50. Wie staat mij in de weg op het pad naar het hemelse koninkrijk?
In augustus 2020 nodigde een zuster me uit voor een online bijeenkomst van De Kerk van Almachtige God. Door de woorden van Almachtige God te lezen, te zoeken en te onderzoeken, raakte ik ervan overtuigd dat het woord van Almachtige God de stem van God was en dat Almachtige God de teruggekeerde Heer Jezus was. Ik was diep geraakt en heel opgewonden. Ook mijn broers verheugden zich op te terugkomst van de Heer. Ik wist dat ik ze het goede nieuws snel moest vertellen, zodat zij ook het werk van God in de laatste dagen zouden kunnen aanvaarden. Dus predikte ik het evangelie aan mijn derde broer, en hij vertelde onze oudste broer, de kerkleider, over het nieuws van de komst van de Heer. Toen mijn oudste broer erachter was gekomen kwam hij onverwacht die avond snel naar mijn huis … “Hosea, heb jij gezegd dat de Heer Jezus al is teruggekomen en een nieuwe fase van het werk doet? Hoe is dat mogelijk? De Heer Jezus heeft ons onze zonden vergeven. Als Hij terugkeert, tilt Hij ons rechtstreeks het hemelse koninkrijk binnen. Hoe zou Hij nieuw werk kunnen doen?” “Broer, wees niet boos op mij. Hoewel de Heer Jezus ons onze zonden heeft vergeven, kunnen we nog steeds zondigen en onze zondige aard bestaat nog steeds. God zegt: ‘Jullie moeten dus heilig zijn, want Ik ben heilig’ (Leviticus 11:45). Broer, we kunnen de Heer niet zien als we niet heilig zijn en we kunnen het hemelse koninkrijk niet binnen als we niet van onze zonden gezuiverd zijn. Wij hebben God nog steeds nodig om het oordeelswerk te doen om onze zondige aard weg te nemen en het probleem van de zonde bij de wortel aan te pakken –” “De Heer Jezus is gekruisigd om al onze zonden te dragen. De Heer beschouwt ons niet langer als zondaars. Je zegt dat we niet gereinigd zijn, maar dat is jouw eigen idee. Dat staat niet in de Bijbel. Weet je niet wat er in de Bijbel staat? ‘Als uw hart gelooft, zult u rechtvaardig worden verklaard; als uw mond belijdt, zult u worden gered’ (Romeinen 10:10). Zijn we niet al gered door in de Heer te geloven? Waarom zou de Heer nog nieuw werk moeten doen?” “Broer, wat je zegt zijn de woorden van Paulus, niet de woorden van de Heer Jezus. De Heer Jezus heeft nooit gezegd dat zij die door het geloof worden gered het hemelse koninkrijk binnen kunnen gaan. De Heer Jezus zegt duidelijk wie het hemelse koninkrijk kan binnengaan. ‘Niet iedereen die tegen Mij zei, Heer, Heer, zal het koninkrijk der hemelen binnengaan; maar hij die de wil volgt van Mijn Vader, die in de hemelen is’ (Matteüs 7:21). Broer, we moeten Gods wil doen en naar Gods woorden handelen om het hemelse koninkrijk binnen te gaan. Voldoen we aan deze norm? We zondigen nog vaak en we kunnen de woorden van de Heer niet uitvoeren. De Heer Jezus vraagt ons onze naasten lief te hebben als onszelf. Kunnen we dat? Niet alleen kunnen we niet van hen houden, maar we kunnen ook nog jaloers zijn, hen haten en vaak leven we in zonde. We komen niet in aanmerking om het hemelse koninkrijk binnen te gaan. Daarom keert God terug in de laatste dagen om te spreken en het oordeelswerk te doen. Hij doet dit om van de zondige aard van de mensen af te raken, het probleem van onze zonde bij de wortel aan te pakken en mensen grondig te zuiveren en te redden. De Heer Jezus heeft Zelf geprofeteerd: ‘Wie mij afwijst en mijn woorden niet aanneemt heeft al een rechter: alles wat ik gezegd heb zal op de laatste dag over hem oordelen’ (Johannes 12:48). En in de Bijbel staat ‘Want de tijd is gekomen dat het oordeel begint bij het huis van God’ (1 Petrus 4:17).” “Genoeg! Je beweert dat er nog een stadium van het werk is als de Heer terugkeert. Betekent dat niet dat het verlossingswerk van de Heer Jezus zinloos is? Zou dat niet tevergeefs zijn?” Toen ik hoorde wat mijn broer zei, werd ik een beetje bang. Hoe kon ik op zo’n manier communiceren dat hij Gods werk zou begrijpen en zijn ideeën kwijt zou raken? Toen dacht ik aan een passage van de woorden van Almachtige God: “Hoewel Jezus onder de mensheid kwam en veel werk deed, voltooide Hij alleen het werk van het verlossen van de hele mensheid en diende Hij alleen als het zondoffer van de mens; Hij ontdeed de mens niet van zijn gehele verdorven gezindheid. Om de mens volledig van de invloed van Satan te redden, was het niet alleen vereist dat Jezus het zondoffer werd en de zonden van de mens droeg, maar ook dat God zelfs nog groter werk deed om de mens volledig te ontdoen van zijn gezindheid die door Satan was verdorven. En zo, nadat de zonden van de mens waren vergeven, keerde God terug in het vlees om de mens het nieuwe tijdperk binnen te leiden, en begon Hij het werk van tuchtiging en oordeel. Dit werk heeft de mens een hoger rijk binnengebracht. Allen die zich aan Zijn heerschappij onderwerpen, zullen een hogere waarheid genieten en grotere zegeningen ontvangen. Ze zullen echt in het licht leven en ze zullen de waarheid, de weg en het leven verkrijgen” (Het Woord, Deel I, De verschijning en het werk van God, Voorwoord). Gods woorden verhelderden en verlichtten mijn hart. Ik zei tegen mijn broer: “Dat God in de laatste dagen terugkeert om het oordeelswerk te doen, betekent niet dat het verlossingswerk van de Heer Jezus zinloos is. De Heer Jezus heeft de mensen hun zonden vergeven, zodat ze niet meer veroordeeld en geëxecuteerd worden onder de wet, maar wat Hij deed was slechts het verlossingswerk, niet het werk van het zuiveren en redden van mensen. We leven nog steeds in zonde. Zonder Gods oordeelswerk in de laatste dagen ontkomen we niet aan de zonde en kunnen Gods koninkrijk niet binnengaan.” Toen hij begreep dat hij dat niet kon weerleggen, werd hij boos en zei: “Jij gelooft pas heel kort in Almachtige God, maar je hebt al veel geleerd. Wat ik ook zeg, je hebt je antwoord klaar. Ik kan niks zeggen!” Woedend vertrok hij. Ik dacht: hij gelooft in de Heer en verlangt iedere dag naar de komst van de Heer. Waarom onderzoekt hij het dan niet als hij hoort over de terugkomst van de Heer, maar wordt hij zelfs zo boos? Misschien heeft hij teveel religieuze ideeën om dit meteen te accepteren. Ik moet een nieuwe kans vinden om met hem te communiceren.
Toen mijn twee schoonzussen hoorden dat ik in Almachtige God geloofde, kwamen ze al snel naar mij thuis … “Hosea, jij gelooft in Almachtige God, je bidt tot die naam, niet tot de naam van de Heer. Daarmee verraadt je de Heer en word je een afvallige.” “Nou, dat zeggen jullie omdat jullie het nog niet begrijpen. Jullie hebben de woorden van Almachtige God niet gelezen en weten niet dat Hij is de teruggekomen Heer Jezus is. Almachtige God en de Heer Jezus zijn één Geest en één God. God gebruikt verschillende namen in verschillende tijdperken. In het Tijdperk van de Wet was Jehova de naam van God, maar in het Tijdperk van Genade was dat Jezus. Gods naam verandert, maar kun je zeggen dat de Heer Jezus en Jehova niet dezelfde God zijn? Kun je zeggen dat in de Heer Jezus geloven verraad is van Jehova God? Almachtige God, de Heer Jezus en Jehova zijn één God. Hier, Ik laat jullie een video zien. Dan begrijpen jullie het.” Almachtige God zegt: “Ooit ben Ik Jehova genoemd, ooit kenden mensen Mij ook als de Messias en ooit noemden mensen Me met liefde en respect Jezus de Redder. Tegenwoordig ben Ik niet langer de Jehova of Jezus die de mensen in het verleden hebben gekend. In plaats daarvan ben Ik de God die is teruggekeerd in de laatste dagen, de God die het tijdperk ten einde zal brengen; Ik ben de God Zelf die oprijst vanaf het uiteinde der aarde, vervuld van Mijn volledige gezindheid en vol gezag, eer en glorie. Mensen zijn nooit in contact met Mij geweest, ze hebben Mij nooit gekend en ze zijn altijd onwetend geweest ten aanzien van Mijn gezindheid. Vanaf de schepping van de wereld tot op de dag van vandaag heeft geen enkel mens Mij ooit gezien. Dit is de God die in de laatste dagen aan mensen verschijnt, maar onder hen verborgen is. Hij houdt verblijf onder mensen, waarachtig en echt, als de brandende zon en de laaiende vlam, vol kracht en vol gezag. Er is niemand of niets dat niet door Mijn woorden zal worden geoordeeld en er is geen enkel mens of ding dat niet door het branden van het vuur zal worden gezuiverd. Uiteindelijk zullen de vele naties worden gezegend vanwege Mijn woorden en ook aan stukken worden geslagen vanwege Mijn woorden. Zo zullen alle mensen in de laatste dagen zien dat Ik de teruggekeerde Redder ben en dat Ik Almachtige God ben die de hele mensheid overwint. En allen zullen zien dat Ik ooit het zondoffer voor de mens ben geweest, maar dat Ik in de laatste dagen de vlammen van de laaiende zon ben geworden die alle dingen verbranden, en ook de Zon van de rechtvaardigheid die alles onthult. Dit is Mijn werk van de laatste dagen. Ik neem deze naam aan en draag deze gezindheid zodat alle mensen kunnen zien dat Ik de rechtvaardige God ben, en de brandende zon en de laaiende vlam, en zodat allen Mij, de enige ware God, kunnen aanbidden en zodat zij Mijn ware gezicht kunnen zien: Ik ben niet alleen de God van de Israëlieten en Ik ben niet alleen de Verlosser; in plaats daarvan ben Ik de God van alle schepselen in de hemelen, op de aarde en in de zeeën” (Het Woord, Deel I, De verschijning en het werk van God, De Redder is al teruggekeerd op een ‘witte wolk’). Nadat we Gods woorden hadden gelezen, communiceerde ik met mijn schoonzussen: “Gods naam verandert per tijdperk en stadium van Gods werk. God gebruikt verschillende namen in verschillende tijdperken, één naam voor ieder tijdperk, en iedere naam vertegenwoordigt het werk van God in ieder tijdperk. In het Tijdperk van de Wet heeft God onder de naam ‘Jehova’ de wetten uitgevaardigd en de mensheid geleerd op aarde te leven. In het Tijdperk van Genade incarneerde de Geest van God als de Heer Jezus en deed het verlossingswerk voor de mensheid. In de laatste dagen komt God in het vlees als Almachtige God om de waarheid uit te drukken en het oordeels- en zuiveringswerk te doen. Uiterlijk lijken Gods naam en werk te zijn veranderd, maar Gods wezen is onveranderlijk. Dezelfde God is altijd aan het werk geweest om de mensheid te redden.” Ik gaf hun ook een voorbeeld. Als iemand in een ziekenhuis werkt, noemt iedereen hem ‘dokter’, maar als hij op een dag besluit te gaan geven, noemt iedereen hem ‘leraar’, en als hij later gaat prediken in een kerk, noemen anderen hem ‘voorganger’. Snappen jullie? Zijn werk verandert en hoe anderen hem noemen verandert, maar hij is nog steeds dezelfde persoon. Het is nog steeds hij. Zo gebruikt God ook verschillende namen in verschillende tijdperken, maar Zijn wezen en identiteit zijn niet veranderd en Hij is nog steeds dezelfde God. Als we tot de naam van Almachtige God bidden, verraden we de Heer niet en zijn we geen afvalligen, maar verwelkomen we de Heer en volgen in Zijn voetstappen. Terwijl ik praatte, kwamen mijn oudste en derde broer ineens binnen. Mijn oudste broer viel me kwaad in de rede. “Praat niet meer met hem. Je kunt niet van hem winnen. Hij heeft toch altijd een antwoord, wat je ook zegt. Laat maar.” “Hosea, je gelooft in het verkeerde. Het is tijd dat je ermee stopt.” “Je zegt dat Almachtige God de teruggekeerde Heer Jezus is. Preek maar tegen de voorganger. Als de voorganger zegt dat dit de ware weg is, laten we dat dan samen geloven. Maar zo niet, kom dan terug naar de kerk en geloof samen met ons. Jullie zijn allemaal bloedbroeders. Jullie kunnen niet allemaal je eigen weg gaan.” Toen ik zag hoe mijn broers en schoonzussen de voorganger aanbaden, zei ik: “Wij gelovigen zouden God boven alles moeten gehoorzamen en eren. We mogen niet blindelings gehoorzamen wat mensen zeggen. Zeker als het erom gaat de Heer te verwelkomen, mogen we de voorganger niet laten beslissen. De Heer Jezus zei dat Gods schapen Zijn stem horen. We moeten ons erop richten naar Gods stem te luisteren zodat we de Heer kunnen verwelkomen.” Ook zei ik tegen hen: “Toen de Heer Jezus kwam werken, zochten de mensen die in het Jodendom geloofden niet naar Gods stem. Ze volgden de farizeeërs blindelings in hun verzet en veroordeling van de Heer Jezus. Daardoor raakten ze de redding van de Heer kwijt. Dat is een les voor ons.” Maar wat ik ook zei, mijn broers en schoonzussen wilden gewoon niet luisteren en hielden vol dat de voorganger het niet mis kon hebben. Toen ik hun houding zag, dacht ik: “Ze aanbidden de voorganger zozeer dat als hij het aanvaardt, zij het misschien ook aanvaarden.”
Op een dag in januari 2021 kwamen de voorganger en de leiders bij mij thuis, en ik nam de kans waar om het evangelie te verkondigen. “In Mattheus 24:37 staat: ‘Zoals het was in de dagen van Noach, zo zal het zijn wanneer de Mensenzoon komt.’ En in 24:44 staat: ‘Daarom moeten ook jullie klaarstaan, want de Mensenzoon komt op een tijdstip waarop je het niet verwacht.’ In Lucas 17:24-25 staat: ‘Want zoals de bliksem licht geeft wanneer hij van de ene naar de andere kant van de hemel flitst, zo zal de Mensenzoon verschijnen. Maar eerst moet hij veel lijden en door deze generatie verworpen worden.’ De profetie vermeldt ‘wanneer de Mensenzoon komt’ en ‘de Mensenzoon komt’. Wie is dan de Mensenzoon? De Mensenzoon verwijst naar de incarnatie van God. De Heer Jezus was de Mensenzoon, omdat Hij de incarnatie was van de Geest van God. Een geest kan niet de Mensenzoon worden genoemd. Dus betekent de profetie waarin staat dat de Heer terugkeert als Mensenzoon in de laatste dagen, dat Hij in het vlees komt. Als het geestelijk lichaam van de Heer Jezus na de wederopstanding op wolken was afgedaald en in al Zijn prachtige glorie was verschenen, wie had Hem dan durven weerstaan of veroordelen? Toch heeft de Heer Jezus gezegd: ‘Eerst moet hij veel lijden en door deze generatie verworpen worden.’ Hoe is deze profetie vervuld? Alleen als God geïncarneerd komt als de Mensenzoon, die als een gewoon en normaal mens verschijnt, in een vorm die mensen niet herkennen, kan Hij worden veroordeeld en verworpen. Volgens de profetie van de Heer Jezus komt de Heer dus in de laatste dagen terug in het vlees, en dit is absoluut zeker.” “Deze Bijbelverzen vermelden ‘de Mensenzoon’ en dat betekent de Heer Jezus.” “Broeder Elian, de Heer Jezus spreekt heel duidelijk. Het zijn profetieën over de terugkomst van de Heer, niet van de Heer Jezus.” “In de Bijbel staat duidelijk: ‘En dan zal er een teken verschijnen van de Mensenzoon aan de hemel; en dan zullen alle volken van de aarde treuren, en zullen ze de Mensenzoon zien komen op de wolken van de hemel met macht en grote glorie’ (Matteüs 24:30). De Heer komt terug op een wolk, maar jij zegt dat Hij in het vlees komt. Is dat niet tegenstrijdig? We wachten op de Heer Jezus, die op een wolk komt. De tijd is nu nabij, allerlei rampen voltrekken zich en de Heer staat op het punt op een wolk te verschijnen om ons naar het hemelse koninkrijk te brengen. Na al die jaren van geloof in de Heer ben je er bijna, en nou, nou geef je het allemaal op!” “Voorganger Jaxon, de profetie waar je het net over had klopt ook, maar de incarnatie van God spreekt Zijn komst op wolken niet tegen. Deze kwestie begreep ik in het begin niet. Maar daarna, nadat ik de woorden van Almachtige God had gelezen, besefte ik dat de terugkomst van de Heer in twee stappen gaat. Eerst komt Hij in het geheim als de Mensenzoon om de waarheid uit te drukken en het oordeelswerk te doen, en nadat er dan een groep overwinnaars is gevormd, stuurt God rampen om het goede te belonen en het kwade te straffen. Na de rampen daalt God op een wolk af en verschijnt openlijk aan allen. Na die tijd zal iedereen huilen en tandenknarsen, die Almachtige God heeft weerstaan en veroordeeld. Daarmee komen de profetieën dat de Heer op wolken komt helemaal uit: ‘Hij komt te midden van de wolken, en dan zal iedereen hem zien, ook degenen die hem doorstoken hebben. Alle volken op aarde zullen over hem weeklagen’ (Openbaring 1:7).” Toen waren de voorganger en de anderen verbaasd en stil. Ik las hen een passage voor van Almachtige Gods woorden: “Als jullie met je eigen ogen Jezus vanuit de hemel zien neerdalen op een witte wolk, zal dit de tijd van de openbare verschijning van de Zon der rechtvaardigheid zijn. Misschien is dat een tijd voor je van grote opwinding. Toch moet je weten dat het moment waarop jij getuige bent van de afdaling van Jezus vanuit de hemel ook de tijd zal zijn waarin jij naar de hel afdaalt om gestraft te worden, de tijd wanneer het einde van Gods managementplan is verkondigd, en wanneer God de goeden beloont en de kwaden straft. Want het oordeel van God zal voorbij zijn voordat de mens de tekenen ziet, wanneer er alleen uitdrukking van de waarheid is. Zij die de waarheid aanvaarden en niet op zoek zijn naar tekenen, en zo gezuiverd zijn, zullen voor de troon van God zijn gebracht en de omarming van de Schepper zijn binnengegaan. Alleen zij die volharden in het geloof dat ‘de Jezus die niet op een witte wolk rijdt een valse christus is’, zullen aan eeuwigdurende straf onderworpen worden, want ze geloven alleen in de Jezus die tekenen verricht, maar erkennen niet de Jezus die een streng oordeel uitdrukt en het leven en de ware weg vrijgeeft. Daarom kan het pas zo zijn dat Jezus hen aanpakt wanneer Hij openlijk op een witte wolk terugkeert. Ze zijn te eigenwijs, te zelfverzekerd en te arrogant. Hoe kan zulk uitschot door Jezus worden beloond? De terugkeer van Jezus is een grote redding voor hen die de waarheid kunnen aanvaarden, maar voor hen die dat niet kunnen is het een teken van veroordeling. Jullie moeten je eigen pad kiezen, en jullie mogen de Heilige Geest niet lasteren en de waarheid verwerpen. Jullie zouden geen onwetende en arrogante personen moeten zijn, maar mensen die zich onderwerpen aan de leiding van de Heilige Geest en dorsten en zoeken naar de waarheid; alleen zo zullen jullie er baat bij hebben” (Het Woord, Deel I, De verschijning en het werk van God, Tegen de tijd dat je het spirituele lichaam van Jezus ziet, zal God de hemel en de aarde opnieuw gemaakt hebben). Alle aanwezigen waren met stomheid geslagen toen ze de gezaghebbende woorden van God hoorden. Na een tijdje sprak de voorganger. “Zei je net dat dit Gods nieuwe woorden zijn? Dit klopt niet. Gods woorden staan allemaal in de Bijbel en er zijn geen nieuwe woorden van God buiten de Bijbel. Als die bestaan, zijn het toevoegingen aan de Bijbel. In Openbaringen staat duidelijk: ‘Ik verklaar tegenover eenieder die de profetie van dit boek hoort: als iemand er iets aan toevoegt, zal God hem de plagen toevoegen die in dit boek beschreven zijn; en als iemand iets afneemt van wat in het boek van deze profetie staat, zal God hem zijn deel afnemen van de levensboom en van de heilige stad, zoals die in dit boek beschreven zijn’ (Openbaring 22:18-19).” “Voorganger Jaxon, waar staat dat er niet kan worden toegevoegd of geschrapt, worden mensen gewaarschuwd niet willekeurig profetieën in Openbaring toe te voegen of te verwijderen. Het betekent niet dat God geen nieuwe woorden meer zal spreken. De Heer Jezus Zelf heeft gezegd: ‘Ik heb jullie nog veel meer te zeggen, maar jullie kunnen het nog niet verdragen. De Geest van de waarheid zal jullie, wanneer hij komt, de weg wijzen naar de volle waarheid’ (Johannes 16:12-13). De Heer Jezus heeft heel duidelijk gezegd dat als Hij in de laatste dagen terugkeert Hij veel woorden zal spreken om ons alle waarheden binnen te leiden. Zoals jullie het begrijpen, spreekt en werkt God niet meer als Hij in de laatste dagen terugkomt. Hoe kunnen deze woorden van de Heer Jezus dan uitkomen en verwezenlijkt worden? God is de waarheid, de bron van het leven, de altijd stromende fontein van levend water. Jullie beperken Gods woorden en werk tot die in de Bijbel, alsof God alleen de woorden in de Bijbel zou kunnen spreken. Beperken en kleineren jullie God dan niet?” Na mijn woorden sprak voorganger Jaxon niet meer. Ik dacht: vroeger vereerde ik de voorgangers. Ik dacht dat ze bekend waren met de Bijbel en kennis hadden van God. Tot mijn schrik begrijpen ze de Bijbel niet en begrenzen ze Gods werk zelfs. Ik was teleurgesteld.
Na diverse discussies zag de voorganger dat ik vasthield aan mijn geloof en gebruikte veel drogredenen om me in de war te brengen. Ik weerlegde ze met Gods woorden en ik getuigde van Gods werk in de laatste dagen, maar ze luisterden helemaal niet. Aan het einde van de discussie toen voorganger Jaxon zag dat hij het niet kon ontzenuwen, zei hij niets meer. Elian kwam met hem mee en zei tegen mij: “Hosea, we willen dat je stopt met geloven in Almachtige God, omdat we verantwoordelijk zijn voor jouw leven. We doen dit uit liefde. We zijn bang dat je het verkeerde pad opgaat. Mensen die de Bijbel zo goed begrijpen als jij zouden leiders moeten zijn in de kerk en meewerken aan ons werk. Dat zou fantastisch zijn.” Toen ik hem dit hoorde zeggen, dacht ik aan de woorden van de duivel, die in de Bijbel de Heer Jezus verleidde: “De duivel nam hem opnieuw mee, nu naar een zeer hoge berg. Hij toonde hem alle koninkrijken van de wereld in al hun pracht en zei: ‘Dit alles zal ik u geven als u voor mij neervalt en mij aanbidt’” (Matteüs 4:8-9). Dat ze me vroegen leider te worden in de kerk, was de verleiding van de duivel. Ze dachten dat als ze me met prestige en status verleidden, ik akkoord zou gaan. Prestige en status waren veel te belangrijk voor hen! Ze hoorden het nieuws dat de Heer komt, maar in plaats van te zoeken en te onderzoeken, probeerden ze me weg te lokken van de ware weg. Het was zo verraderlijk! Dus wees ik ze af. “Ik ga niet terug naar de kerk. De Heer Jezus is nu teruggekomen om nieuw werk te doen. Hij werkt niet meer in de kerken van het Tijdperk van Genade. Wat heb ik eraan om naar de kerk te gaan? We zouden Gods nieuwe werk moeten aanvaarden en God volgen, anders worden we in de steek gelaten en verstoten door de Heer. Het is net als toen de Heer Jezus kwam om te werken. De discipelen hoorden de woorden van de Heer Jezus, herkenden de stem van de Heer, volgden Hem en kregen Zijn redding, en zij die zich in de tempel aan de wet hielden werden verlaten en verstoten door de Heer. Juist jullie moeten je bewust zijn van dit feit. De Heer is teruggekomen tijdens de laatste dagen. Als we niet naar Zijn stem luisteren, hoe kunnen we Hem dan verwelkomen? De Heer Jezus zei: ‘Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij’ (Johannes 10:27). In Openbaring staat ook geprofeteerd: ‘Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt’ (Openbaring 2, 3). ‘Ik sta voor de deur en klop aan. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal ik binnenkomen, en we zullen samen eten, ik met hem en hij met mij’ (Openbaring 3:20). Voorganger Jaxon, bij het verwelkomen van de Heer is luisteren naar Zijn stem het allerbelangrijkste. Als iemand getuigt dat Hij teruggekomen is, moeten wij onze opvattingen aan de kant schuiven, zoeken en onderzoeken. Anders kunnen we de Heer niet verwelkomen en het hemelse koninkrijk niet binnengaan.” “We hoeven niet naar Gods stem te luisteren, we kunnen gewoon wachten tot de Heer op een wolk komt om ons Zijn koninkrijk binnen te brengen. Als de dag komt dat de Heer Jezus op een wolk komt en wij degenen zijn die wenen en tandenknarsen, dan dragen wij de verantwoordelijk. Maar ik moeten jou dingen duidelijk maken. Geef ons niet de schuld van jouw ketterij en als jij het verkeerde pad opgaat. Als je bij wil draaien, ben je nog steeds welkom in de kerk. Ik geef je nog een paar dagen om erover na te denken. Kom over zeven dagen naar de kerk en geef me je antwoord. En ik waarschuw je, je mag het evangelie niet verkondigen in de kerk. Als er iemand in de kerk door jou in Almachtige God gaat geloven, zul je ervoor boeten!” Toen de voorganger klaar was, zei hij tegen mijn familie: “We hebben zoveel gezegd, maar hij luistert niet. Jullie zijn zijn familie, probeer hem dan te overtuigen.” Nijdig ging de voorganger toen weg.
Mijn familie was heel boos toen ik niet naar de voorganger luisterde, dus kwamen ze me allemaal uitfoeteren en mijn tweede broer dreigde zelfs met geweld. “We hebben de voorganger gebeld en je hebt ons in verlegenheid gebracht. De voorganger heeft zoveel gezegd, maar jij wilde niet luisteren en je blijft in Almachtige God geloven. Dus ik sla je dood!” “Alsjeblieft, wat heb ik gedaan dat je me wil slaan? De Heer is gekomen. Ik heb alleen maar naar Zijn stem geluisterd en Hem welkom geheten. Waarom behandelen jullie me zo? Geloven jullie nog in God?” “Je luistert niet eens naar de voorganger. Wat is er met jou aan de hand?” “Geloof je in God of in de voorganger? Alleen omdat ik Gods werk van de laatste dagen aanvaard, hindert en stoort de voorganger me zo. Ik vind dat de voorganger en die leiders hypocriete farizeeën zijn. Nu God is teruggekeerd, doet Hij nieuw werk en heeft Hij zoveel waarheden uitgedrukt, maar zij zoeken en onderzoeken zichzelf niet, en ze verhinderen anderen de Heer te verwelkomen. Ze gebruiken zelfs status om me weg te lokken van de ware weg en zeggen dat het in het belang van mijn leven is. Is dat niet gewoon een leugen? Ze willen me in de val lokken en ruineren! De Heer Jezus ontmaskerde de farizeeën met de woorden: ‘Wee jullie, schriftgeleerden en farizeeën, huichelaars, jullie versperren de mensen de toegang tot het koninkrijk van de hemel. Jullie gaan er zelf niet binnen, maar laten ook degenen die er willen binnengaan niet toe. […] Jullie bereizen zee en land om één enkele proseliet te winnen, en wanneer je hem eenmaal voor je gewonnen hebt, wordt hij dankzij jullie iemand die voor de Gehenna bestemd is, meer nog dan jullie zelf’ (Matteüs 23:13, 15). Wat is het verschil tussen de voorganger en de leiders en de farizeeërs? Hoe kunnen jullie aan hun kant staan?” “Als de voorganger je uit de kerk zet, zijn wij geen broers meer en maakt het ons niet uit of je leeft of doodgaat. Betaal het geld dat je ons schuldig bent terug. We willen het binnen twee weken.”
Ik was heel verdrietig omdat ze zo harteloos waren. Als ze het moeilijk hadden, deed ik mijn best om ze te helpen, maar nou behandelden ze me zo. Hoe zijn de goede broers die ik vroeger kende hier terecht gekomen? Hoe waren deze mensen mijn familie? Die nacht lag ik in bed en kon niet slapen. Het was zo pijnlijk om aan te denken dat ik mijn tranen niet kon bedwingen. Ik bad tot God en vroeg Hem om geloof en om me te leiden naar begrip van Zijn wil, zodat ik wist hoe ik deze omgeving moest ondergaan. Ik herinnerde me dat de Heer Jezus had gezegd: “Denk niet dat ik gekomen ben om op aarde vrede te brengen. Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard. Want ik kom een wig drijven tussen een man en zijn vader, tussen een dochter en haar moeder en tussen een schoondochter en haar schoonmoeder; de vijanden van de mensen zijn hun eigen huisgenoten!” (Matteüs 10:34-36). “Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte dan jullie” (Johannes 15:18). De woorden van de Heer zijn waar en de profetieën van de Heer zijn uitgekomen. Gewoon omdat ik Gods werk van de laatste dagen aanvaardde, probeerden mijn voorganger en broers me te belemmeren en te vervolgen. Ze hadden geen hekel aan mij, maar aan God. Toen ik over de gebeurtenissen van de afgelopen dagen had nagedacht, was ik God dankbaar. Gods woord had me geholpen de verstoring en belemmering van mijn voorganger en familie te overwinnen en gaf me ook enig inzicht.
Op een dag hoorde een zuster van mijn situatie en ze stuurde me een passage van de woorden van Almachtige God: “Wees niet ontmoedigd, wees niet zwak. Ik zal je dingen onthullen. De weg naar het koninkrijk is niet zo vlak; niets is zo eenvoudig! Jullie willen dat zegeningen makkelijk komen, nietwaar? Iedereen zal tegenwoordig bittere beproevingen moeten doorstaan. Zonder dergelijke beproevingen zal het liefhebbende hart dat jullie voor Mij hebben niet sterker worden en zullen jullie geen werkelijke liefde voor Mij hebben. Zelfs als deze beproevingen slechts bestaan uit geringe omstandigheden, zal iedereen ze toch moeten doorstaan. Het is alleen zo dat de heftigheid van de beproevingen zal variëren. Beproevingen zijn een zegening van Mij. Hoeveel van jullie knielen vaak voor Mij en smeken om Mijn zegeningen? Dwaze kinderen! Jullie denken altijd dat een paar gunstige woorden gelden als Mijn zegening, maar jullie geloven nooit dat bitterheid Mijn zegening is. Degenen die in Mijn bitterheid delen, zullen zeker in Mijn zoetheid delen. Dat is Mijn belofte en Mijn zegening voor jullie. Aarzel niet om te eten en te drinken en te genieten van Mijn woorden. Wanneer de duisternis verdwijnt, zal er licht zijn. Het is het donkerst voor zonsopkomst; daarna wordt de lucht geleidelijk lichter en dan komt de zon op. Wees niet bang of timide” (Het Woord, Deel I, De verschijning en het werk van God, Uitspraken van Christus aan het begin, hfst. 41). Ze communiceerde met me: “Wij geloven in Almachtige God en verwelkomen de Heer, maar Satan wil niet dat we gered of gewonnen worden door God. Daarom gebruikt hij diverse manieren om ons te belemmeren en te verstoren. Maar God staat dit toe. Waarom? God wil laten zien of het geloof van mensen als waar of onecht is. Iemand met echt geloof, een schaap van God, doorstaat die proef. Hoezeer Satan hem ook verstoort, hij blijft God volgen. Zij die God niet toebehoren, die niet echt geloven, trekken zich terug als Satan hen verstoort. Dit is Gods wijsheid uitgeoefend op basis van Satans listen. Je wordt nu gestoord en belemmert door je voorganger en je familie. Dat is een test. Na deze ervaring zul je enige waarheid begrijpen en bepaalde dingen duidelijk zien. Ook zul je weten hoe je een ware gelovige van een onechte kunt onderscheiden en geloof in God kunt ontwikkelen, allemaal dingen die we in een comfortabele omgeving niet voor elkaar krijgen. Dit lijden is de moeite waard.” Na de communicatie van de zuster begreep ik dat de belemmering en verstoring van de voorganger en mijn familie mensenwerk leek, maar in feite verstoring was door Satan die probeerde me Gods redding te laten verliezen. Satan is echt verachtelijk. Door dit incident kreeg ik enig inzicht in de voorganger en werd mijn verlangen God te volgen steviger. Toen mijn oom een paar dagen later zag dat ik nog steeds in Almachtige God geloofde kwam hij om me ervan af te brengen. “Hosea, luister nou eens naar mij. Kom terug. Wat ga je doen als de voorganger je uit de kerk zet? Als je in de toekomst problemen krijgt of ziek wordt, wie helpt je dan?” “Eindelijk heb ik de Heer verwelkomd, dus wat er ook gebeurt, ik volg Almachtige God. Ik ga niet terug naar de kerk.” “Jij weet niet net zoveel als de voorganger. In zaken van het geloof in God moeten we naar de voorganger luisteren.” “Toen de Heer Jezus kwam werken, dachten de gelovigen in het Jodendom ook dat de farizeeërs het beter wisten en ze volgden hen in hun verzet en veroordeling van de Heer. Daardoor werden ze vervloekt en gestraft. Als gelovigen in God moeten we luisteren naar Gods woorden. Als de woorden en daden van de voorganger niet met Gods woorden overeenkomen, moeten we er niet naar luisteren. Ik heb de voorganger verteld dat God in de laatste dagen terugkeert om veel waarheden uit te drukken, wat bewezen wordt in de Bijbel en de profetieën van de Heer Jezus en hij kon dat niet weerleggen, maar had helemaal geen behoefte om het te onderzoeken. Hij probeerde me ervan te weerhouden de Heer te verwelkomen en ik mocht het niet met mijn broeders en zusters delen. Vind jij dat dat overeenkomt met Gods woorden? Oom, je zoekt en onderzoekt Gods werk van de laatste dagen niet. Je luistert naar alles wat de voorganger zegt. Je hebt de woorden van Almachtige God nooit gelezen, hoe kun je dan weten of ze waar of onwaar zijn? Het is net als een rivier oversteken. Als iemand zegt dat het water diep is, en iemand anders zegt van niet, wie geloof je dan? Kom je niet pas achter de waarheid als je er zelf doorheen waadt? Als je in de Heer gelooft, maar niet naar Hem luistert en vasthoudt aan luisteren naar de voorganger, ga jij dan uiteindelijk ook naar de hel als de voorganger naar de hel gaat? Leidt de blinde dan niet de blinde de gracht in?” “Ben je niet bang dat de voorganger je zal aangeven en laten arresteren?” “Al geeft hij me aan, wat de overheid me ook aandoet, al word ik vervolgd, ik moet Almachtige God volgen.” Die dag probeerde mijn oom me de hele tijd over te halen, maar ik luisterde niet naar hem. Om te voorkomen dat de voorganger en de leiders me weer lastig zouden vallen ging ik een week later naar hen toe en vertelde hen dat ik vastbesloten was om in Almachtige God te geloven en niet naar de kerk terugkwam en ik vroeg hen niet meer met mij te praten. Onverwachts weigerde de voorganger het op te geven. Hij zei tegen me: “Deze Bliksem uit het oosten waarin jij gelooft is niet de terugkeer van de Heer. Als je blijft geloven, verraad je de Heer.” Ik zei tegen hem: “De Heer Jezus heeft Zijn terugkeer voorspeld met de woorden: ‘Want zoals een bliksemschicht vanuit het oosten weerlicht tot in het westen, zo zal ook de Mensenzoon komen’ (Matteüs 24:27). Komt deze profetie niet uit met de verschijning van Bliksem uit het oosten?” Toen voorganger Jaxon zag dat hij dit niet kon weerleggen, werd hij kwaad en begon Gods werk te veroordelen. Ik werd heel boos van zijn woorden. Ik herinnerde me dat de Heer Jezus had gezegd: “Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij” (Johannes 10:27). Gods schapen horen Zijn stem. De voorganger en leiders begrijpen Gods stem niet en ze veroordelen God. Het zijn Gods schapen niet. Ze behoren de duivel toe. Ik zei tegen hen: “In het verleden veroordeelden de farizeeërs de Heer Jezus. Nu jullie hebben gehoord dat de Heer is teruggekomen, zoeken en onderzoeken jullie niet. Zelfs nu jullie zien hoe goed de woorden van Almachtige God worden gesproken, blijven jullie veroordelen en je verzetten. Zijn jullie niet gewoon moderne farizeeërs?” De voorganger en leiders waren heel kwaad toen ik dit zei, dus probeerden ze me op een andere manier te dwingen. “Nu je er zo zeker van bent dat je in Almachtige God wilt geloven, laten we een verklaring opstellen die je tekent en waarin staat dat je niet in de Heer Jezus gelooft.” “Waarom zou ik die tekenen? Almachtige God is de wederkomst van de Heer Jezus en ik geloof in Almachtige God, en daarmee verwelkom ik de Heer. Hoe kunnen jullie zeggen dat ik niet in de Heer Jezus geloof? Dat is toch de feiten verdraaien? Toen de Heer Jezus kwam werken, verlieten volgens jullie Zijn discipelen zoals Petrus en Johannes allemaal de tempel en volgden de Heer Jezus. Kun je dan zeggen dat ze Jehova God hebben verraden? Zeker niet. Ze gingen mee met Gods nieuwe werk. Zo is mijn geloof in Almachtige God nu de Heer Jezus is teruggekomen om het nieuwe werk te doen, in de voetsporen van het Lam treden. Hoe kan dit verraad van de Heer Jezus zijn? Zoiets teken ik niet!” “Je moet deze verklaring tekenen en je broers en ouders ook om te bewijzen dat je uit jezelf de kerk hebt verlaten, dat we jou er niet uit hebben gezet.” Toen zag ik de bedoeling van de voorganger. Als ik verklaarde dat ik niet in de Heer Jezus geloofde maar in Almachtige God, hield dat dan geen ontkenning in dat Almachtige God en de Heer Jezus één God zijn? Als ik tekende werd ik hun bewijs om Almachtige God te ontkennen en veroordelen. Ze waren zo duister en gemeen! Als ze deze verklaring aan de Vietnamese regering gaven, zou ik vervolgd worden. Dat was hun laaghartige bedoeling. Die avond bleven we discussiëren tot na tienen, maar wat ik ook zei, het leek wel alsof de voorganger het niet kon begrijpen. Hij was onbeleefd en onredelijk, dus had ik hen niets meer te zeggen. Toen mijn familieleden de volgende dag het nieuws hoorden, kwamen ze naar mij thuis om me te beschuldigen. “Je vader en ik hebben zo hard gewerkt om je groot te brengen en nu laat je ons in de steek? Je hebt geen geweten!” “Mam, Ik heb je niet in de steek gelaten. Ik heb je vaak het evangelie verkondigd, maar je gelooft het niet. Je luistert niet naar Gods woorden, alleen naar die van de voorganger. Dat is jouw eigen keuze.” “Van nu af aan ben je mijn zoon niet!” “Vanaf nu gaan we ieder onze eigen weg. Wij zijn geen broers meer. Wat voor moeilijkheden je in de toekomst ook krijgt, we zullen je niet helpen.” “Dat is dan aan jullie. Ik geloof gewoon in God en dan vervolgen jullie me zo, laten me kiezen tussen jullie en God. Natuurlijk kies ik dan God. Maar ik heb nooit gezegd dat jullie mijn ouders en broers niet zijn. Dat zijn jullie woorden.”
Daarna ging ik niet meer naar de kerk. Ik dacht dat de voorganger en leiders me niet meer lastig zouden vallen. Maar op een dag in april kwam een er financieel medewerker van de kerk onverwacht naar me toe en hij hield vol dat ik naar de kerk moest komen om een verklaring van ongeloof in de Heer Jezus te ondertekenen. Ik was woedend. Deze mensen lieten me niet met rust. Waarom waren ze zo verachtelijk? Nadat ik hem had weggestuurd, kalmeerde ik mezelf en bad tot God en ik dacht aan een passage van Almachtige Gods woorden: “Wanneer God werkt – wanneer God voor een persoon zorgt en hem nauwkeurig onderzoekt, en wanneer Hij hem waardig bevindt en hem goedkeurt – volgt Satan op de voet, in een poging hem te misleiden en ernstig te schaden. Aangezien God deze persoon wil winnen, doet Satan alles wat in zijn macht ligt om in de weg te staan, waarbij hij verschillende verachtelijke methoden gebruikt om het werk van God te verstoren en te schaden, teneinde zijn weerzinwekkende doel te bereiken. Wat is dit doel? Hij wil niet dat God wie dan ook wint; hij wil degenen wegrukken die God van plan is te winnen, zodat hij hen in bezit kan nemen, hen kan beheersen en over hen kan heersen, zodat zij hem aanbidden en samen met hem kwaad doen om God te weerstaan. Is dit niet de duistere beweegreden van Satan? Jullie zeggen vaak dat Satan heel kwaadaardig, heel slecht is, maar hebben jullie dat ook gezien? Jullie kunnen zien hoe slecht de mensheid is; jullie hebben niet gezien hoe slecht de echte Satan is. Maar toch hebben jullie duidelijk gezien hoe slecht Satan was in het geval van Job. Deze kwestie heeft het verfoeilijke gelaat van Satan en zijn wezen heel duidelijk gemaakt. Met het oorlog voeren tegen God en het achtervolgen van God is het Satans bedoeling om al het werk dat God wil doen te vernietigen, om al degenen die God wil winnen te bezetten en te beheersen, om degenen die God wil winnen volledig te gronde te richten. Als ze niet te gronde gaan, komen ze in het bezit van Satan om door hem te worden gebruikt – dat is zijn doel” (Het Woord, Deel II, Over het kennen van God, God Zelf, de unieke IV). Toen ik Gods woorden had overdacht, zag ik Satans listen duidelijker. Ik zag dat deze voorgangers en ouderlingen Satan toebehoorden. Het waren de handlangers van Satan. Ze probeerden mij op alle mogelijke manieren te belemmeren en te storen in mijn geloof in Almachtige God om me bij God weg te halen. Ze vroegen me een brief te tekenen waarin ik de Heer Jezus verloochende zodat ze een excuus hadden om me te veroordelen. Zij hadden zo’n gemeen hart! Van het begin tot het einde speelden ze de rol van Satan. Later doorzag mijn familie ook de bedoelingen van de voorganger. Ze beseften dat hij me wilde laten tekenen zodat hij me kon aangeven. Mijn moeder zei tegen me: “Hosea, teken die brief niet. De voorganger is vreselijk. Je hebt niets verkeerd gedaan door in God te geloven en toch behandelt hij je zo. Als jij vervolgd wordt, laat ik hem daar niet mee wegkomen!” Vroeger aanbad ik de voorgangers altijd. Ik dacht dat ze de Heer dienden en dat je door hen te helpen de Heer liefhad, dus gaf ik ze vaak offergaven, zowel geld als goederen. Als hun auto kapot ging, repareerde ik die altijd, wat het ook kostte. Door deze ervaring zie ik nu het ware gezicht van de voorgangers. In naam van de bescherming van de kudde weerhouden ze mensen ervan de ware weg te onderzoeken, of de Heer te verwelkomen en het hemelse koninkrijk binnen te gaan. Ze willen ons alleen maar allemaal onder de duim houden, zodat we meer geld geven en hen steunen. Ze vormen struikelblokken voor mensen om het hemelse koninkrijk binnen te gaan.
Het is precies zoals in de woorden van Almachtige God staat: “Er zijn mensen die de Bijbel lezen in majestueuze kerken en deze de hele dag lang reciteren, maar toch begrijpt niet één van hen het doel van Gods werk. Niemand van hen is in staat God te kennen en nog minder kan iemand van hen in overeenstemming zijn met Gods bedoelingen. Ze zijn allemaal waardeloze, minne mensen, die allen vanuit de hoogte ‘God’ de les lezen. Het zijn mensen die Gods banier dragen, maar zich toch moedwillig tegen God verzetten, die het etiket van geloof in God dragen terwijl ze het vlees van de mens eten en het bloed van de mens drinken. Zulke mensen zijn allemaal kwaadaardige duivels die de ziel van de mens verslinden, hoofddemonen die opzettelijk verstoren dat mensen het juiste pad inslaan, en struikelblokken die belemmeren dat mensen God zoeken. Ze lijken misschien een ‘gezond gestel’ te hebben, maar hoe kunnen hun volgelingen weten dat ze niets anders dan antichristen zijn die mensen ertoe aanzetten zich tegen God te verzetten? Hoe kunnen hun volgelingen weten dat ze levende duivels zijn, gericht op het verslinden van mensenzielen?” (Het Woord, Deel I, De verschijning en het werk van God, Alle mensen die God niet kennen zijn mensen die God weerstaan). Ik ben dankbaar voor Gods bescherming. Het was het woord van Almachtige God dat mij stap voor stap leidde, me Satans listen liet doorzien, duidelijk liet zien hoe voorgangers de waarheid haten en God weerstaan, me volledig uit de slavernij van de boze dienaren en antichristen bevrijdde en naar Gods huis liet terugkeren. Mijn hart was met dankbaarheid vervuld voor God! Nu geniet ik dagelijks van de voorziening van Gods woord, verkondig het evangelie en getuig voor God met mijn broeders en zusters en voel me voldaan en gelukkig! God zij dank!