De app van De Kerk van Almachtige God

Luister naar Gods stem en verwelkom de wederkomst van Heer Jezus!

We nodigen alle zoekers van de waarheid uit om contact met ons op te nemen.

Getuigenissen van ervaringen met het oordeel van Christus

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Paginabreedte

0 zoekresultaten

Geen resultaten gevonden

Buitenstaanders discrimineren is te kwaadaardig

Door Xiaojin, provincie Zhejiang

In februari 2007 ontving de kerk een werkarrangement met de titel ‘Bewater en bevoorraad de nieuwe gelovigen om hen te helpen zo snel mogelijk wortel te schieten’. Het beklemtoonde dat “Ze moeten al degenen die effectief en ervaren zijn gebleken in het bewateren van nieuwe gelovigen opnieuw aanwijzen om deze taken uit te voeren. Degenen die niet geschikt zijn voor het bewateren van nieuwe gelovigen moeten beslist niet voor deze functie worden gebruikt en dienen te worden overgeplaatst zodat het werk niet wordt opgehouden” (Communicatie van boven). Na het zien van dit arrangement, in plaats van de principes te gebruiken om te meten of ze geschikt was of niet, had ik enkele vooroordelen over de zuster van ons district die de nieuwe gelovigen water gaf: “Deze persoon voerde plichtmatig haar plicht uit en vestigde geen aandacht op het eten en drinken van de woorden van God. Daarnaast bekommerde ze zich om het vlees, en dus was ze niet geschikt voor het bewateren van de nieuwe gelovigen. En nog belangrijker, ze dacht dat ze van een bepaald kaliber was en dus werd ze arrogant en keek ze neer op anderen. De laatste keer ging ze naar de hoogste leider en sprak ze slecht over mij. Mijn werk eiste het, maar anders zou ik haar verder geen aandacht geschonken hebben.” Terwijl ik daaraan dacht maakte ik een plan: Waarom zou ik niet profiteren van deze kans en haar laten vervangen, zodat ik haar niet meer hoefde te zien? Is ze dan niet arrogant? Ik laat haar gewoon vervangen en dan zal ik zien hoe trots ze is!

Op die manier woog ik de effectiviteit van haar werk niet mee en dacht ik niet in het belang van de kerk. Ik wilde haar enkel zo snel mogelijk vervangen. Daarna plaatste ik onachtzaam een kerkleider over naar het district om de plicht van het bewateren uit te voeren. Naar mijn mening kon deze persoon ontberingen doorstaan, sprak ze aardige woorden en werkte ze snel. Ze had mededogen met mensen en was geschikt voor het werk van bewateren. Ik besefte niet dat de hoogste leiders vonden dat deze persoon ongeschikt was en dat de oorspronkelijke zuster best geschikt was. Ik deed mijn best om goed te praten over deze kerkleider, zelfs tot op het punt waarop ik zei dat er geen betere was dan zij. Op het moment waarop ik hun suggesties niet wilde accepteren, ontving ik het nieuws dat deze kerkleider in het oog gehouden werd door de grote rode draak. Zonder een andere keuze te hebben, legde ik mijn persoonlijke ideeën naast me neer en stelde ik de oorspronkelijke zuster met tegenzin opnieuw aan. Mijn hart was ernstig verstoord en depressief en ik voelde me alsof ik nergens mijn frustraties kon ventileren.

Dit bleef duren totdat ik op een dag in een passage van de preek van de man las: “Hoezeer de behandeling door degenen die als leiders fungeren over hun broeders en zusters die zij onaangenaam vinden, die hen tegenwerken en die volledig andere standpunten innemen dan zij, een zeer ernstige kwestie is en met voorzichtigheid moet worden behandeld. Als zij niet de waarheid van deze kwestie binnentreden, zullen zij dergelijke mensen vast en zeker discrimineren en bekritiseren wanneer ze met een dergelijk geval te maken krijgen. Deze wijze van handelen is precies een uitdrukking van de natuur van de grote rode draak die zich tegen God verzet en Hem verraadt. Als degenen die als leiders fungeren de waarheid nastreven, en over een geweten en verstand beschikken, zullen zij de waarheid zoeken en correct met deze kwestie omgaan” (Communicatie van boven). Op dit moment kon ik niet anders dan denken aan de recente verplaatsing van het bewateringspersoneel in het district. Op dat moment belette God het mij iets verderfelijks te doen om Zijn eigen werk te verdedigen, wat mijn plan tot succes in de weg stond. Maar de satanische natuur en het gif van de grote rode draak in mij kwamen volledig aan het licht. e arbeidsbepaling benadrukte duidelijk al het mogelijke te doen om nieuwe gelovigen te bewateren en geschikt bewateringspersoneel over te plaatsen. Maar ondanks Gods drang om mensen te redden en zonder te denken aan het degelijk uitvoeren van het werk nam ik de vrijheid om de persoon die mij had beledigd te discrimineren en aan te vallen. Gebruikte ik, terwijl ik dat deed, niet dezelfde afschuwelijke methode als de grote rode draak om buitenstaanders te elimineren? Was dit God dienen? Het was simpelweg mensen onderdrukken en hen discrimineren. Het was het werk van de kerk onderbreken en verstoren. Ik ben werkelijk diep verdorven door Satan. Mijn acties waren niet anders dan die van de grote rode draak. De grote rode draak gebruikt deerniswekkende manieren om buitenstaanders te elimineren. Ik was ook de persoon die mij had beledigd, aan het vervangen onder het mom van het in praktijk brengen van de arbeidsregeling. De grote rode draak promoot hen die hij vertrouwt en ik promootte iemand waarvan ik persoonlijk dacht dat ze goed, iemand die mijn mening staafde. De grote rode draak volgt de satanische code van ‘Zij die zich overgeven, zullen bloeien; zij die zich verzetten, zullen verwelken’. Ook gebruikte ik mijn ‘gezag’ om de persoon die mij beledigd had en die een mening had over mij, te wreken. De grote rode draak verdraait feiten; het is onterecht en oneerlijk. Ik was emotioneel toen ik de persoon die niet voldeed aan mijn wil, blind kritiek gaf. Ik sprak met volharding ten gunste van de persoon die ik mocht, tot het zelfs overdreven werd en ik de feiten tegensprak. … Nu zie ik dat het gif van de grote rode draak diep geworteld zit in mij. Het is een deel van mijn leven geworden, in die mate dat het elk aspect van mijn gedrag beïnvloedt. Het gif van de grote rode draak maakt mij onguur en kwaadwillig; het maakt mijn ziel lelijk, deerniswekkend, weerzinwekkend, waardoor ik mij zonder het zelf te willen, verzet tegen God. Als God niet verlicht was, dan zou ik nu nog steeds in mijn eigen verdorvenheid leven en ik zou nog steeds piekeren over mijn mislukte motieven. Ik zou ongetwijfeld niet beseffen dat ik mijn rede en geweten compleet kwijt was en dat mijn gedrag Gods gezindheid had beledigd.

Almachtige God, uw openbaringen hebben mij doen inzien dat mijn natuur te slecht en deerniswekkend is. Ik ben helemaal de belichaming van de grote rode draak; mijn gedrag verschilt niet van dat van de grote rode draak. Van nu af aan wil ik actief de waarheid nastreven. Ik zal mezelf analyseren door mijn gedachten, woorden en daden te contrasteren met het woord van God, en ik zal de natuur van de grote rode draak in mij herkennen. Ik zal zijn substantie helder zien en het echt haten, ik zal me ervan afwenden en een echte man met menselijkheid zijn om uw hart te troosten!

Vorige:Ik ben bereid de supervisie van allen te accepteren

Volgende:Jaloersheid – de geestelijke chronische ziekte

Gerelateerde media

  • Ik ben bereid de supervisie van allen te accepteren

    Door Xianshang, provincie Shanxi Een tijd geleden, telkens wanneer ik hoorde dat de hoogste leiders naar onze kerk zouden komen, voelde ik me ongemakk…

  • Ik heb geleerd hoe ik andere mensen juist moet behandelen

    Door Siyuan, Frankrijk Op een dag kwam broeder Chen van onze kerk bij mij. Hij zei dat hij in zijn vrije tijd het afleggen van een getuigenis wilde oe…

  • Oordelen op basis van uiterlijkheden is gewoonweg belachelijk

    In het verleden beoordeelde ik mensen vaak op hun uiterlijk en voelde ik vooral veel respect voor aantrekkelijke, ontwikkelde en welbespraakte mensen. Ik dacht dat dat verstandige mensen waren, dat ze anderen begrepen en dat ze in algemene zin goed en aardig waren. Onlangs heeft de werkelijkheid zijn ware gezicht getoond en daardoor denk ik sinds kort niet meer op deze absurde manier.

  • Dit is de waarheid in de praktijk brengen

    In het verleden werd ik aan een zuster gekoppeld om aan een aantal plichten te vervullen. Omdat ik arrogant was en verwaand, en omdat ik de waarheid niet zocht, had ik tegenover deze zuster een aantal vooroordelen die ik altijd voor mezelf hield en niet openlijk met haar besprak. Toen onze wegen scheidden, was ik nog niet in de waarheid van een harmonieuze werkrelatie met haar getreden. Later regelde de kerk dat ik met een andere zuster zou werken en ik nam me tegenover God voor: van nu af aan zal ik de paden van de mislukking niet bewandelen. Ik heb mijn les geleerd, en ditmaal zal ik vast een meer open communicatie met deze zuster hebben en een harmonieuze werkrelatie bereiken.