Hoe de waarheid na te streven (14)

De drie categorieën mensen op basis van hun oorsprong

De kenmerken van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels

Onlangs hebben we gecommuniceerd over een onderwerp, namelijk het onderscheiden van verschillende categorieën mensen op basis van hun oorsprong. Dit is een speciaal onderwerp dat voortkomt uit het bredere onderwerp van de aangeboren omstandigheden, de menselijkheid en de verdorven gezindheden van mensen. We hebben over enige inhoud met betrekking tot dit speciale onderwerp gecommuniceerd – wat was hierin inbegrepen? (God heeft mensen op basis van hun oorsprong in drie typen onderverdeeld: mensen die gereïncarneerd zijn uit dieren, mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels en mensen die gereïncarneerd zijn uit mensen. De eerste keer communiceerde God over de vier kenmerken van mensen die gereïncarneerd zijn uit dieren: het eerste is dat ze een verwrongen bevattingsvermogen hebben; het tweede is dat ze bijzonder apathisch zijn; het derde is dat ze bijzonder verward zijn; en het vierde kenmerk is dat ze dwaas zijn. De tweede keer communiceerde God over de kenmerken van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels: het eerste is dat ze leugenachtig zijn; het tweede is dat ze verwrongen zijn; en het derde is dat ze kwaadaardig zijn. De nadruk van de communicatie lag op deze twee uitingen: hun leugenachtigheid en hun verwrongenheid.) De voornaamste uiting van leugenachtigheid is bedrog. Wat betreft de uitingen van verwrongenheid, die hebben we ook gecategoriseerd – hoeveel uitingen waren er? (Er waren er drie. De eerste heeft betrekking op de gezindheid, namelijk sinister en abnormaal zijn. De tweede betreft de boosaardige lust van het vlees. En een andere is bizar zijn, dat wil zeggen, vaak auditieve en andere zintuiglijke hallucinaties ervaren en altijd abnormaal gedrag vertonen.) Dit is over het algemeen wat was inbegrepen.

II. Het tweede kenmerk: verwrongenheid

De vorige keer hebben we gecommuniceerd over enkele uitingen van het verwrongen aspect van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels. Ik las over de uitingen van één persoon in de verdrijvingsdocumenten die door de kerk waren samengesteld – iedereen moet luisteren en kijken of zijn uitingen verband houden met datgene waarover we hebben gecommuniceerd. Deze persoon was verantwoordelijk voor het verbouwen van groenten op een boerderij. Zijn voornaamste uitingen werden als volgt beschreven: ‘Zijn menselijkheid is kwaadwillig en zijn houding ten opzichte van de Boven is oneerbiedig’, waarbij verscheidene specifieke uitingen werden opgesomd. De eerste uiting was: ‘Hij koos achteloos een plek om groenten te verbouwen voor de Boven. Later werd ontdekt dat deze plek laaggelegen was en vatbaar voor wateroverlast. De meststof die daar was aangebracht, werd door het water weggespoeld, met als resultaat dat de groenten heel klein bleven. Hij wist dat er opnieuw bemest moest worden, maar deed het gewoon niet. Hij zag dat de groenten niet goed groeiden, maar deed niets – hij gaf de Boven opzettelijk slecht geteelde groenten te eten.’ Dit was de eerste uiting. De tweede uiting was: ‘Normaal gesproken verzorgde hij alleen de groenten die voor de broeders en zusters werden verbouwd en vertrok dan. Maar wat de groenten die voor de Boven werden verbouwd betrof, die verzorgde of beheerde hij niet – hij bekommerde zich er niet om en deed er niets aan.’ De derde uiting was: ‘Hij wist dat allerlei ongedierte de groenten had aangetast en ze tot een pokdalige bende had aangevreten die er walgelijk uitzag en ze oneetbaar maakte, maar hij spoot gewoon achteloos wat bestrijdingsmiddel zonder erom te geven of het effectief was. Toen anderen hem eraan herinnerden het ongedierte van de groenten te verwijderen, was hij volkomen onverschillig en dacht: “Waar maken jullie je zo druk om? Ik heb zoveel klussen te doen – ik kan niet elke dag om deze groenten heen blijven hangen!”’ Je ziet, dit is wat hij in zijn hart dacht – zelfs toen anderen hem eraan herinnerden, deed hij nog steeds niets. De vierde uiting was: ‘Wat hij in zijn hart dacht over het verbouwen van groenten voor de Boven was: “Hoe de groenten die ik verbouw ook uitpakken, dat is gewoon wat je zult moeten eten. Als ze goed uitpakken, zul je goede groenten te eten hebben. Als ik geen goede groente heb verbouwd, dan eet je ze maar niet. Hoe dan ook, ik heb ze voor je verbouwd – je moet me dankbaar zijn!”’ Dit waren de kwaadwillige gedachten in zijn hart, en hij vertelde deze gedachten aan degenen met wie hij samenwoonde. ‘Toen anderen hem eraan herinnerden om niet de mand voor rotte groentebladeren te gebruiken bij het afleveren van groenten aan de Boven, zei hij: “Daar kan ik geen enkele garantie over geven.”’ Je ziet, anderen herinnerden hem eraan, en hij luisterde nog steeds niet. Hij deed gewoon wat hij wilde. Dit was de vierde uiting. De vijfde uiting was: ‘Hij behandelde de groenten die voor de Boven werden verbouwd op deze manier zonder enig besef in zijn hart, zonder de minste wroeging. Telkens wanneer iemand hem eraan herinnerde en hem zei opmerkzamer te zijn, werd hij onwillig en afkerig. Wie hem ook suggesties gaf – hij haatte die persoon.’ De leiders en werkers kwamen in totaal tot vijf uitingen. Ze vatten de gebruikelijke uitingen van deze persoon samen, evenals zijn houding ten opzichte van de waarheid en zijn houding ten opzichte van zijn plicht, en ze gaven ook specifieke voorbeelden. De samenvatting was behoorlijk goed. Wat is jullie gevoel na het horen hiervan? Heeft iemand die deze uitingen heeft een goede menselijkheid? (Nee.) Hoe erg was het? Kwamen de uitingen van deze persoon overeen met die van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels waarover we hebben gecommuniceerd? (Ja.) Met welke uiting kwamen ze overeen? (De uiting van kwaadaardigheid van zulke mensen.) Had hij, naast kwaadaardig te zijn, nog uitingen van verwrongenheid die kenmerkend zijn voor mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels? (Ja.) Hoe kwam dit tot uiting? (Gewone mensen zouden er bij het verbouwen van groenten voor de Boven een prioriteit van maken om goede grond te kiezen, maar hij koos ervoor om in de gunst te komen bij de broeders en zusters – hij verzorgde alleen de groenten die voor de broeders en zusters werden verbouwd. Voor de groenten die voor de Boven werden verbouwd, koos hij slechte grond, hij verzorgde de groenten niet en bestreed het ongedierte niet, en hij gaf de Boven altijd slecht geteelde groenten te eten. Zijn houding jegens de Boven, jegens God, was er een van vijandschap.) Waarom was zijn houding jegens de Boven er een van vijandschap? Had de Boven hem beledigd? (Nee. Zijn houding werd bepaald door zijn aard-essentie – hij haatte God en haatte positieve dingen.) Ik kende deze persoon werkelijk helemaal niet – Ik had nooit enige bemoeienis met hem gehad. Hoe kon hij dan zulke diepe haat in zijn hart koesteren? Dit is een probleem met zijn aard. Ten eerste was die kwaadaardig; ten tweede was die verwrongen, nietwaar? Is die niet hetzelfde als die van de grote rode draak? (Ja.) In de manier waarop hij God en positieve dingen behandelde, was er een soort haat in zijn hart. Als je hem vroeg wat er aan de hand was, zou hij het zelf niet duidelijk kunnen uitleggen – hij voelde gewoon haat. Hij haatte God en de waarheid in het bijzonder, hij haatte positieve dingen in het bijzonder. Is dit niet verwrongen zijn? (Ja.) Dit soort persoon is een duivel. Als je hem vroeg: “In wie geloof je?”, zou hij zeker zeggen dat hij in God gelooft. Hij gelooft in God, en toch haat hij God – dit onthult de denkwijze van een duivel. Dit is verwrongen zijn. Waarom zeg Ik dat? Ten eerste kende Ik deze persoon helemaal niet, en had Ik hem nooit gesnoeid, en toch koesterde hij zulke diepe haat jegens Mij – dit is verwrongen zijn. Ten tweede waren het de broeders en zusters die voor hem hadden geregeld dat hij deze groenten zou verbouwen. Als hij niet bereid was het te doen, had hij de kwestie kunnen aankaarten, maar in plaats daarvan reageerde hij zijn woede af op de moestuin. Na het planten verzorgde hij de groente niet goed en gaf hij de Boven slecht geteelde groenten te eten. Ten derde was hij heel bereidwillig als het ging om het verbouwen van groenten voor de broeders en zusters en verzorgde hij ze heel goed, maar als het ging om het verbouwen van groenten voor de Boven, was hij in zijn hart onwillig. Hij was bijzonder haatdragend, en het is niet duidelijk waarom – niemand had hem beledigd, en toch behandelde hij de Boven en behandelde hij God op deze manier. Is dit niet verwrongen zijn? (Ja.) Deze verwrongen drijfveer is zo groot! Ten eerste is het kwaadaardig; ten tweede is het verwrongen – dit is de aard van een duivel. Hoe tolerant en geduldig Gods huis duivels ook met liefde behandelt, hoezeer Gods huis hun ook kansen geeft om redding te verkrijgen, ze begrijpen deze dingen helemaal niet. In hun hart haten ze God en Gods huis gewoon. Dit komt volledig doordat de aard van een duivel nu juist is om God te haten en positieve dingen te haten. Niemand kan duidelijk zeggen wat de reden hiervoor is – duivels koesteren simpelweg een ongegronde haat jegens God en positieve dingen. Dit is wat bekendstaat als verwrongen zijn. Wat dacht hij elke dag? Hij dacht: ‘Hoe de groenten die ik verbouw ook uitpakken, dat is gewoon wat je zult moeten eten. Als ze goed uitpakken, zul je goede groenten te eten hebben. Als ik geen goede groente heb verbouwd, dan eet je ze maar niet. Hoe dan ook, ik heb ze voor je verbouwd – je moet me dankbaar zijn!’ Waren de dingen in zijn hart niet verwrongen? Wat hij dacht was allemaal boosaardig, sinister en abnormaal. Mensen met geweten en verstand voelen dat zijn gedachten onvoorstelbaar zijn – ze kunnen er niet bij waarom hij zo zou denken. Dit is precies hoe duivels handelen. Wat hij in zijn hart dacht en overwoog, waren allemaal duistere en boosaardige dingen. Kan zo iemand – die een duivel is – de waarheid aanvaarden? (Nee.) Hij bezat niet eens de fundamentele menselijke moraal, of geweten en verstand. Wanneer God werd genoemd, werd hij woedend en voelde hij haat. Wanneer anderen hem vroegen een andere taak uit te voeren, was hij niet zo onwillig; alleen als het ging om het verbouwen van groenten voor de Boven, was hij bijzonder onwillig. Dit is kwaadaardig zijn, dit is verwrongen zijn. Je zou hem kunnen vragen waarom hij zo onwillig is – dit is een kwestie van het hart, en hij zou misschien niet duidelijk kunnen zeggen waar de wortel precies ligt. Kunnen jullie duidelijk zien waar de wortel van dit probleem ligt? Waarom behandelde hij God op deze manier? De meeste mensen zouden dit volkomen verbijsterend vinden: hoe kan iemand die in God gelooft God zo behandelen? Is hij geen ongelovige? Zijn jullie nu, door de communicatie over de waarheid, in staat om de essentie en oorsprong van verschillende typen mensen een beetje duidelijker zien? (Ja.) Jullie zouden het nu een beetje duidelijker moeten kunnen zien – dit is precies het soort mensen dat gereïncarneerd is uit duivels, en hun aard is om God te haten.

