De app van De Kerk van Almachtige God

Luister naar Gods stem en verwelkom de wederkomst van Heer Jezus!

We nodigen alle zoekers van de waarheid uit om contact met ons op te nemen.

Het Woord verschijnt in het vlees

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Paginabreedte

0 zoekresulta(a)t(en)

Geen resultaten gevonden

De negenenvijftigste uitspraak

Zoek mijn wil meer in de omgeving waarin je je bevindt en je zult mijn goedkeuring zeker verkrijgen. Zolang je bereid bent om op zoek te gaan en mij in je hart blijft vereren, zal ik je alles schenken waar het jou aan ontbreekt. De kerk begint nu aan een formele oefenperiode en alle dingen komen op het juiste spoor. De dingen zijn niet langer zoals ze waren toen je een voorproefje kreeg van wat er komen ging. Jullie moeten niet langer verward zijn of zonder onderscheidingsvermogen. Waarom eis ik dat jullie in alles de werkelijkheid betreden? Heb je dit echt ondervonden? Kunnen jullie mij werkelijk tevreden stellen in datgene wat ik van jullie verlang, net zoals ik jullie tevreden stel? Wees niet bedrieglijk! Het is niets anders dan mijn tolerantie voor jullie, keer op keer, en toch zijn jullie herhaaldelijk niet in staat om te onderscheiden wat goed is voor jullie, en tonen jullie gebrek aan waardering!

Mijn rechtvaardigheid, mijn majesteit, mijn oordeel en mijn liefde – al deze dingen die zijn wat ik heb en wat ik ben – heb je ze werkelijk geproefd? Je bent werkelijk zo onnadenkend en je neemt mijn wil niet waar. Keer op keer heb ik jullie gezegd dat het feestmaal dat ik bereid, door jullie zelf geproefd moeten worden, maar keer op keer verwerpen jullie dat en kunnen jullie geen goede van een slechte omgeving onderscheiden. Welke van deze omgevingen zijn door jullie zelf geschapen? En welke zijn door mijn handen ingericht? Je hoeft jezelf niet te verdedigen! Ik zie alles heel duidelijk – jullie zijn er gewoon niet naar op zoek gegaan. Wat kan ik nog meer zeggen?

Ik zal iedereen die mijn wil waarneemt voortdurend tevreden stellen en ik zal niet toestaan dat zij lijden of dat hun iets overkomt. Het belangrijkste is nu dat jullie in staat zijn om actie te ondernemen in overeenstemming met mijn wil, en zij die dat doen zullen zeker mijn zegen ontvangen en onder mijn bescherming staan. Wie van jullie kan zich werkelijk volledig uitputten voor mij en zichzelf volledig opofferen aan mij? Jullie zijn allemaal halfslachtig, jullie gedachten gaan steeds maar rond, denkend aan thuis, aan de buitenwereld, aan voedsel en kleding. Ondanks het feit dat je voor mij staat en dingen voor mij doet, denk je in je hart nog steeds aan je vrouw, je kinderen en je ouders thuis. Zijn die allemaal jouw eigendom? Waarom leg je ze niet in mijn handen? Geloof je niet genoeg in mij? Of ben je soms bang dat ik ongepaste regelingen voor jou zal treffen? Waarom heb je altijd heimwee? En mis je andere mensen! Neem ik een bepaalde plek in in jouw hart? En nog altijd praat je erover mij heerschappij te geven in jou en jouw hele wezen in te laten nemen – allemaal bedrieglijke leugens! Hoeveel van jullie zijn met heel je hart voor de kerk? En wie van jullie denkt niet aan zichzelf, maar is voor het koninkrijk van vandaag? Denk hier heel goed over na.

Jullie hebben in zo’n sterke mate druk op mij uitgeoefend, dat ik alleen mijn handen kan gebruiken om jullie aan te sporen; ik zal jullie niet langer overreden. Dat komt omdat ik een wijze God ben, en ik behandel verschillende mensen op verschillende manieren, afhankelijk van hoe trouw jullie aan mij zijn. Ik ben de almachtige God – wie durft mijn stappen voorwaarts te belemmeren? Een ieder die ontrouw aan mij durft te zijn, op hen zal voortaan stellig steeds de hand van mijn bestuurlijke decreten neerkomen, zodat zij mijn almachtigheid zullen kennen. Wat ik verlang is niet een groot aantal mensen, maar een select groepje. Degene die ontrouw of oneerlijk is, die zich bezighoudt met vals gedrag en bedrog, zal ik verzaken en straffen. Denk niet langer dat ik genadig ben of dat ik liefdevol en vriendelijk ben; daarmee geef je alleen maar toe aan jezelf. Ik weet dat hoe meer ik aan jou toegeef, hoe negatiever en passiever je wordt, en dat je niet meer bereid bent om jezelf over te geven. Als mensen zo moeilijk zijn, kan ik ze alleen maar aansporen en ze steeds maar meeslepen. Weet dit dan! Van nu af aan ben ik de God die oordeelt; ik ben niet langer de genadige, vriendelijke en liefdevolle God die de mens zich verbeeldt!

Vorige:De achtenvijftigste uitspraak

Volgende:De zestigste uitspraak

Mogelijk vindt u dit ook interessant