidelijke waardering en begrip van Gods leiderschap, en een basisbegrip van de relatie tussen de mens en God, vanwege deze uit woorden bestaande voorschriften en regels. Na het bereiken van dit effect was God pas in staat beetje bij beetje om het werk te doen dat Hij later zou doen. Dus zijn deze regels en het werk dat God heeft gedaan in het Tijdperk van de Wet de basis van Zijn werk om de mensheid te redden en de eerste fase van het werk in Gods managementplan. Hoewel God voorafgaand aan het werk van het Tijdperk van de Wet tot Adam, Eva en hun nakomelingen had gesproken, waren die geboden en leringen niet zo systematisch of specifiek dat ze één voor één aan de mens konden worden gegeven en werden ze niet opgeschreven; noch werden het voorschriften. Dat komt omdat toentertijd Gods plan nog niet zo ver was gegaan. Pas toen God de mens tot deze stap had gebracht, kon Hij beginnen met het spreken over deze regels van het Tijdperk van de Wet en ze door de mens laten uitvoeren. Het was een noodzakelijk proces en het resultaat was onvermijdelijk. Deze eenvoudige gewoonten en voorschriften tonen de mens de stappen van Gods managementwerk en Gods wijsheid die onthuld wordt in zijn managementplan. God weet welke inhoud te gebruiken en wat nodig is om te beginnen, wat nodig is om verder te gaan, en wat te gebruiken opdat Hij een groep mensen kon verwerven die van Hem konden getuigen, Hij een groep mensen kon verwerven die met Hem eensgezind waren. Hij weet wat er in de mens omgaat, wat in de mens ontbreekt. Hij weet waarin Hij moet voorzien, hoe Hij de mens moet leiden, en zo weet Hij ook wat de mens wel en niet zou moeten doen. De mens is als een marionet: hoewel hij geen begrip had van Gods wil, kon hij niet anders dan zich tot op de dag van vandaag stap voor stap door Gods managementwerk laten leiden. Er was geen onduidelijkheid in Gods hart over wat Hij moest doen; in Zijn hart was er een helder en levendig plan, en Hij voerde het werk uit dat Hij Zelf volgens Zijn stappen en Zijn plan wilde doen, zich ontwikkelend van het oppervlakkige tot het diepgaande. Ondanks dat Hij nog niet aangegeven had welk werk Hij later zou doen, voerde Hij nog steeds Zijn verdere werk uit volgens Zijn plan, wat een manifestatie is van wat God heeft en is en ook van het gezag van God. Ongeacht welke fase van Zijn managementplan Hij uitvoert, Zijn gezindheid en substantie vertegenwoordigen Hemzelf. Dit is absoluut waar. Ongeacht het tijdperk of stadium van werk, ongeacht van welk soort mensen God houdt, welk soort mensen Hij verafschuwt, Zijn gezindheid en al wat Hij heeft en is, zal nooit veranderen. Hoewel deze voorschriften en principes die God tijdens het werk van het Tijdperk van de Wet heeft vastgesteld vandaag de dag heel eenvoudig en oppervlakkig lijken voor de mensen, en zelfs al zijn ze gemakkelijk te begrijpen en op te volgen, hierin schuilt nog steeds Gods wijsheid en ook de gezindheid van God en wat Hij heeft en is. Binnen deze blijkbaar eenvoudige regelgevingen wordt Gods verantwoordelijkheid en zorg naar de mensheid uitgedrukt, en de prachtige inhoud van Zijn gedachten, zodat de mens het feit dat God over alle dingen regeert en Zijn hand alles beheerst, zich waarlijk realiseert. Het maakt niet uit hoeveel kennis de mensheid beheerst, of hoeveel theorieën of mysteries hij begrijpt, voor God zijn geen van deze in staat om Zijn voorzieningen aan en leiderschap van de mensheid te vervangen. De mensheid zal voor altijd onafscheidelijk zijn van Gods leiding en het persoonlijke werk van God. Zo is de onlosmakelijke relatie tussen mens en God. Ongeacht of God je een bevel of een voorschrift geeft, of je voorziet van een waarheid om Zijn wil te begrijpen, ongeachte wat God doet, Zijn doel is om de mensheid naar een prachtige toekomst te leiden. Gods uitgesproken woorden en het werk dat Hij doet, zijn zowel de openbaring van een aspect van Zijn wezen als de openbaring van een aspect van Zijn gezindheid en Zijn wijsheid. Ze zijn een onmisbare stap van Zijn managementplan. Dit mag niet over het hoofd worden gezien! Gods wil is in alles wat Hij doet; God is niet bang voor misplaatste opmerkingen, en is ook niet bang voor menselijke opvattingen of gedachten over Hem. Hij doet slechts Zijn werk, en zet Zijn management overeenkomstig Zijn managementplan voort, niet gedwongen door om het even welke persoon, kwestie, of voorwerp.

uit ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Meer weergeven
De wereld wordt in de laatste dagen bestookt met rampen. Welke waarschuwing geeft dat ons? En hoe kunnen wij beschermd worden door God te midden van rampen? Kijk samen met ons naar onze actuele preek die je de antwoorden zal geven.
Neem contact op via Messenger
通过Messenger与我们聊天

Geef een reactie

Delen

Annuleren