Zeg Mij, kunnen mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels veranderen? (Nee, dat kunnen ze niet.) Ze zijn net als de grote rode draak. Ook zij kunnen de juiste woorden zeggen, woorden die in overeenstemming zijn met geweten en moraal – maar ze kunnen de dingen die ze zeggen absoluut niet uitvoeren. Ze kunnen veel mooiklinkende woorden zeggen, maar als het tijd is voor hen om werkelijke dingen te doen, kunnen ze er niet één doen. Waarom kunnen ze die niet doen? Omdat ze vanbinnen duivels zijn. Ze zouden zich vanbinnen ongemakkelijk en onrustig voelen als ze positieve dingen deden, en dingen die voldoen aan de norm van het menselijk geweten. Alleen wanneer ze kwaad doen, doen wat duivels doen, denken wat duivels denken, voelen ze zich vanbinnen op hun gemak en vreugdevol. Dit is het ware gezicht van dit soort mensen. Als je wat terloops met hen kletst, praat over zaken van het vleselijke leven, of zelfs als je actuele gebeurtenissen en politiek bespreekt, kunnen ze stil blijven zitten. Maar zodra de inhoud van de communicatie raakt aan positieve dingen, de waarheid, God, Gods identiteit, Gods essentie, Gods werk, Gods bedoelingen voor de mens of Gods vereisten aan de mens, worden ze in hun hart afkerig en onwillig – ze willen er niet naar luisteren. Ze beginnen aan hun oren en wangen te krabben, alsof ze op hete kolen zitten. Hun hart begint te kriebelen van agitatie en onrust, alsof er onkruid in hen woekert. Ze hebben het gevoel dat het een kwelling is om zelfs maar één seconde langer blijven, en sommigen van hen zullen zelfs opstaan en meteen weglopen. Zelfs als sommige mensen, voor de schijn, heel beleefd blijven zitten en niet weggaan, dwalen hun gedachten al ver af – hun gedachten zijn al lang voorbij de wolken gevlogen, en ze luisteren simpelweg niet naar wat je zegt. Waarom hebben ze deze uitingen? Omdat ze in hun hart een afkeer hebben van God en positieve dingen. Ze zijn niet geïnteresseerd in de waarheid; ze kunnen die niet in zich opnemen en zijn niet bereid die te aanvaarden. Zodra er tijdens een bijeenkomst over de waarheid wordt gecommuniceerd, bedenken ze allerlei smoesjes om weg te gaan, en zeggen ze: ‘Ik moet iets gaan regelen,’ of: ‘Ik moet iemand terugbellen.’ Ze willen gewoon elk excuus aangrijpen om weg te rennen. Zulke mensen zijn simpelweg verwrongen. Als iemand erkent dat hij een persoon is die in God gelooft en Hem volgt, dan zou hij deze uitingen niet moeten hebben. Maar als het gaat om zaken die positieve dingen of God betreffen, hebben mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels deze uitingen – ze hebben hier geen controle over en het is een kwestie van hun aard-essentie. Het wordt bepaald door hun oorsprong, en niemand kan dit feit veranderen. Wanneer je communiceert over de waarheid, over positieve dingen, over Gods bedoelingen, over Gods woorden, voelt het voor hen alsof je over hen oordeelt, alsof het een einde aan hun leven zal maken. Dit is de ware innerlijke gesteldheid van de manier waaop ze God, de waarheid en positieve dingen behandelen. Natuurlijk is dit ook één soort uiting van de boosaardige essentie van zulke mensen. Omdat ze een afkeer hebben van positieve dingen, de waarheid en God, en deze verafschuwen, heeft datgene wat ze elke dag in hun innerlijke wereld denken en overwegen absoluut niets te maken met positieve dingen, de waarheid of Gods werk. Alles wat ze in hun hart denken, houdt verband met wat verwrongen is. Waar ze aan denken is hoe ze met zichzelf kunnen pronken zodat ze status en prestige onder de mensen kunnen hebben, hoe ze moeten handelen om mensen te misleiden, status te verwerven en ervoor te zorgen dat meer mensen hen goedkeuren en tegen hen opkijken, hoe ze moeten handelen om de harten van mensen voor zich te winnen en hun goedkeuring te verkrijgen, en hoe ze erkenning en promoties van Gods huis of van leiders op elk niveau kunnen verwerven. Alles wat ze denken en alles wat ze doen draagt de aard in zich van wedijveren, vechten, graaien, bedriegen, intrigeren, complotten smeden, opruien, begoochelen, beheersen en misleiden, nietwaar? (Ja.) Ze sparen kosten noch moeite om deze dingen te doen – ze zijn bereid elke ontbering te lijden. Tijdens het hele proces van hun lijden broeden ze plannen en intriges uit over welk kwaad ze zullen doen, wie ze zullen benadelen en welke doelen ze zullen bereiken. In alles wat ze doen zit een strategie, alles wat ze doen heeft een specifieke bedoeling. Uiterlijk zeggen ze niet in het openbaar dingen die tegen de waarheid ingaan, noch doen ze in het openbaar dingen die het werk van de kerk hinderen of verstoren, en ze zullen God al helemaal niet in het openbaar oordelen, Hem aanvallen of lasteren. Ze doen deze overduidelijke slechte daden niet. Maar in hun innerlijke wereld denken ze nooit aan iets dat verband houdt met de waarheid of met positieve dingen, en ze overwegen zelfs nooit iets dat verband houdt met het menselijk geweten en verstand, of de moraal. Wat overwegen ze dan wel? Hun gedachten zijn volledig gevangen in plannen smeden, in listen, berekening, samenzwering en intrige. Dus zelfs als je uiterlijk niet ziet dat ze zich in het openbaar tegen God verzetten, of hen woorden hoort zeggen die klachten over God, achterdocht jegens God, oordeel over God of zelfs laster tegen God bevatten, zijn ze in hun hart niettemin vervuld van een houding van minachting, spot en oneerbiedigheid ten opzichte van Gods woorden, Gods werk en alles wat met Gods werk te maken heeft. Wat God ook zegt, wat Gods vereisten van mensen ook zijn, wat Gods bedoelingen ook zijn, of wat de principes achter de verschillende soorten werk die God doet ook zijn, ze schenken er nooit aandacht aan en aanvaarden ze nooit – in deze mensen is er simpelweg geen ruimte om deze positieve dingen te ontvangen. Hoewel je niet ziet dat ze zich in het openbaar tegen deze positieve dingen verzetten of ze veroordelen, hebben ze er vanuit het diepst van hun hart een afkeer van en verafschuwen ze die. Wanneer ze naar preken luisteren, overdenken ze niet hoe ze de waarheid moeten aanvaarden en de waarheid moeten beoefenen, maar veeleer hoe ze het nieuwe licht en de zinnen die ze horen kunnen samenvatten en in hun eigen woorden kunnen omzetten om erover te communiceren en ze met anderen te delen, met het doel mensen tegen hen te laten opkijken en hen te laten verafgoden. Ze denken bij zichzelf: ‘Als ik deze woorden dan predik aan degenen die zich net bij de kerk hebben aangesloten, zal ik de bewondering en verafgoding van nog meer mensen kunnen winnen, en zal ik een nog hogere status onder de mensen hebben. Deze status zal gebaseerd zijn op hoeveel doctrine ik begrijp en vat, en hoe uitgebreid ik die vat. Zelfs als ze daar zitten te luisteren naar preken – zelfs als ze heel aandachtig en ijverig luisteren, en er veel moeite in steken – is hun houding niet positief en hun motief niet zuiver. Ze luisteren niet met een houding van het aanvaarden van de waarheid, maar overdenken die alsof ze theologie studeren, waarbij ze wat er in preken wordt gezegd vergelijken met de Bijbel. Ze aanvaarden Gods woorden niet en vergelijken zichzelf er niet mee, in een poging hun eigen diverse problemen te begrijpen, en er een pad van oplossing en principes voor de praktijk in te vinden, zodat ze zichzelf kunnen leren kennen, oprechte wroeging kunnen ontwikkelen, hun verdorven gezindheden kunnen afwerpen, kunnen handelen en zich kunnen gedragen op een manier die in overeenstemming is met de waarheidsprincipes, en aan Gods bedoelingen kunnen voldoen – dat is absoluut niet hun doel. Wat is hun doel? Het is om zichzelf toe te rusten met meer doctrines, zodat ze kunnen pronken en zichzelf kunnen etaleren en mensen tegen hen kunnen laten opkijken en hen kunnen laten verafgoden. Dat is het eerste doel. Hun tweede doel is om het eenvoudigste pad te vinden om zegeningen te verkrijgen. Na naar preken te hebben geluisterd en te hebben bevestigd dat dit de ware weg is, beginnen ze te overdenken hoeveel hoop ze hebben op het verkrijgen van zegeningen, hoeveel hoop ze hebben op het verkrijgen van redding. Vervolgens besluiten ze gebruik te maken van de methode van het verdragen van ontberingen en het betalen van een prijs om op frauduleuze wijze het vertrouwen van Gods uitverkoren volk en Gods huis te verkrijgen, en om God de ontberingen die ze verdragen en de prijs die ze betalen, te laten zien. Ze denken dat ze grote zegeningen en een prachtige bestemming kunnen verkrijgen door op deze manier in God te geloven. Je ziet, hun houding ten opzichte van preken en ten opzichte van elk aspect van de waarheid is niet om die simpelweg te aanvaarden en vervolgens te beoefenen en te ervaren – veeleer hebben ze heimelijke plannen en intriges. Ze hopen altijd gebruik te maken van bepaalde zinnen of klassieke citaten uit preken en communicatie om hun eigen geest en retorische arsenaal toe te rusten, om zo de broeders en zusters te misleiden, ervoor te zorgen dat iedereen hen verafgoodt, waardoor ze aanzien onder de mensen kunnen verwerven en kunnen genieten van de hoge achting van anderen. Zijn deze gedachten, bedoelingen en houdingen die ze hebben bij het luisteren naar preken niet genoeg om aan te tonen dat zulke mensen heel verwrongen zijn? (Ja.) Kan iemand deze verwrongen drijfveer in hen corrigeren? Als je tegen hen zou zeggen: ‘Op deze manier denken is niet de waarheid aanvaarden – het is niet de houding die iemand die de waarheid nastreeft, behoort te hebben. Als je op deze manier denkt, zal de waarheid geen effect op je hebben; die zal je niet in staat stellen redding te verkrijgen. Je zou de waarheid moeten aanvaarden, de beoefeningsprincipes erin moeten vinden, en Gods woorden in het werkelijke leven moeten beoefenen en ervaren, zodat Gods woorden je waarheidswerkelijkheid worden en uiteindelijk je leven worden’ – zouden ze dat kunnen bereiken? (Nee.) Waarom niet? Komt het doordat ze niet genoeg moeite hebben gedaan, of doordat onze communicatie over de waarheid geen rekening heeft gehouden met hun gevoelens of geen geschikte voorziening van de waarheid heeft bevat die gericht was op hun gesteldheid? (Geen van beide is het geval.) Wat is dan de reden? (Het wordt bepaald door hun essentie, namelijk dat ze de waarheid haten.) Daarom moet worden gezegd dat de uitingen van deze mensen onlosmakelijk verbonden zijn met hun essentie – deze dingen zijn nauw met elkaar verbonden. Niemand kan de gedachten in hun hart corrigeren, en niemand kan de boosaardige aard-essentie veranderen van deze mensen die duivels zijn. Ze haten de waarheid en verwerpen de waarheid, dus is de waarheid niet in staat hen te veranderen. Kan dan worden gezegd dat dit soort mensen niet meer te helpen is? (Ja.) Het antwoord is absoluut ja. Waarom? Omdat hun aard-essentie die van duivels is. Alles wat ze onthullen wordt volledig beheerst door de aard van duivels – het is absoluut geen tijdelijke onthulling van verdorvenheid, noch is het een onthulling van de boosaardige verdorven gezindheden van de verdorven mensheid. Het is omdat ze duivels zijn, geen geschapen mensen – dit is de wortel van het probleem.

Dit soort persoon heeft nog enkele andere uitingen bij het luisteren naar preken – telkens wanneer Gods huis over de waarheid communiceert en het gaat om het blootleggen en ontleden van de slechte daden en uitingen van bepaalde mensen, zeggen ze dingen als: ‘Heb je het niet over dat incident dat eerder is gebeurd? Ik ken het hele verhaal. Ik weet precies wat je doel bij het ter sprake te brengen hiervan. Probeer je niet gewoon het communiceren en ontleden van deze kwestie te gebruiken om je eigen gezag te vestigen en mensen naar je te laten luisteren? Is het niet gewoon dat je een aantal mensen een lesje wilt leren, en een aantal mensen wilt onderdrukken? Is dit niet gewoon het lanceren van een campagne? Alleen een dwaas zou geloven wat je zegt! Alleen een dwaas zou naar je luisteren en volgens de waarheidsprincipes praktiseren!’ Je ziet, zelfs wanneer ze enkele voorbeelden, uitspraken of specifieke uitingen van mensen horen die betrekking hebben op een bepaald aspect van de waarheid, is wat zij begrijpen volkomen anders dan wat anderen begrijpen. Ze kunnen deze dingen niet correct vatten of correct behandelen, en ze kunnen zelfs de feiten verdraaien en over positieve dingen oordelen en ze veroordelen. Wat ze in hun hart denken is altijd zo duister, en toch vinden ze dat ze bijzonder slim zijn en het ware verhaal kennen. Is dit niet verwrongen? Het is net als de grote rode draak – de grote rode draak zegt dat wanneer De Kerk van Almachtige God mensen verwijdert of mensen verdrijft, dit wordt gedaan als een machtsvertoon zodat anderen het zien, maar hij zegt nooit dat wanneer Gods huis, de kerk, mensen verwijdert, Gods huis de kerk zuivert. Dit komt doordat het ongelovige duivels zijn die de waarheid niet kunnen vatten; ze verdraaien positieve dingen altijd, oordelen erover en veroordelen ze, en ze zullen positieve dingen absoluut niet met een juiste denkwijze behandelen. Ze geloven liever dat ze van apen afstammen, dat ze de afstammelingen van draken zijn, dan toe te geven dat mensen door God zijn geschapen. Nog niet zo lang geleden hoorde Ik zelfs enkele wetenschappelijke onderzoekers zeggen dat een gigantische rattensoort van honderden miljoenen jaren geleden de voorouder van de mensheid was – wat een belachelijke en bizarre theorie! Als je probeert hen te laten toegeven dat mensen door God zijn geschapen, te laten geloven dat mensen door God zijn geschapen, maakt het niet uit hoe je het zegt, ze weigeren het toe te geven. Zelfs met dit feit recht voor hun ogen, geloven ze het nog steeds niet. Ze geloven gewoon dat mensen van apen afstammen, of dat ze de nakomelingen van ratten zijn, of dat ze de afstammelingen van draken zijn. Ze geloven liever dit soort duivelse woorden dan te geloven dat mensen door God zijn geschapen – dat het menselijk leven en de menselijke adem door God zijn gegeven. Ze geloven het niet, geven het niet toe en zijn niet bereid dit feit te aanvaarden. Is dit niet verwrongen? (Ja.) Als je zegt dat ze de afstammelingen van draken zijn, zijn ze verheugd. Als je zegt dat ze zich uit apen hebben ontwikkeld en afstammelingen van apen zijn, of dat een gigantische rat hun voorouder is, zeggen ze: ‘Ja, wat een eer!’ Maar als je zegt dat mensen door God zijn geschapen, worden ze vijandig – hun ogen vlammen van woede, en ze worden vervuld van haat jegens jou. Dit is zo verwrongen!

Mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels zijn het meest onwillig om te luisteren naar woorden van communicatie over de waarheid. Vooral wanneer zulke woorden gaan over jezelf kennen, het ontleden van de gesteldheden van verschillende soorten mensen, hoe de waarheidswerkelijkheden binnen te gaan, of de principes van het beoefenen van de waarheid, voelen ze een extreme afkeer in hun hart, en tegelijkertijd verspreiden ze verwrongen inzichten en meningen. Wanneer de kerk bijvoorbeeld enkele kwaaddoeners verwijdert, hitst dit soort persoon anderen op, en zegt dingen als: ‘Gods huis heeft geen liefde voor mensen. Het is alsof ze de os slachten zodra het veld is geploegd,’ of: ‘Deze mensen zijn verwijderd omdat ze de hogere leiders hebben beledigd.’ Zo iemand is niet in staat het werk van het zuiveren van de kerk binnen Gods huis correct te behandelen, noch heeft hij een zuiver bevattingsvermogen – hij denkt en spreekt er op een verwrongen manier over. Je zult uit zijn mond geen woorden horen die van geweten of verstand getuigen, noch woorden die positieve dingen zijn, laat staan iets dat in overeenstemming is met de waarheidsprincipes. Zijn hart is vervuld van klachten, verzet en grieven. Wanneer hij ongeremd zijn gezichtspunten uit, zijn de dingen die hij zegt en de gedachten en gezichtspunten die hij onthult allemaal verwrongen en verdraaid. Je vindt het onvoorstelbaar – je denkt erover na hoe hij al die jaren in God heeft geloofd en naar preken heeft geluisterd, en hoe hij uiterlijk heel welgemanierd en niet slecht lijkt, en je vraagt je af hoe hij op kritieke momenten deze onredelijke dingen kon zeggen. Hij heeft eindelijk zijn ware gedachten onthuld, dingen die hij lange tijd in zijn hart heeft verborgen – onthult dit niet werkelijk zijn probleem? (Ja.) De ware gedachten die zo iemand heeft onthuld, bestaan uit volslagen verwrongen argumenten en ketterijen. Uitte hij deze verwrongen argumenten en ketterijen dan vanwege een tijdelijk slecht humeur? (Nee.) Absoluut niet. Ongeacht hoeveel jaar hij in God heeft geloofd en naar preken heeft geluisterd, deze gedachten zijn altijd in zijn hart verborgen geweest en hebben nooit het daglicht gezien. Maar wanneer er een cruciaal moment aanbreekt en hij niet langer kan inhouden wat hij wil zeggen, barst het uit als een vulkaan – het heeft te hevig in hem gebroeid, en op een dag kan hij het niet langer in bedwang houden, en barst deze verwrongen woede los. Wanneer zijn duivelse aard uitbarst, komen er allerlei verwrongen argumenten en ketterijen en misvattingen naar buiten – hij spreekt woorden die over God klagen, woorden die God lasteren, woorden die God beledigen, woorden van jaloezie en haat jegens mensen, woorden van ophitsing – Hij spuit allerlei duivelse woorden, en pas dan besef je dat hij een duivel is en volledig is onthuld. Voorheen merkte je dat preken hem altijd de pet te boven gingen en dat hij de waarheid in al de jaren dat hij in God heeft geloofd nooit heeft begrepen. Je nam aan dat hij een slecht kaliber had en dat de waarheid hem de pet te boven ging, dus beschouwde je hem als een broeder of zuster en probeerde je hem te helpen. Je nam hem in vertrouwen en sprak erover hoe het was gekomen dat je eigen verdorven gezindheden gezuiverd werden. Maar hoe je ook met hem communiceerde, hij opende nooit zijn hart om te spreken over hoe hij werkelijk was. Je kon het nooit begrijpen: waarom kon hij zijn hart niet openen? Waarom legde hij zijn werkelijke gesteldheid niet bloot? Zou het kunnen dat hij nooit verdorven gezindheden openbaarde? Je kon hem nooit doorzien, en je dacht zelfs dat hij welgemanierd en eenvoudig en argeloos was. Pas nu zijn duivelse aard is uitgebarsten en hij zoveel dingen heeft gezegd waarin hij klaagt over God en Hem lastert, zie je dat hij in feite geen menselijkheid heeft en volledig een duivelse aard heeft. Je vindt: ‘Deze persoon is angstaanjagend! Hij heeft al die jaren in God geloofd, maar het blijkt dat hij de waarheid in zijn hart altijd heeft gehaat en weerstaan! Geen wonder dat hij zich nooit voor iemand heeft opengesteld – hij was bang dat anderen zijn duivelse aard zouden doorzien!’ Hij is een rasechte duivel! Zodra je zijn essentie doorziet, voel je dat je al die jaren volkomen blind bent geweest – je vervulde elke dag je plicht en leefde het kerkleven met hem, en al die tijd dacht je dat hij een goed persoon was, een lid van Gods huis, een van Gods uitverkoren volk, en had je geen enkel onderscheidingsvermogen ten aanzien van hem. Dat is een heel beangstigende situatie! Als je met broeders en zusters leeft en omgaat, en je ontdekt dat iemand verdorven gezindheden heeft of de principes in zijn plicht schendt, en je communiceert de waarheid met hem en helpt hem, en hij is in staat die te aanvaarden en dankbaarheid te uiten, dan zul je je heel voldaan voelen – je zult voelen dat deze persoon heel goed is, dat hij de waarheid liefheeft; je zult absoluut geen afkeer van hem voelen. Maar als je verscheidene jaren met een duivel omgaat, en hem altijd als een broeder of zuster behandelt, en hem vaak helpt, hem steunt en hem liefde, geduld en tolerantie toont, en hij jou toch met grote vijandigheid beschouwt, altijd op zijn hoede voor je is alsof je zijn vijand bent, en je je in toenemende mate realiseert dat hij in zijn hart de waarheid in het geheel niet aanvaardt, en dat hij niets anders is dan een duivel – hoe zou je je dan voelen? Wat betreft de persoon die we zojuist noemden en die werd verdreven – als jullie met dit soort persoon omgingen, en op een dag ontdekten dat zijn menselijkheid zo boosaardig is, dat hij niet alleen God in zijn hart haat en de waarheid helemaal niet aanvaardt, maar ook degenen haat die hem uit liefde helpen, waardoor je er zeker van bent dat dit soort persoon een rasechte duivel is, hoe zou je je dan voelen? (Ik zou voelen dat ik werkelijk dwaas ben geweest.) Ten eerste zou je voelen dat je dwaas bent geweest, en je zou je afvragen hoe je zoveel zinloze moeite aan zo’n persoon had besteed. Wat nog meer? (Ik zou enige walging voelen.) Walging van wie? Walging van hem of van jezelf? (Walging van hem, maar ook van mezelf omdat ik hem niet kon onderscheiden.) Zouden jullie hem dan in de toekomst nog willen zien of met hem willen omgaan? (Nee.) Wat voor soort relatie zou je dan met hem willen hebben? Wat voor benadering zou je willen gebruiken in de omgang met hem? (Ik zou hem nooit meer willen zien – hoe verder ik bij hem uit de buurt zou kunnen blijven, hoe beter.) Wat dan als je hem tijdens het vervullen van je plicht, soms toch nog moest zien of werk met hem moest bespreken, en je hem niet kon ontwijken – wat zou je dan doen? Hebben jullie hiervoor beoefeningsprincipes en beoefeningspaden afgeleid? Jullie voelen walging van hem en dus willen jullie hem ontwijken en niet zien, maar als jullie bij jullie plicht vermijden hem te zien, zal dat het werk vertragen en beïnvloeden – dus wat moeten jullie doen? Hebben jullie goede oplossingen? (Nee.) Dan zal Ik jullie er twee vertellen. De eerste is: als dit soort persoon in de kerk kan blijven om dienst te doen, dan hoef je, wanneer je in je plicht niet met hem in contact hoeft te zijn, dat ook niet te doen. Dit is omdat je van hem walgt, contact met hem ongemakkelijk en pijnlijk aanvoelt, en omdat hij ook kan merken dat je van hem walgt, wat ze onplezierig vinden. En dus hoef je niet langer je hart voor hem te openen en hem je diepste gedachten te vertellen zoals voorheen. Wees in plaats daarvan gewoon tolerant en geduldig, en ga met hem om met behulp van wijze methoden – dat is genoeg. Dit is één principe. Een ander is: wanneer je bij je werk met hem in contact moet treden, moet je hem duidelijk het werk dat hem wordt toegewezen en de bijbehorende waarheidsprincipes uitleggen. Er is hier één punt waar je op moet letten – je moet kijken of hij in staat is het werk dat hem is toegewezen met succes te voltooien. Als hij gewoonlijk in staat is een deel van dit werk te doen, communiceer dan met hem en handel de zaak op een onpartijdige en objectieve manier af. Maar als hij altijd plichtmatig en onverantwoordelijk is in dit werk, dan kun je niet met een gerust hart het werk aan hem overdragen, en moet je in plaats daarvan iemand anders kiezen. Als er op dit moment geen geschikte kandidaat is en je geen andere keuze hebt dan hem te gebruiken, wat moet je dan doen? Je moet regelen dat iemand toezicht op hem houdt. Zodra wordt ontdekt dat hij geen werkelijk werk verricht of zich gedraagt op een manier die verstoringen of hinder teweegbrengt, moet dit onmiddellijk worden gerapporteerd. Als de persoon die toezicht op hem houdt daarin niet effectief slaagt, dan is er nog een oplossing: de leiders en werkers moeten persoonlijk toezicht op hem houden en zijn werk controleren, en de frequentie van deze controles moet wat hoger zijn. Dit is omdat zo iemand uiterst onbetrouwbaar is; zodra hij niet nauwlettend in de gaten wordt gehouden, is hij geneigd kwaad te doen en het werk van de kerk te hinderen en te verstoren, en dan zouden de verliezen door hem in te zetten groter zijn dan de baten. Dus, als je voor het werk met hem moet omgaan, kun je het niet ontwijken. Je kunt geen afstand nemen of hem negeren alleen maar omdat je in staat bent hem te onderscheiden en zijn ware gezicht te zien – dat zou een uiting van onverantwoordelijkheid zijn. Aangezien je in staat bent hem te onderscheiden, en aangezien je weet dat zijn aard-essentie die van een duivel is, en weet dat hij kwaad kan doen en verstoringen kan veroorzaken, heb je des te meer de verantwoordelijkheid om toezicht op hem te houden en hem te controleren, in plaats van hem uit angst of walging te negeren. Als leider of werker is je grootste verantwoordelijkheid de poorten van Gods huis bewaken, het werk van Gods huis beschermen en voor de broeders en zusters zorgen. Nu een duivel zijn ware aard heeft getoond en je hem al hebt doorzien en precies weet wat voor ellendeling hij is, moet je des te meer goed toezicht op hem houden, zodat hij zo effectief mogelijk dienstdoet – dat is wat je moet doen. Je mag niet, omdat je hem hebt doorzien, weigeren aandacht aan hem te besteden of nalaten het werk dat aan hem moet worden uitgelegd, duidelijk uit te leggen, of weigeren met hem te communiceren, zelfs als hij je vragen stelt over kwesties die verband houden met het werk. Is dat niet je woede afreageren op het werk van Gods huis? Is dat niet het werk van Gods huis en het binnengaan van het leven van de broeders en zusters veronachtzamen? Als je dit doet, zit je fout – dit betekent dat je je verantwoordelijkheid niet hebt vervuld. In je persoonlijke leven heb je misschien helemaal geen bemoeienis met hem, en ga je misschien niet meer met hem om zoals voorheen. Maar als het werk van Gods huis vereist dat je met hem in contact staat en met hem omgaat, dan kun je je niet aan deze verantwoordelijkheid onttrekken – dit is je plicht en je verantwoordelijkheid, en je kunt geen excuses aandragen om die te ontwijken. Als het om duivels gaat, is de benadering van alleen maar afstand houden, hen verwerpen, hen ontwijken, en in je hart walging en afkeer van hen voelen, er niet een die in overeenstemming is met Gods bedoelingen. Je moet ook toezicht op hen houden en hen beteugelen. Als ze bereid zijn dienst te doen, moet je hen helpen en gebruik van hen maken om naar behoren dienst te doen – hen in staat stellen om zo effectief mogelijk dienst te doen. Als ze niet naar behoren dienstdoen en het werk van de kerk kunnen verstoren en ruïneren wanneer ze ook maar een moment onbewaakt worden gelaten, dan is de schade die ze aanrichten groter dan hun nut, en moeten ze onmiddellijk worden verwijderd. Zulke negatieve voorbeelden moeten telkens wanneer dat nodig is ter sprake worden gebracht voor ontleding, zodat de broeders en zusters onderscheidingsvermogen kunnen verkrijgen, de aard-essentie van duivels en Satans kunnen doorzien, en hen vervolgens vanuit het hart kunnen verwerpen, en niet door hen misleid, verstoord of beheerst worden. Dit is wat het betekent om gebruik te maken van duivels en Satans, om gebruik te maken van alle dingen om Gods uitverkoren volk te dienen. Dit is jullie verantwoordelijkheid – het is wat jullie behoren te doen. Maar jullie hebben dit verantwoordelijkheidsgevoel niet. Net zoals jullie eerder zeiden – zodra jullie onderscheidingsvermogen hebben ten aanzien van dit soort persoon, voelen jullie walging en willen jullie hem niet meer zien, en als jullie hem wel zien, lopen jullie met een boog om hem heen en blijven jullie zo ver mogelijk uit de buurt. Dat is alles wat jullie als oplossing hebben. Jullie hebben helemaal geen gevoel van verantwoording voor het werk van Gods huis, voor de belangen van Gods huis, of voor het binnengaan van het leven van de broeders en zusters. Dit is jullie gestalte – die is onthuld, nietwaar? Je doorziet de essentie van een duivel, en ontwijkt hem vervolgens telkens wanneer je hem ziet. Maar je beschermt de broeders en zusters niet, met als gevolg dat ze worden geschaad. Je slaagt er niet in je verantwoordelijkheid als leider of werker te vervullen – dit is plichtsverzuim. Wanneer de duivel nog niet is onthuld, zou je de noodklok moeten luiden voor de broeders en zusters, hen eraan moeten herinneren op hun hoede te zijn voor kwaadaardige mensen, hun moeten vertellen wat de duivel heeft gedaan, waarom hij zulke dingen deed, wat de aard van zijn handelingen is, welke effecten deze handelingen kunnen veroorzaken en welke gevolgen ze kunnen meebrengen, hoe God deze duivel kenmerkt, en op welke manier hij behandeld moet worden. Zodra de broeders en zusters onderscheidingsvermogen hebben verkregen, en de duivel klaar is met dienstdoen en geen waarde meer heeft voor de broeders en zusters of Gods huis, dan moet je hem verwijderen, en zo een einde maken aan het leven van deze duivel en Satan. Dit wordt wijsheid genoemd – dit is werk doen met principes en een pad voor de praktijk hebben. Hoe je in je persoonlijke leven met dit soort persoon omgaat, is aan jou – dat is jouw vrijheid. Maar als leider of werker is er een verantwoordelijkheid die je op je moet nemen: je moet de broeders en zusters beschermen, en de belangen van Gods huis en het werk van de kerk veiligstellen. Op basis van dit principe, wat betreft dit soort persoon die een duivel is, geldt dat als hij momenteel dienstdoet, je je niet moet haasten om stappen tegen hem te ondernemen. Je moet toezicht houden op zijn werk en elke beweging van hem nauwlettend in de gaten houden om te zien wat hij doet. Zodra er ook maar enige tekenen verschijnen dat er iets mis is, moet je hem onmiddellijk ontmaskeren en snoeien, of hem van zijn positie ontheffen. Als hij, na te zijn ontmaskerd en gesnoeid, in staat is een beetje dienst te doen, is dat bevorderlijk voor het werk van de kerk. Maar zodra wordt ontdekt dat hij niet wenst dienst te doen, geen goed pad neemt, en op het punt staat te hinderen en te verstoren, en zijn duivelse klauwen uitstrekt om de broeders en zusters te misleiden, is dat het moment waarop de duivel zijn ware aard toont, en is het precies het juiste moment om stappen tegen hem te ondernemen. Hij heeft de kans gekregen om dienst te doen, maar deed dat niet naar behoren – stuur hem dan weg naar een B-groep. Als de situatie ernstig is, praktiseer dan zodanig dat je hem verwijdert of verdrijft – dit is ook het moment om een einde te maken aan het lot van Satan. Zolang jullie je aan deze twee principes houden, zullen jullie in staat zijn kwaadaardige mensen en duivels op een principiële manier te behandelen. Vervul je je verantwoordelijkheid als je het op deze manier doet? (Ja.) Enerzijds zul je onderscheidingsvermogen hebben ten aanzien van duivels, zul je niet langer door hen worden misleid of verstoord, en zul je niet langer dwaze dingen doen – op zijn minst zul je niet langer over de waarheid communiceren met dit soort mensen die duivels zijn. In je hart zul je weten: ‘Deze kerel is een duivel – met hem over de waarheid communiceren is hetzelfde als parels voor de zwijnen werpen; hoe er ook met hem over de waarheid wordt gecommuniceerd, het zal tevergeefs zijn.’ Zodoende zul je niet doorgaan met dwaze dingen doen. Je zult gewoon met hem spreken over enkele doctrines die hij behoort te begrijpen, en de regels waaraan hij zich behoort te houden – dat is voldoende. Als je op deze manier praktiseert, zal het werk van de kerk niet worden beïnvloed. Als je de principes echter niet begrijpt, ben je in staat dwaze dingen te doen. Anderzijds moeten leiders en werkers goed toezicht houden op en gebruikmaken van deze dienstdoeners en duivels die de waarheid in het geheel niet aanvaarden. Op deze manier praktiseren kan waarborgen dat het werk van de kerk niet wordt geschaad, terwijl het ook de broeders en zusters beschermt tegen misleiding en verstoring door duivels en Satans. Begrijpen jullie het? (Ja.) Je mag kwaadaardige mensen en duivels absoluut niet als broeders en zusters behandelen. Zolang je onderscheidingsvermogen hebt ten aanzien van duivels en kwaadaardige mensen, zul je niet langer dwaze dingen doen. In het verleden misten mensen onderscheidingsvermogen en deden ze veel domme dingen – ze behandelden kwaadaardige mensen en duivels altijd als broeders en zusters, en lieten de duivels alleen maar ten koste van hen lachen. Wanneer je je hart opende om met duivels te communiceren, dachten ze: ‘Je bent zo eerlijk, zo puur en open – je bent werkelijk dom!’ waarbij ze je innerlijk bespotten. Nu je onderscheidingsvermogen hebt ten aanzien van duivels, zul je dit soort dwaze dingen niet meer doen. Je weet nu dat om je hart te openen in communicatie of om iemand te steunen en te helpen, je dat moet doen met ware broeders en zusters, degenen die de waarheid nastreven en menselijkheid hebben – niet met duivels. Dit is één aspect. Een ander is dat je je niet langer timide of bang voelt voor duivels. Je weet dat het duivels zijn, en je weet wat ze in hun hart denken. Nu je onderscheidingsvermogen ten aanzien van hen hebt, weet je hoe je hen op de juiste manier moet behandelen. Je moet hen altijd nauwlettend in de gaten houden – zien wat ze proberen te doen, wat voor manipulaties ze in hun hart bedenken en wat ze beramen, in welke delen van het werk ze voor verhindering, verstoring en sabotage zouden kunnen zorgen, wat voor soort woorden ze zouden kunnen gebruiken om anderen op te hitsen en te misleiden, en welke doelen ze proberen te bereiken. Zodra je al deze dingen helder ziet, zul je weten hoe je op de juiste manier moet handelen, en zul je je aan de waarheidsprincipes houden.

De meesten van jullie hebben waarschijnlijk, nadat we hebben gecommuniceerd over het onderscheiden van de verwrongen uitingen van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels, nu enige helderheid in jullie hart en ook een beetje onderscheidingsvermogen – zoals welke mensen, na al die jaren van omgang met hen, op duivels lijken, met wie jullie je ware gevoelens niet meer zullen delen; en welke mensen broeders en zusters zijn, met wie jullie meer zullen omgaan, naar wie jullie meer zullen toetrekken en met wie jullie – wanneer er iets ter sprake komt – meer zullen communiceren. Op deze manier zal jullie behandeling van elk soort persoon principieel zijn, en zullen jullie geen fouten maken. Maar kunnen de meeste mensen het punt bereiken waarop ze duivels onderscheiden, waarop ze de aard van duivels doorzien? En als een duivel bereid is dienst te doen, kunnen ze dan gebruikmaken van de dienst van de duivel? De meeste broeders en zusters zijn niet in staat op deze manier te praktiseren – maar leiders en werkers moeten daartoe wel in staat zijn. Waarom zeg Ik dat ze daartoe in staat moeten zijn? Omdat jij, als leider of werker, de dingen goed moet beoordelen. Zodra je ontdekt dat een kwaadaardig persoon kwaad doet, moet je in staat zijn hem onmiddellijk te ontmaskeren en te ontleden, en zijn verstoringen en hinder in te dammen. Als je op deze manier kunt praktiseren, zul je de normale voortgang van het werk van de kerk kunnen waarborgen, en zullen de broeders en zusters worden beschermd – hun onderscheidingsvermogen zal toenemen, en het binnengaan van hun leven zal geen schade lijden door de verstoringen van duivels. Als je niet in staat bent op deze manier te praktiseren – als je de duivels niet in toom kunt houden, de poort niet kunt bewaken – dan zullen de duivels voortdurend komen verstoren. Vandaag verstoren ze de ene persoon, waardoor ze hem negatief maken en hem ertoe brengen lusteloos te worden in het prediken van het evangelie; morgen verstoren ze een ander, wat ertoe leidt dat hij zijn plicht niet wil vervullen, wat het werk vertraagt en je dwingt een vervanger te vinden. Je zult voortdurend een of andere plotselinge, onverwachte situatie moeten afhandelen. Is op deze manier werk doen niet heel passief? (Ja.) Voldoe je dan als leider of werker bij lange na niet aan de norm? Als je niet als leider of werker zou dienen, zou je je eigen ingang in het leven, je eigen eten en drinken van Gods woorden, en jouw plicht kunnen beheren. Maar zodra je als leider of werker begint te dienen, heb je het elke dag druk – je rent verwoed rond en loopt de benen uit je lijf. Ofwel er verschijnt een antichrist of kwaadaardig persoon die de kerk verstoort, ofwel sommige broeders en zusters worden negatief en willen hun plicht niet vervullen, ofwel een nieuwe gelovige wordt misleid door geruchten en wil niet meer geloven en trekt zich terug. Het werk wordt niet adequaat gedaan, waardoor er overal problemen blijven opduiken, en het voortdurend optreden van deze problemen zorgt ervoor dat je elke dag overweldigd en uitgeput bent en het niet aankan, niet goed kunt eten of slapen – en toch wordt het werk nog steeds niet goed gedaan. Dat is volkomen incompetent zijn voor het werk. Zo’n leider of werker voldoet volstrekt niet aan de norm. Waarom zeg Ik dat je niet aan de norm voldoet? Omdat je niet vooraf duidelijk hebt gecommuniceerd over deze problemen die ongetwijfeld zouden opduiken, waardoor iedereen de waarheid kon begrijpen en onderscheidingsvermogen kon verkrijgen, zodat de problemen onmiddellijk konden worden opgelost wanneer ze zich voordeden. Met andere woorden, je hebt de meeste mensen niet ingeënt om hen toe te rusten met het vermogen deze dingen te weerstaan. Uiteindelijk, toen deze dingen de een na de ander gebeurden, werd je heel passief – altijd maar een puinhoop opruimen, altijd maar de nasleep afhandelen. Dit betekent dat je als leider of werker bij lange na niet aan de norm voldoet. In hoe je verschillende soorten duivels behandelt, zijn je methoden om hen aan te pakken ongepast, is het werk dat je doet ontoereikend, en dus wordt het werk van de kerk voortdurend verstoord, voortdurend geplaagd door problemen. Je moet altijd dingen verhelpen en op orde krijgen, dus je voelt je extreem druk, en het wordt heel zwaar om dit werk te doen.

Herinneren jullie je de twee principes voor de omgang met mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels? Wat is het belangrijkste principe? Wees niet bang voor duivels en Satans, en mijd hen niet. Leer in plaats daarvan hen te onderscheiden en hun essentie te doorzien, en vat de neiging van hun gedachten; dat wil zeggen, zie helder wat ze in de kerk willen doen en welke doelen ze willen bereiken. Op deze manier kun je passiviteit omzetten in initiatief, en actief in de aanval gaan om hen te ontmaskeren en aan te pakken. Als je, wanneer je duivels en Satans ziet spreken en handelen, alleen maar walgt en geen aandacht aan hen wilt besteden of met hen wilt samenwerken, en dat is alles – en als je het zelfs negeert wanneer je ziet dat duivels en Satans het werk van de kerk verstoren en hinderen – is op deze manier handelen dan in overeenstemming met Gods bedoelingen? (Nee.) Nadat duivels en Satans de kerk hebben geïnfiltreerd, zullen ze het kerkleven niet op een manier leiden waarbij ze zich aan de regels houden, laat staan dat ze op een manier dienst zullen doen waarbij ze zich aan de regels houden. Ze zullen onvermijdelijk hun mond opendoen en dingen doen, zelfs tot op het punt van niet opgeven totdat hun doelen zijn bereikt. Daarom moet je in de omgang met duivels wijs zijn en volgens de waarheidsprincipes handelen. Mensen die ontmaskerd en verworpen moeten worden, moeten ontmaskerd en verworpen worden. Wanneer een duivel nog niet is onthuld, en als hij bereid is om dienst te doen, gebruik hem dan om dienst te doen, en houd hem daarbij nauwlettend in de gaten. Als je bijvoorbeeld een bepaalde supervisor, die de leiding heeft over een bepaald onderdeel van het werk, niet helemaal kunt doorzien – je ziet dat hij niet zo eenvoudig en open is als de andere broeders en zusters, dat hij nooit tegen iemand de volledige waarheid vertelt, en dat hij wanner hij op moeilijkheden of problemen in het werk stuit, niet naar een oplossing zoekt – dan moet je het initiatief nemen om zijn situatie tot op de bodem uit te zoeken. Je mag niet passief zijn, wachten tot hij het werk heeft verpest en dan proberen ‘de put te dempen als het kalf al verdronken is’. Je moet met hem praten en kijken wat zijn houding is ten opzichte van zijn plicht, of hij specifieke plannen en regelingen voor het werk heeft, of hij principes heeft voor de uitvoering van het werk, of hij kan werken volgens de werkregelingen, en of hij in staat is degenen boven hem te bedriegen en dingen te verbergen voor degenen onder hem, en de dingen op zijn eigen manier te doen. Zijn dit geen dingen waar je op moet letten? (Jawel.) Stel dat je ontdekt dat iemand een duivel is, en je daardoor niet meer met hem omgaat, en zelfs zegt: ‘Deze duivel is uiterst angstaanjagend – ik walg er al van als ik hem zie. Ik zal niet meer met hem spreken. Ik moet een duidelijke grens trekken tussen ons twee, en de broeders en zusters ook een duidelijke grens laten trekken – iedereen moet hem links laten liggen.’ Is het oké om op deze manier te handelen? Dit is een dwaze manier van handelen. Het is noch slim noch wijs, en je bezit dan geen gestalte. Denk je dat je slim bent alleen maar omdat je niet met hem spreekt? Ben je iemand die Gods bedoelingen in acht neemt? Heb je je verantwoordelijkheid vervuld? Heb je de last op je genomen om de kudde te hoeden en de poort van Gods huis te bewaken? Zou je niet ook over deze dingen moeten nadenken? Gods vereiste voor mensen om onderscheidingsvermogen ten opzichte van duivels te hebben, betekent absoluut niet dat het voldoende is om duivels slechts te verwerpen. Je moet ook in staat zijn om toe te zien op duivels en hen te beperken; als een duivel nog niet is onthuld en hij wil dienstdoen, moet je ook in staat zijn om gebruik te maken van hem – ook deze dingen behoren tot de plicht die je behoort te doen, de verantwoordelijkheid die je behoort te vervullen, en dit is volledig omwille van het veiligstellen van het werk van de kerk. Als je ziet dat iemand buitengewoon ondoorgrondelijk is, dat alles wat hij zegt waterdicht is en niemand hem kan doorgronden, dan is deze persoon erg gevaarlijk en niet te vertrouwen. Vooral als je iemand ziet die zich op een bijzonder sinistere en abnormale, verraderlijke, sluwe manier gedraagt – die tegen niemand ooit de volledige waarheid vertelt, en die niet kan worden doorzien door de meeste broeders en zusters die met hem omgaan of optrekken – dan kan zo iemand niet zomaar aan de kant worden geschoven en met rust worden gelaten. Je moet in plaats daarvan op hem afstappen, contact met hem leggen en met hem praten, om zo een groter onderscheidingsvermogen en inzicht te ontwikkelen, te zien wat hij denkt, te zien wat de bron en motivatie van zijn handelingen is, wat hij van plan is te doen, of hij in staat is werk op zich te nemen bij het vervullen van zijn plicht, of hij het werk van de kerk zou kunnen verstoren en een onafhankelijk koninkrijk zou kunnen stichten, en of het meer kwaad dan goed zou doen als hij zijn plicht zou vervullen, en dat het uiteindelijk een verlies is dat niet opweegt tegen de winst. Kijk – is het een eenvoudige zaak om een leider of werker te zijn? Wanneer zo iemand in de kerk wordt ontdekt, mag je niet alleen geen afstand van hem nemen en hem niet mijden, maar moet je in plaats daarvan actief op hem afstappen en contact leggen. Wat is het doel hiervan? Het is om grip te krijgen op zijn situatie en voorzorgsmaatregelen te nemen. Als je bijvoorbeeld een CCP-agent of spion tegenkomt die voortdurend op zoek is naar mogelijkheden om in jouw persoonlijke informatie te neuzen, en je voelt in je hart dat hij een spion is, dan moet je op je hoede zijn voor hem, en mag je hem absoluut niet je werkelijke situatie vertellen. Je moet ook een nog belangrijkere zaak onthouden: je mag hem niet je telefoonnummer, e-mailaccount, enzovoort laten weten. Echter, als je je er alleen maar voor behoedt dat hij in jouw eigen situatie neust, maar je andere dingen volledig negeert en op hun beloop laat, zoals de vraag met wie hij nog meer in contact staat, naar wiens informatie hij vraagt, en naar welke situatie van de kerk hij vraagt – en je zelfs bij jezelf denkt: ‘Ik ben hier best slim in’ – hoe is dan je aanpak van deze zaak? Heb je enige wijsheid getoond? Heb je getoond dat je gestalte hebt? Heb je je verantwoordelijkheid vervuld? Heb je de belangen van Gods huis veiliggesteld en de broeders en zusters beschermd? Als je deze zaken helemaal niet in overweging neemt, dan ben je een door en door egoïstisch en verachtelijk persoon. Laten we zeggen dat je iemand tegenkomt die een duivel is, en hij vraagt je waar je vandaan komt en of er iemand in je familie in God gelooft; je weet dat hij naar informatie vist, dus je zegt terloops een paar dingen om hem af te wimpelen zonder je werkelijke situatie prijs te geven, en dan draai je de vragen om en vraag je hem: ‘Waar kom jij vandaan? Wie in jouw familie gelooft in God? Hoe is het kerkleven in de kerk in jouw woonplaats? Arresteert de CCP daar gelovigen? Ben jij ooit gearresteerd?’ De CCP-agent of spion denkt bij het horen hiervan bij zichzelf: ‘Ik was altijd degene die de vragen stelde – niemand heeft de rollen ooit omgedraaid en mij ondervraagd. Deze persoon heeft hersens!’ Omdat hij ziet dat je hem vragen blijft stellen, wordt hij bang dat zijn identiteit zal worden ontmaskerd en verandert hij dus van onderwerp. Je moet dit soort persoon zorgvuldig observeren. Als je vaststelt dat hij uiterst verdacht is, en er tachtig procent kans is dat hij een CCP-spion is, dan moet je je voor hem hoeden – je mag niet eens een klein beetje informatie over de broeders en zusters prijsgeven. Als de broeders en zusters helemaal niet op hun hoede zijn voor hem en deze persoon zonder voorbehoud alles vertellen wat ze weten, en bereid zijn om overal over te praten, dan brengt dit de kerk en de broeders en zusters gemakkelijk in gevaar. Je moet zo iemand dus goed in de gaten houden – observeer met wie hij voortdurend in contact komt, van wie hij voortdurend informatie probeert te verkrijgen, of hij stiekem de telefoonnummers van de broeders en zusters controleert, of de accounts op hun computers controleert, of achter de rug van mensen om interne informatie van Gods huis inziet. Je moet hem nauwlettend in de gaten houden – je mag hem niet laten slagen. Je moet ook de broeders en zusters vertellen dat ze zich voor deze persoon moeten hoeden – als hij herhaaldelijk naar informatie vist, moet hij worden gemeden, en hij moet worden gewaarschuwd om mensen niet lastig te vallen. Daarnaast moet je ook kijken welke ketterijen en drogredenen ze verspreiden om de broeders en zusters te misleiden – als je dergelijke problemen ontdekt, moet je ze onmiddellijk aanpakken en oplossen. Op deze manier praktiseren is het werk van de kerk veiligstellen en de broeders en zusters beschermen – dit is de verantwoordelijkheid van leiders en werkers, en het is ook de verantwoordelijkheid van Gods uitverkoren volk. Als je werkeloos toekijkt en hen naar believen laat rondneuzen, is het mogelijk dat enkele dwaze mensen of nieuwkomers met een oppervlakkige fundering in het geloof hun alles vertellen. Daarna kan de politie op het vasteland van China onmiddellijk beginnen met het arresteren van hun familieleden en verwanten, wat bepaalde kerken en bepaalde broeders en zusters in de problemen brengt. Wat voor soort problemen er ook worden veroorzaakt, het is in elk geval zo dat, als je als leider of werker ontdekt dat iemand een duivel is, maar je niet onmiddellijk actie neemt, de voorzorgsmaatregelen niet naar behoren uitvoert, en als gevolg daarvan enkele dwaze en onwetende mensen veel dingen prijsgeven die niet prijsgegeven zouden moeten worden en de informatie van de broeders en zusters laten uitlekken, wat het werk van de kerk en de broeders en zusters in de problemen brengt, dan is dat het verzaken van jouw verantwoordelijkheid. Zeg Mij, hoe was jouw plichtsvervulling in dit geval? Heb je het goed gedaan? (Nee.) Je plicht niet goed doen – is dit een kwestie waarin je God hebt gefaald? (Ja.) Dit is God falen. Als jullie zelf redelijk veilig in het buitenland zitten, maar door jullie eigen dwaasheid om de tuin worden geleid door een CCP-agent, zal dit gevaarlijke gevolgen hebben; het zal een ramp uitroepen over de kerken en broeders en zusters in jullie woonplaats op het vasteland. Zijn jullie bereid om zo’n consequentie te laten gebeuren? (Nee.) Als mensen een beetje geweten en een beetje menselijkheid hebben, zouden ze niet bereid moeten zijn om dit soort dingen te zien gebeuren; ongeacht waar ze zich momenteel zelf bevinden, wensen ze niet broeders en zusters op het vasteland onder vervolging te zien lijden. Als iemand zegt: ‘Nou, ik zit nu veilig in het buitenland – wat kan het mij schelen wie er gearresteerd wordt! Wat heeft het met mij te maken als iemand lijdt? Zelfs mijn eigen familie kan me niet schelen. Ik heb geen genegenheid’ – heeft zo iemand menselijkheid? (Nee.) Die heeft geen menselijkheid – zo moet men niet denken. Als je beweert dat je geweten en menselijkheid hebt, dan mag je op zijn minst je verwanten en de kerk op het vasteland niet in de problemen brengen. Dus, wanneer je met duivels wordt geconfronteerd, is het niet voldoende om alleen maar onderscheidingsvermogen te hebben ten opzichte van hen – je moet ook alomvattend denken. Je moet bedenken hoe je moet handelen op een manier die er aan de ene kant voor zorgt dat je jezelf niet blootgeeft, en er aan de andere kant voor zorgt dat je ouders en verwanten en de broeders en zusters op het vasteland geen schade wordt berokkend. Je moet je verantwoordelijkheid vervullen om het werk van de kerk veilig te stellen en de poort van Gods huis te bewaken. Dit is de verantwoordelijkheid die mensen behoren te vervullen. Als je je uiterste best hebt gedaan, dan treft jou geen blaam, zelfs als er iets is misgegaan omdat er dingen waren die je niet kon doen of omdat je een bepaalde kwestie niet doorzag – alles is in Gods handen. Maar vanuit het perspectief van mensen moet je duidelijk zijn over de verantwoordelijkheid die mensen behoren te vervullen. Je mag die niet afschuiven, en je kunt niet alleen aan jezelf denken – je moet ook rekening houden met de broeders en zusters om je heen en het werk van de kerk. Is dit beoefeningspad nu duidelijk? (Ja.) Zie je, als over deze zaken niet was gecommuniceerd, zouden jullie de meest cruciale en belangrijkste dingen over het hoofd hebben gezien, en nog steeds van mening zijn geweest dat jullie wisten hoe je met duivels en Satans moest omgaan. In werkelijkheid begrijpen jullie de beoefeningsprincipes niet – dit is jullie ware gestalte.

Of je nu wel of niet in staat bent de houding van duivels ten opzichte van de waarheid, positieve dingen en God waar te nemen, hun essentie is in ieder geval haat jegens de waarheid, haat jegens positieve dingen en haat jegens God. Dit is verwrongen zijn. Of het nu is door de woorden die ze onthullen of door de gedachten en gezichtspunten in hun hart, het is mogelijk hun houding ten opzichte van de waarheid, ten opzichte van positieve dingen en ten opzichte van God te zien. Afgaande op deze houding kan met zekerheid worden gezegd dat duivels de waarheid absoluut niet aanvaarden, positieve dingen absoluut niet aanvaarden en God natuurlijk absoluut niet aanbidden. Daarom aanvaarden ze geen enkele correcte suggestie, uitspraak of aansporing van mensen. Wat betreft de waarheidsprincipes van God, Gods vermaningen, Gods vereisten en Gods leringen voor mensen; deze wijzen ze des te meer allemaal af en ze aanvaarden ze nooit. In plaats daarvan smeden ze in hun hart plannen over wat ze maar willen, wat henzelf maar ten goede komt. Ze smeden plannen over hun status, hun reputatie, hun trots en hun bestemming; ze smeden plannen over welke voordelen ze ook maar willen genieten, verkrijgen en verwerven in hun werkelijke leven. Dit is hun innerlijke wereld, en het is voldoende om aan te tonen dat hun aard-essentie boosaardig is. Deze verwrongen aard-essentie zal nooit veranderen. Van begin tot eind hebben alle dingen die ze doen, en al hun gedachten en gezichtspunten, totaal geen betrekking op de waarheidswerkelijkheid, en hebben ze niets te maken met Gods leringen of het juiste pad van het menselijk leven; het zijn allemaal boosaardige negatieve dingen. Hoe je ook over de waarheid communiceert met mensen met een boosaardige essentie, hoe je hen ook met liefde probeert te helpen, je kunt hen niet raken, je kunt hun gedachten en gezichtspunten niet veranderen, en je kunt hun manier van leven waarin ze elke dag alleen maar aan het kwaad denken, niet veranderen. Natuurlijk kun je ook de doelen die ze nastreven niet veranderen, noch de manier waarop en de richting waarin ze elke zaak beramen. Deze mensen die duivels zijn, blijven van begin tot eind hetzelfde. Hun boosaardige essentie zal niet veranderen. Zelfs als ze altijd hun plicht in Gods huis hebben vervuld, zonder Gods naam te verloochenen of de ware weg te verlaten, kunnen hun verdorven gezindheden onmogelijk worden afgeworpen, en kan hun menselijkheid ook onmogelijk enige verandering ondergaan, omdat ze de waarheid niet aanvaarden en alles waarover ze nadenken en alles dat ze overpeinzen verband houdt met negatieve dingen en boosaardige dingen. Natuurlijk is één ding zeker: deze mensen kunnen onmogelijk redding verkrijgen. Wat hun bestemming is, spreekt voor zich. Wat hun bestemming is, is niet waar we hier over communiceren. Waar we ons op richten is het onderscheiden en ontleden van hun aard-essentie.

De eerste uiting van de verwrongen aard-essentie van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels – ‘sinister en abnormaal zijn’ – is nu volledig gecommuniceerd. Waar we voornamelijk over hebben gecommuniceerd, waren hun diverse houdingen en uitingen in hoe ze positieve dingen behandelen, evenals de diverse gedachten en gezichtspunten die ze in hun hart koesteren en erop nahouden. Of het nu hun concrete onthullingen en uitingen zijn, of de dingen die diep in hun hart verborgen zijn en die ze niet durven blootleggen, het bewijst allemaal dat ze geen gewone verdorven mensen zijn. Ze bezitten niet het geweten en verstand van gewone verdorven mensen. Er kan ook worden gezegd dat deze mensen niet de menselijkheid van gewone verdorven mensen bezitten. Om het simpel te zeggen: deze mensen hebben geen menselijkheid. Hoe boosaardig hun gedachten en gezichtspunten ook zijn, hoe boosaardig en hoe onverenigbaar met de menselijkheid hun uitspraken, handelingen, gedragingen en houding ook zijn, ze zijn zich er totaal niet van bewust. Ze kenmerken hun eigen aard-essentie nooit als boosaardig, tegendraads of vijandig tegenover de waarheid. Hoe je ook met hen communiceert, ze leven nog steeds binnen het domein van hun verdorven gezindheden. Wanneer deze mensen met elkaar omgaan, kunnen ze het bijzonder goed met elkaar vinden en zijn ze bijzonder eensgezind in hun gemeenheid. Maar in hun hart hebben ze een extreme afkeer van en walgen ze van mensen die de waarheid begrijpen en de waarheid nastreven.

B. Toegeven aan de seksuele verlangens van het vlees

De vorige keer hebben we bij de bespreking van de verwrongen aard-essentie van mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels, hun ‘wellustigheid’ en ‘seksuele provocatie’ genoemd, twee soorten uitingen van seksueel verlangen van het vlees. Naast deze twee aspecten is er nog een ander aspect dat verband houdt met ‘wellustigheid’ en ‘seksuele provocatie’, een soort uiterlijk gedrag of uitleven van menselijkheid, namelijk ‘losbandigheid’. ‘Wellustigheid’ en ‘losbandigheid’ gaan meestal hand in hand. Weten jullie wat ‘losbandigheid’ betekent? (Gedrag en handelingen die zedeloos en ongeremd zijn, en het lichtzinnig versieren van anderen.) ‘Losbandigheid’ betekent mateloosheid – het betekent zedeloos en ongeremd zijn. Deze drie aspecten zouden voldoende moeten zijn om de boosaardige uitingen van dit soort persoon met betrekking tot het seksuele verlangen van het vlees te ontleden. Volwassenen behoren de uitingen van wellustigheid, seksuele provocatie en losbandigheid te kunnen begrijpen. Dit is niet abstract, want zulke dingen en zulke mensen zie en hoor je veelvuldig in het dagelijks leven. Wat zijn dan de voornaamste uitingen van zulke mensen? Als het gaat om relaties tussen mannen en vrouwen, zijn ze ongeremd, kennen ze geen grenzen en hebben ze geen schaamtegevoel. Ze zijn vooral mateloos als het gaat om hun seksuele verlangen, ze beteugelen het niet en hebben totaal geen terughoudendheid. Tegelijkertijd voelen ze zich totaal niet beschaamd over het toegeven aan hun seksuele verlangen. Ongeacht hoe oud ze zijn, wat hun geslacht of burgerlijke staat is, ze zijn vooral geïnteresseerd in het andere geslacht en besteden daar bijzondere aandacht aan. Telkens wanneer ze een groep mensen tegenkomen, besteden ze aandacht aan de leden van het andere geslacht in wie ze geïnteresseerd zijn. Deze aandacht bestaat er niet alleen uit dat ze vaker dan gewoonlijk naar hen kijken, met hen kletsen of normaal met hen omgaan – het betekent dat ze verstrikt raken in het seksuele verlangen tussen mannen en vrouwen en romantische relaties aangaan. Als het gaat om de persoon die ze leuk vinden, ongeacht hoe oud die persoon is, en ongeacht of de andere partij instemt of niet, zolang ze deze persoon leuk vinden, zullen ze het initiatief nemen om hem of haar te versieren, en gaan ze zelfs zover dat ze enkele ongebruikelijke handelingen doen of gedragingen vertonen om de aandacht van die ander te trekken. Ze zullen bijvoorbeeld af en toe lekker eten maken voor de ander; op feestdagen zullen ze hem of haar cadeaus geven; of er nu een reden voor is of niet, ze zullen berichten naar de ander sturen – en’s ochtends vragen: ‘Ben je al opgestaan?’ en’s avonds: ‘Heb je al gedoucht?’ Een paar dagen later zullen ze zeggen: ‘Het is de laatste tijd koud weer – zorg ervoor dat je je warm aankleedt en vat geen kou. Als je iets nodig hebt, kun je mij om hulp vragen!’ Ze uiten vaak hun bezorgdheid en gebruiken dat als een excuus om de ander lastig te vallen. Dit soort mensen probeert nooit slechts één of twee individuen, of twee of drie te versieren – deze mensen proberen iedereen te versieren op wie ze een oogje laten vallen. Ze vallen voor iedereen die ze zien; zodra ze iemand aantrekkelijk vinden of een goed gevoel bij iemand hebben, ontwikkelen ze onmiddellijk wellustige gedachten en proberen ze die persoon te verleiden. In welke groep ze zich ook bevinden of in welke omgeving ze ook zijn, ze vergeten deze zaak nooit. Waar ze ook gaan, ze richten zich altijd op drie of vijf, of een stuk of twaalf vrienden of vertrouwelingen van het andere geslacht op wie ze vallen. Als ze fysiek contact kunnen hebben, beschouwen ze dit als het bereiken van het doel van een romantische relatie. En als het nog niet het niveau van een romantische relatie heeft bereikt, geeft alleen al het op deze manier proberen te versieren van anderen hun een heel geweldig gevoel – hun dagen voelen fijn en bevredigend. Als de omgeving het niet toelaat en ze niet in staat zijn iemand van het andere geslacht te versieren, voelen ze zich ontstemd. Als iemand hen eraan herinnert dat dergelijk gedrag ongepast is, koesteren ze wrok in hun hart. Als iemand hen beperkt in het roekeloos versieren van mensen, worden ze in hun hart onwillig en opstandig, en denken ze zelfs: ‘Dit is mijn recht – hoezo ben jij gekwalificeerd om mij te beperken? Wat ik doe is mijn vrijheid! Ik overtreed de wet niet en pleeg geen misdaad, dus wie ben jij om te proberen mij te beheersen?’ Ongeacht de omgeving voelen dit soort mensen altijd de behoefte om een of ander vermaak te vinden om zichzelf bezig te houden – ze voelen altijd de behoefte om een paar vrienden van het andere geslacht of seksuele partners te vinden om de tijd te verdrijven, om hun leven te vullen en het aangenamer te maken. Anders voelen ze dat hun leven leeg, saai en oninteressant is. Sommige mensen kunnen het, nadat ze onophoudelijk het doelwit van versierpogingen zijn, niet laten om online naar pornografie te kijken. Ze leven in het seksuele verlangen van hun vlees, zedeloos en ongeremd, en zolang de omstandigheden het toelaten, zijn ze tot alles in staat. Mensen die gereïncarneerd zijn uit duivels, moeten, ongeacht de gelegenheid of de omgeving, ongeacht hoe moeilijk hun leven is, ongeacht hoe groot hun werklast is, en ongeacht of de omgeving het toelaat of niet, altijd toegeven aan seksueel verlangen, en zoeken naar mogelijkheden om in contact te komen met mensen van het andere geslacht en hen te versieren, om zo hun seksuele verlangen volledig te bevredigen. Als het seksuele verlangen van hun vlees niet kan worden bevredigd, dan is zelfs het bevredigen van het verlangen van hun geest voldoende. Dit is wat verwrongen zijn wordt genoemd – ze zijn zo verwrongen. Sommige mensen zijn al op leeftijd, met kinderen die getrouwd zijn en hun eigen gezin hebben, en toch zijn ze nog steeds extreem mateloos en ongeremd in hun seksuele verlangen, volkomen zonder schaamtegevoel. Wanneer ze iemand van het andere geslacht zien die ze leuk vinden, bedenken ze allerlei manieren om kansen te creëren om alleen met die persoon te zijn – om dan de hand van die persoon vast te houden, hem of haar te omhelzen of aan te raken, en enkele flirterige, speelse opmerkingen te maken of enkele provocerende dingen te zeggen. Door dit te doen, veroorzaken ze geleidelijk aan verstoring bij sommigen van het andere geslacht. Dit is wellustig zijn. In hoeverre zijn dit soort mensen wellustig? Wanneer ze iemand van het andere geslacht zien die aantrekkelijk is of een goed figuur heeft, beginnen ze wellustige gedachten te krijgen. Zelfs alleen al het horen spreken van iemand van het andere geslacht met een zachte, magnetische en relatief aangenaam klinkende stem kan wellustige gedachten in hen opwekken. Zodra deze wellustige gedachten zijn opgewekt, is het niet zo dat ze slechts af en toe aan deze dingen denken – ze denken er veeleer heel vaak aan. Ze denken eraan tijdens het eten, tijdens het werken, zelfs tijdens het dromen, en hun geest stroomt elke dag over van deze wellustige gedachten. Omdat ze de boosaardige essentie van wellustigheid bezitten, zullen ze zonder enige terughoudendheid toegeven aan het seksuele verlangen van hun vlees. Zelfs wanneer ze iemand uit een goede familie zien die rijkdom en status heeft – een rijke jongedame of een welgestelde echtgenote, of een lange, rijke en knappe man, of een welgestelde zakenman – beginnen ze wellustige gedachten te krijgen. Kijk maar eens hoe vreselijk wellustig zulke mensen zijn! En er zijn nog ergere gevallen. In de kerk was er een broeder die goed zong. Hij was niet een of andere zanger van ‘sterrenniveau’ – hij had gewoon een ietwat mooi klinkende stem. Blijkbaar ontwikkelden sommige vrouwen, na het horen van zijn zang, goede gevoelens voor hem en wilden ze met hem trouwen. Deze vrouwen hadden nog nooit gezien hoe deze broeder eruitzag. Ze wisten niet hoe oud hij was, wat voor persoonlijkheid hij had, welk opleidingsniveau hij had, hoe zijn kaliber was, of hoe zijn geloof in God was. Ze hielden met geen van deze dingen rekening, en toch wilden ze met hem trouwen, en hun wellustige gedachten werden alleen al door het horen van zijn stem opgewekt. Zeg Mij, hebben zulke duivels geen verwrongen aard? Een normaal mens zou, als hij iemand goed hoorde zingen, op zijn hoogst een beetje jaloers zijn, maar zou er nooit aan denken om met die persoon te trouwen. Als ze werkelijk met iemand wilden trouwen, zouden ze het karakter en de familiesituatie van die persoon leren kennen voordat ze zo’n beslissing namen, zoals hoe oud hij is, hoe hij eruit ziet, hoe zijn karakter is, hoe zijn familie is – alleen als alle aspecten bevredigend waren, zouden ze overwegen om met hem te trouwen. Maar mensen die duivels zijn, zijn anders – sommige vrouwen willen, nadat ze een man goed hebben horen zingen, meteen met hem trouwen; sommige mannen willen, als ze een aantrekkelijke vrouw zien, meteen met haar trouwen. Zijn zulke mensen niet angstaanjagend? Ze zijn zowel angstaanjagend als weerzinwekkend! Telkens wanneer ze iemand zien met status, kennis, welsprekendheid of een bepaalde sterke kant, of als ze iemand zien die mooi of knap is, beginnen ze wellustige gedachten te krijgen. Wanneer ze zulke mensen zien, lonken ze altijd naar hen zonder met hun ogen te knipperen; hun ogen zijn gefixeerd, maar hun geest is erg actief en hun seksuele verlangen welt op – dit is wellustige gedachten hebben. Telkens wanneer er iemand is die voortdurend naar mensen van het andere geslacht lonkt zonder weg te kijken – en er zijn er zelfs die een boosaardige blik in hun ogen tonen, of kwijlen met hun mond open – is dit wellustige gedachten hebben. Zodra hun wellustige gedachten zijn opgewekt, beginnen ze handtastelijk te worden bij anderen. Dit wordt verwrongen zijn genoemd. Ongeacht de situatie, zolang hun visuele lust, auditieve lust of seksuele verlangen van het vlees worden getriggerd, zullen ze wellustige gedachten hebben – zulke mensen zijn duivels. Wordt het seksuele verlangen van duivels beperkt of beteugeld door het geweten en verstand van menselijkheid? Het wordt niet beteugeld, dus hun seksuele verlangen stroomt voortdurend over, en ze vertonen voortdurend uitingen van losbandigheid – ze zijn bijzonder mateloos. Het kan hun niet schelen hoeveel mensen er om hen heen zijn, wat hun eigen leeftijd is, of de andere partij hen leuk vindt of van hen walgt en een afkeer van hen heeft – zolang het iemand is op wie ze vallen, zullen ze wellustige gedachten hebben en zich overgeven aan fantasieën, en hun seksuele verlangen tot in de hoogst mogelijke mate bevredigen. Is dat niet walgelijk? Mensen zoals zij zijn extreem wellustig. Zelfs als ze geen kans kunnen vinden om betrekkingen te hebben met het andere geslacht, willen ze nog steeds anderen versieren. De uitingen van dit gedrag zijn dat ze vaak flirterige signalen afgeven door naar je te lonken, allerlei manieren bedenken om in contact met je te komen en bij je in de buurt te komen – opzettelijk rakelings langs je heen lopen en je hand, schouder of rug aanraken – en flirterige dingen zeggen, die allemaal opzettelijk zijn. Dit toont aan dat hun hart al gevuld is met lust. Normale volwassenen houden, wanneer ze omgaan met leden van het andere geslacht, grenzen, gematigdheid en beperkingen aan. Of het nu gaat om zaken als seksueel verlangen, gedachten, spraak, fysiek contact of de fysieke afstand tussen mensen, het wordt allemaal beheerst en beteugeld door hun geweten en verstand. Maar mensen die wellustig en losbandig zijn, zijn niet zo. Ongeacht de gelegenheid, hoeveel mensen er in de buurt zijn, of wat de situatie op dat moment is, en ongeacht hun eigen leeftijd en burgerlijke staat, of de andere partij bereid is, of de andere partij zich door hen afgestoten voelt, doen ze nog steeds wat ze willen, en geven zich moedwillig over aan hun seksuele verlangen. Dit wordt losbandig zijn genoemd. Mensen zoals zij worden door niets beteugeld – ze houden zich niet eens aan morele grenzen; ze zijn volkomen mateloos. Sterker nog, hoe ver gaan sommige mensen in hun mateloosheid? Zo ver dat ze openlijk lonken naar de intieme delen van het andere geslacht. Als iemand van het andere geslacht heldere, mooie ogen heeft, zullen ze elke gelegenheid aangrijpen om te delen wat er in hun hart leeft, om met hen te kletsen of werk te bespreken, terwijl ze strak in hun ogen staren. Als iemand van het andere geslacht een blanke, gladde, tere huid heeft, staren ze er vaak naar, of dat nu opzettelijk is of onopzettelijk. Als iemand van het andere geslacht een lang, slank figuur heeft, kijken ze stiekem van achteren toe en lonken ze naar hen zonder weg te kijken. Dit is vervuld zijn van seksueel verlangen. Zijn mensen zoals zij verwrongen? (Ja.) Er zijn ook enkele minderjarigen, of getrouwde volwassenen, die vaak naar pornografie of schoonheidswedstrijden zoals Miss World kijken, waar de vrouwen zich zeer onthullend kleden – genoeg om hun visuele lust te bevredigen. Hoe meer ze zich op deze manier overgeven, hoe moeilijker het wordt om hun seksuele verlangen en wellustige gedachten te beteugelen en te beheersen. Is dit een uiting van duivels? (Ja.) Zouden normale mensen op deze manier leven? Zouden ze zich op deze manier gedragen? (Nee.) Sommige oosterse mannen zijn relatief conservatief, en wanneer ze naar het Westen komen en veel vrouwen zien die zich onthullend kleden, worden ze nieuwsgierig en willen ze een paar keer extra kijken, maar na een tijdje, wanneer ze eraan gewend raken, zijn ze niet meer nieuwsgierig – dit is een normale uiting. Er zijn ook enkele ongetrouwde mensen die een beetje nieuwsgierig zijn naar zaken van seksueel verlangen, of die af en toe, als gevolg van een objectieve omgeving, enige boosaardige lust ontwikkelen. Dit zijn allemaal normale fysiologische reacties – dit kan niet verwrongen worden genoemd. Maar mensen die duivels zijn, zijn niet hetzelfde als gewone mensen. Hun verwrongenheid overtreft die van normale mensen – die is bijzonder abnormaal. Het is niet zo dat ze alleen maar nieuwsgierig zijn naar seksueel verlangen of dat ze normale fysiologische reacties of behoeften hebben – ze zijn losbandig en promiscue. Wanneer ze toegeven aan boosaardige lust, voelen ze totaal geen schaamte. Dit wordt verwrongen zijn genoemd. In hoeverre zijn ze verwrongen? Alleen al door te kijken naar de huid, ogen, het figuur of het uiterlijk van het andere geslacht – of zelfs alleen maar door hun stem te horen – beginnen ze wellustige gedachten te krijgen, en creëren ze vervolgens elke mogelijke gelegenheid om in contact te komen met de andere persoon of die persoon te benaderen, en gaan ze zelfs nog verder door dingen te doen die hun seksuele verlangen bevredigen. Dit wordt verwrongen zijn genoemd.

Een andere uiting van verwrongen zijn is dat deze mensen, in wat voor omgeving ze zich ook bevinden, altijd omringd zijn door verschillende mensen van het andere geslacht. Zo iemand versiert meerdere leden van het andere geslacht tegelijkertijd en onderhoudt vaak dubbelzinnige relaties met meerdere mensen. Wat wordt bedoeld met een dubbelzinnige relatie? Het is een relatie die lijkt op een vriendschap, maar ook op een romantische relatie – niemand kan duidelijk zeggen wat voor soort relatie ze eigenlijk hebben. Ze hebben geen duidelijke grenzen met het andere geslacht; hun relaties zijn bijzonder dubbelzinnig – er wordt voortdurend geflirt, en de dingen zijn troebel en onduidelijk. Worden deze uitingen beheerst door een wellustige aard? (Ja.) Wat betreft moraliteit en de ethiek van menselijke relaties, wordt in de kwaadaardige trends van de hedendaagse wereld dit soort fenomeen niet eens meer bekritiseerd. Mensen noemen dit capabel zijn, trendy zijn – ze noemen het seksueel bevrijd zijn. Sommige mensen brengen dit soort gedachten en gezichtspunten dus de kerk in. Ze geloven: ‘Met hoeveel mensen van het andere geslacht ik ook een romantische relatie heb, ik ben vrij om dat te doen. Zelfs de wet veroordeelt dit nu niet, dus heb ik het recht om te kiezen met hoeveel vrienden van het andere geslacht ik een romantische relatie heb, heb ik het recht om te kiezen hoe ik met mijn seksuele verlangen omga. Ik zou mezelf niet tekort moeten doen – ik moet mijn seksuele verlangen volledig de vrije loop laten.’ Is dit geen boosaardig argument? (Ja.) Hoeveel mensen het ook eens zijn met de opvattingen die in de trends van de samenleving worden gepromoot of hoeveel mensen die ook bepleiten en in praktijk brengen, in Gods huis worden dit soort ketterijen en drogredenen gekenmerkt als ‘verwrongen’, en degenen die vasthouden aan dit soort ketterijen en drogredenen worden ook gekenmerkt als ‘verwrongen’ – specifiek gezegd zijn ze ‘wellustig’ en ‘losbandig’. Is deze typering nauwkeurig? (Ja.) Elke functie en elk instinct van het lichaam van mensen vereist een fundamenteel niveau van regulering op basis van menselijkheid. En waar is deze regulering op gebaseerd? Die is gebaseerd op het geweten en verstand van mensen. Het schaamtegevoel dat onderdeel is van geweten en verstand behoort iemand’s fysiologische behoeften en seksuele verlangen op de juiste manier te reguleren. Als je het niet reguleert of beteugelt, maar in plaats daarvan toegeeft aan seksueel verlangen, dan wordt dat losbandig zijn genoemd, dat wordt wellustig zijn genoemd. Als je zulke uitingen hebt, dan ben je verwrongen. Verwrongenheid is een negatief ding – het is absoluut geen positief ding. Dit komt doordat het de grenzen overschrijdt van het schaamtegevoel dat onderdeel is van de menselijkheid van mensen, tot buiten de grenzen van de normale rationaliteit die God van mensen vereist; het overschrijdt de grenzen van de menselijkheid en vormt een verstoring van en leidt tot schade aan het normale leven van de broeders en zusters. Daarom wordt verwrongenheid absoluut gekenmerkt als iets boosaardigs, als een negatief ding; het is absoluut geen positief ding. De kerk, Gods huis, promoot absoluut geen seksuele bevrijding. Wat promoot Gods huis? (Waardig en fatsoenlijk zijn, en normale menselijkheid uitleven.) Gods huis promoot het fatsoen van heiligen hebben, en je gedragen met geweten en verstand. Op zijn minst moet je, als het gaat om seksueel verlangen en fysiologische behoeften, schaamtegevoel hebben. Dat wil zeggen, als je een huwelijk wilt aangaan, als je een normale romantische relatie wilt hebben, dan moet dat in overeenstemming zijn met de huwelijksprincipes die God voor mensen heeft verordend – het mag geen incest, losbandigheid of wellustigheid inhouden. Begrijpen jullie dat? (Ja.)

Zojuist hebben we gecommuniceerd over enkele uitingen van de verwrongenheid van mensen die duivels zijn. Is het goed dat we over dit soort onderwerp hebben gecommuniceerd om jullie te helpen enig onderscheidingsvermogen te krijgen? (Ja.) Wat de uiting ook is, als die de reikwijdte van de verdorven gezindheden van normale mensen overschrijdt of de reikwijdte van de aangeboren aard en instincten van mensen overschrijdt, dan is die abnormaal – het is een uiting van duivels. Onder wat we zojuist hebben gecommuniceerd, is er, afgezien van de mensen wier gedachten en gedragingen bijzonder sinister en abnormaal zijn, nog een ander soort persoon die misschien niet die duidelijk sinistere en abnormale uitingen vertoont, maar wiens duidelijke uiting is dat hij bijzonder wellustig en losbandig is. Omdat hij deze duidelijke uitingen heeft, bewijst dit ook dat hij een aspect van de verwrongen essentie van duivels heeft. Kan dan met zekerheid worden gezegd dat mensen die deze duidelijke uitingen hebben, duivels zijn? (Ja.) Ze geven op elk moment toe aan hun seksuele verlangen, hun hart is boordevol boosaardige lust, en ze zijn bijzonder geïnteresseerd in zaken die verband houden met het seksuele verlangen van het vlees – hun interesse gaat verder dan de fysiologische behoeften van normale mensen. Dat wil zeggen, ongeacht welke leeftijd ze hebben, welk geslacht ze hebben of wat hun burgerlijke staat is, hun uitingen van seksueel verlangen van het vlees gaan verder dan die van normale mensen, en gaan ook verder dan de behoeften van normale mensen. Dit is voldoende om te kunnen zeggen dat hun uitingen op dit gebied niet normaal zijn. Om hen met twee woorden te typeren, ze zijn bijzonder ‘wellustig’ en ‘losbandig’. Dat wil zeggen, hun fysiologische behoeften zijn extreem abnormaal. Telkens wanneer ze iemand van het andere geslacht zien die een bepaalde sterke kant of een gunstige aangeboren eigenschap op een bepaald gebied heeft, kunnen ze wellustige gedachten hebben en seksueel verlangen de vrije loop laten. Bijvoorbeeld, wanneer ze iemand van het andere geslacht zien met heldere, rechte tanden, en wiens glimlach bijzonder mooi en lief is, of met bijzonder mooi haar of mooie ogen, kunnen ze wellustige gedachten hebben. Welk kenmerk van het andere geslacht er voor hen ook goed of mooi uitziet, ze kunnen wellustige gedachten hebben. Ze laten seksueel verlangen de vrije loop en gebruiken dit als een manier om hun genegenheid en waardering voor de andere persoon te uiten. Is dit niet walgelijk? Het is extreem walgelijk! Sommige boosaardige mensen ontwikkelen wellustige gedachten telkens wanneer ze iemand van het andere geslacht een bepaalde gezichtsuitdrukking zien maken, zoals het iets optrekken van hun wenkbrauwen tijdens het spreken, of kuiltjes die verschijnen of het tonen van een bijzonder betoverende blik wanneer ze glimlachen. De frequentie en het aantal keren dat wellustige gedachten in hen worden opgewekt, is ondenkbaar en onvoorstelbaar. Normale mensen vinden het gewoonweg verbijsterend: ‘Als iemand er goed uitziet, is het prima om een of twee keer extra naar hem of haar te kijken – maar hoe kan dat leiden tot wellustige gedachten en het de vrije loop laten van seksueel verlangen? Is dat niet ziekelijk?’ Dingen waarvan normale mensen denken dat ze geen wellustige gedachten zouden opwekken, kunnen ervoor zorgen dat boosaardige mensen wellustige gedachten hebben en lust de vrije loop laten, en normale mensen kunnen dat niet begrijpen. Dit wordt verwrongen zijn genoemd. In gewone bewoordingen wordt het ziekelijk zijn, pervers zijn genoemd. Sommige vrouwen kunnen, zelfs wanneer ze een man zien met goed ontwikkelde spieren, scherp omlijnde gelaatstrekken en een lange gestalte, wellustige gedachten hebben. Of wanneer ze een man zien die over bepaalde vaardigheden en bekwaamheden beschikt, en bovendien rijkdom en status heeft, worden er voortdurend wellustige gedachten in hen opgewekt. Ze waarderen hem niet alleen of denken niet alleen dat hij fatsoenlijk is, voelen niet alleen een beetje genegenheid voor hem en willen niet alleen een romantische relatie met hem hebben of een relatie met hem nastreven – er worden veeleer voortdurend wellustige gedachten over hem in hen opgewekt. Zeg Mij, is dit niet walgelijk? Is dit niet verwrongen? (Ja.) Het veelvuldig opwekken van wellustige gedachten is abnormaal – het is verwrongen.

Hier zullen we onze communicatie over de uitingen van wellustigheid en losbandigheid bij mensen die uit duivels gereïncarneerd zijn, beëindigen. Laten we het nu hebben over ‘seksuele provocatie’. Seksuele provocatie houdt in feite verband met zowel wellustigheid als losbandigheid; het is slechts een manier om vanuit een ander perspectief over hetzelfde te praten. Het verwijst naar de manier waarop sommige mensen vaak met hun verleidelijke charmes voor mensen van het andere geslacht pronken, om hen te verleiden en een gunstige indruk op hen te maken. Sommige vrouwen brengen bijvoorbeeld graag felrode en sensueel-ogende lippenstift aan, maken hun ogen bijzonder aantrekkelijk met make-up en brengen zelfs rouge aan, hoewel ze al behoorlijk oud zijn. Bij het kiezen van kleding richten ze zich er altijd op om sexy en betoverend te zijn en de aandacht te trekken; wanneer ze spreken, doen ze hun best om koket of schattig te doen op een manier die het andere geslacht kan fascineren; enzovoort. Sommige mannen presenteren zich vaak als helden met sterke armen op wie vrouwen kunnen steunen. Ze spannen vaak hun spieren aan in het bijzijn van vrouwen, trekken grif hun shirt uit om met hun buikspieren te pronken, en gebruiken deze middelen om het andere geslacht aan te trekken. Hun doel is niet louter om leden van het andere geslacht een goede indruk van hen te laten krijgen of om iemand te vinden om mee uit te gaan, maar veeleer om leden van het andere geslacht te verleiden, hun interesse te wekken en hen vervolgens in de val van seksuele begeerte te lokken. Dit is hun doel. Is dit niet seksueel provocerend zijn? (Ja.) Dit is provocerend zijn. Ongelovigen noemen zulke mensen ‘sletten’. Wat voor soort dingen doen deze ‘sletten’? Als het een vrouw is, is ze zelfs kieskeurig over de lippenstift die ze kiest. Ze zal geen gewone lippenbalsem gebruiken, en ze minacht ook de lippenstift die door waardige en fatsoenlijke mensen wordt gebruikt, omdat ze die niet chic genoeg vindt. Ze selecteert speciaal zwoele kleuren die haar lippen er na het aanbrengen bijzonder sexy en verleidelijk uit laten zien, met het doel de harten van mannen in beroering te brengen, hen te fascineren en te maken dat ze door en door verliefd op haar worden en voor haar vallen. In haar omgang met mannen onthult ze vaak provocerend gedrag en laat ze seksuele begeerte de vrije loop, allemaal met het doel hen te verleiden. Hoe meer mannen erbij zijn, vooral de types waar ze op valt, hoe levendiger en actiever ze wordt, en hoe meer ze haar uiterste best doet om zichzelf te etaleren, waarbij ze pronkt met haar welsprekendheid, een verfijndere woordenschat gebruikt, bijzondere aandacht besteedt aan haar gezichtsuitdrukkingen en zich op een bijzonder kokette manier kleedt. Dit wordt provocerend zijn genoemd. Is er een verschil tussen provocerende mensen en wellustige mensen? Zijn ze van hetzelfde type? (Ja.) Ze zijn uit hetzelfde smerige hout gesneden. De een verleidt proactief, de ander houdt zich proactief bezig met wellustigheid. Dit zijn beide uitingen van het toegeven aan seksuele begeerte, uitingen van overlopende seksuele begeerte en van losbandigheid, die allemaal worden beheerst door een afwijkende aard-essentie. Mensen van dit provocerende type, of ze nu een man of een vrouw zijn, ongeacht leeftijd of burgerlijke staat, beteugelen hun gedrag in geen enkele omgeving, noch beteugelen of beheersen ze hun seksuele begeerte. In plaats daarvan zijn ze losbandig en nonchalant, en maken ze zelfs proactief avances – ze dragen speciale kleding, gebruiken speciale uitdrukkingen, speciale taal, speciale manieren van spreken, en doen enkele speciale dingen om de aandacht van het andere geslacht te trekken, hen tot een gesprek te verlokken, hen te laten toehappen, enzovoort. Daarom zijn zulke mensen niet louter wellustig, maar ook provocerend. Het woord ‘provocerend’ is inderdaad behoorlijk walgelijk. Kortom, of zulke mensen nu wellustigheid of seksuele provocatie vertonen, de manier waarop ze seksuele begeerte de vrije loop laten is losbandig, de aard van de manier waarop ze hun seksuele begeerte de vrije loop laten is losbandig, en hun essentie is afwijkend. De uitingen van zulke mensen, of ze nu wellustig of provocerend zijn, overstijgen de fysiologische behoeften van normale mensen, en het ontbreekt hun aan de beteugeling van geweten en verstand. Daarom zijn zulke mensen door en door boosaardige mensen. Hoe je het ook bekijkt, het zijn geen goede mensen, maar duivels. In elke groep zal de aanwezigheid van zelfs maar één zo’n duivel verstoring veroorzaken. Waardige en fatsoenlijke mensen walgen van hen, terwijl degenen met een kleine gestalte, of degenen zonder enig onderscheidingsvermogen of standpunt – vooral degenen die uit dieren zijn gereïncarneerd – vaak door hen worden misleid en onder hun intimidatie lijden. Samenvattend zijn duivels die deze boosaardige uitingen vertonen een plaag in elke groep waarin ze zich bevinden, en brengen ze niemand enig voordeel of hulp, omdat hun seksuele begeerte veelvuldig overstroomt, wat vaak het dagelijks leven en de normale gedachten van sommige mensen verstoort.

Zeg Mij, zijn boosaardige mensen van dit wellustige, losbandige en provocerende type gemakkelijk te onderscheiden? (Ja.) Volwassenen kunnen hen onderscheiden, en tegenwoordig kunnen zelfs minderjarige kinderen dat misschien ook. Daarom moeten de meeste mensen, wanneer ze mensen met de boosaardige essentie van duivels tegenkomen, enig gevoel, enig onderscheidingsvermogen hebben; ze zullen niet zo dwaas zijn dat ze het niet kunnen zien. Dus, wanneer jullie zulke mensen tegenkomen, weten jullie dan hoe jullie hen moeten behandelen? Zullen jullie hen afwijzen? Als je iemand ontmoet die niet naar jouw smaak is, wijs je hem misschien af. Maar als het iemand is die echt naar jouw smaak is – jouw droomminnaar of minnares, jouw ideale echtgenoot of echtgenote – zou het dan gemakkelijk voor jou zijn om hem of haar af te wijzen? Je weet duidelijk dat het dit type persoon is, maar omdat hun uiterlijk te betoverend is of een of ander sterk punt van hen jou te veel raakt, stelen ze jouw hart en fascineren ze jou – in dit soort situaties wordt het moeilijk voor jou om die persoon af te wijzen. Als je hen niet afwijst, verkeer je dan niet in gevaar? (Ja, dat is voor de verzoeking bezwijken.) Is het louter voor de verzoeking bezwijken? Dit is in de draaikolk van seksuele begeerte vallen. Is het gemakkelijk voor iemand die gevangen zit in de draaikolk van seksuele begeerte om zich daaruit te bevrijden? (Nee, dat is het niet.) Zo iemand toont jou bezorgdheid en consideratie, liefde en zorg, en bovendien bewijst diegene je voortdurend kleine gunsten. Je voelt je vanbinnen buitengewoon warm en denkt: ‘Er is niemand anders in de wereld die me zo goed behandelt; dit is mijn droomprins, mijn droomminnaar.’ Je beseft niet dat als diegene een wellustig en losbandig persoon is, hij anderen op dezelfde manier behandelt. Je bent slechts een van al zijn vrienden van het andere geslacht; voor hem ben je louter iemand die hij passeert op zijn lange levensreis – niet meer dan een tussenstop. Wanneer diegene genoeg plezier met je heeft gehad en je geen enkele aantrekkingskracht meer op hem uitoefent, word je iemand die hij afdankt. Hij dankt je net zo meedogenloos af alsof hij een kledingstuk of een vod weggooit, en dan zul je de pijn voelen. Wanneer diegene besluit je af te danken, is jouw huilen nutteloos, is jouw smeken nutteloos, zelfs jouw knielen voor hem is nutteloos; sommige mensen plegen zelfs zelfmoord, maar ook dat is nutteloos – niets kan hem raken. Zodra diegene geen seksuele behoefte meer heeft aan jou, zal hij zeggen geen gevoelens meer voor je te hebben, niet meer van je te houden, en op zoek gaan naar de volgende prooi om jou te vervangen. Dat is wanneer je ontdekt dat zulke mensen geen geschikte huwelijkspartners zijn, dat het idee van een droomprins, zielsverwant of droomminnaar allemaal slechts een bedrieglijke truc is, en pas dan besef je dat seksuele begeerte geen ware liefde is. Met wie zulke wellustige en losbandige mensen ook uitgaan, ze hebben alleen seksuele begeerte en geen ware liefde. Ze hebben nooit de bedoeling om voor altijd bij je te zijn, of om enige verantwoordelijkheid te vervullen. Ze geven zich gewoon over aan het spel van seksuele begeerte. Zodra ze genoeg plezier hebben gehad en hun seksuele begeerte is bevredigd, zullen ze je niet eens een tweede blik willen gunnen, en zullen ze niet eens de moeite nemen om medelijden met je te hebben. Zodra ze hun nieuwe schatje vinden, word jij een oude vlam, en alles wat je dan kunt doen is huilen. Dus, of je nu man of vrouw bent, bij het daten of het zoeken naar een partner kom je soms zulke boosaardige mensen tegen. Zo iemand ontwikkelt wellustige gedachten over jou en lokt je in de val, en toch geloof je dat diegene je werkelijk liefheeft en vertrouw je je levensgeluk aan zo’n persoon toe. Pas wanneer je aan de kant wordt geschopt en gedumpt, besef je dat je hem verkeerd hebt beoordeeld, dat deze persoon niet iemand met menselijkheid is die verantwoordelijkheden kan vervullen, maar een wellustig en losbandig persoon. Tegen die tijd is het te laat voor spijt; dit is een hobbelige omweg nemen als het om het huwelijk gaat. Voor iemand met normale menselijkheid kan de ervaring dat er met hem of haar is gespeeld levenslange pijn veroorzaken, maar duivels blijven onverschillig, ongeacht met hoeveel mensen ze spelen; ze voelen zich zelfs gelukkig, blij en voldaan, en wensen vurig dat ze nog meer leden van het andere geslacht kunnen versieren en met hen kunnen spelen. Ze beschouwen dit als het geluk van hun hele leven en noemen het hun vaardigheid en bekwaamheid. Normale mensen kunnen de prijs van de omgang met hen niet betalen. Dus, als je een relatie wilt, houd dan je ogen open en zie de dingen helder; wat je ook doet, kies geen duivel. Als je met een normaal persoon uitgaat, zal diegene je, zelfs als jullie uit elkaar gaan, niet te diep kwetsen; je kunt op zijn minst gewone vrienden blijven. Maar als je je inlaat met een duivel, zal je hele leven door zijn of haar toedoen worden geruïneerd. Zeg Mij, hoeveel oprechtheid en ware genegenheid heeft een normaal mens? Hoeveel energie heeft diegene in dit leven? Als je elke keer dat je een relatie met iemand aangaat, wordt bedrogen, zodat je diep gekwetst raakt doordat je wordt misleid en er met je wordt gespeeld, dan zul je je hele levenspad onder deze schaduw bewandelen, wat zorgt voor een zeer pijnlijk bestaan. