253 Wat God het meest haat is de onverzettelijkheid en de terugval van de mensheid

Vers 1

Wat is de kracht die maakt dat de mens

altijd faalt in het kennen van mij?

Waarom houden ze mij op afstand en volgen ze mijn wil nooit?

Waarom kiezen ze er in plaats daarvan voor

mij achter mijn rug om tegen te werken?

Is dit dan hun loyaliteit? En is dit dan hun liefde voor mij?


Refrein

De natuur van de mens blijft onveranderd.

Wat in hun hart is, volgt mijn wil niet.

Wat in hun hart is volgt mijn wil niet.

Het is niet wat ik nodig heb van de mens.

Wat ik het meest haat is de

onverzettelijkheid en de terugval van de mensheid.


Vers 2

Waarom kan de mens nooit spijt betuigen,

spijt betuigen en herboren worden?

Waarom leven ze in een moeras

in plaats van op een plek zonder modder?

Heb ik mensen slecht behandeld?

Hen een verkeerde, onjuiste weg getoond?

Zou het kunnen dat ik hen rechtstreeks naar de hel leid?


Refrein

De natuur van de mens blijft onveranderd.

Wat in hun hart is, volgt mijn wil niet.

Wat in hun hart is volgt mijn wil niet.

Het is niet wat ik nodig heb van de mens.

Wat ik het meest haat is de

onverzettelijkheid en de terugval van de mensheid.


Vers 3

Mensen geven voorkeur aan ‘de hel’.

Wanneer het licht komt, verblindt het hun ogen,

want wat de mens heeft, komt uit de hel.

Maar mensen zijn onwetend:

ze genieten van ‘helse zegeningen’ en ze koesteren deze teder.

Ze zijn bang dat ik deze van hen afneem,

deze ‘bron van bestaan’ van hen afneemt.


Refrein

De natuur van de mens blijft onveranderd.

Wat in hun hart is, volgt mijn wil niet.

Wat in hun hart is volgt mijn wil niet.

Het is niet wat ik nodig heb van de mens.

Wat ik het meest haat is de

onverzettelijkheid en de terugval van de mensheid.


Vers 4

Mensen zijn bang voor mij.

Dat is waarom ze, wanneer ik op aarde kom,

niet dichtbij mij willen komen.

Ze haten het problemen te zoeken,

ze houden van vredig familieleven

en genieten van het ‘geluk op aarde’, het ‘geluk op aarde’.


Refrein

De natuur van de mens blijft onveranderd.

Wat in hun hart is, volgt mijn wil niet.

Wat in hun hart is volgt mijn wil niet.

Het is niet wat ik nodig heb van de mens.

Wat ik het meest haat is de

onverzettelijkheid en de terugval van de mensheid.


Naar ‘Hoofdstuk 27’ van ‘Gods woorden aan het hele universum’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Vorige: 252 Zij die in zonde zijn gevangen zonder berouw zijn niet meer te redden

Volgende: 254 Degenen die Gods woorden niet beoefenen, zullen worden geëlimineerd

De wereld wordt in de laatste dagen bestookt met rampen. Welke waarschuwing geeft dat ons? En hoe kunnen wij beschermd worden door God te midden van rampen? Kijk samen met ons naar onze actuele preek die je de antwoorden zal geven.
Neem contact op via Messenger
通过Messenger与我们聊天

Gerelateerde inhoud

Instellingen

  • Tekst
  • Thema's

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Regelruimte

Paginabreedte

Inhoud

Zoeken

  • Zoeken in deze tekst
  • Zoeken in dit boek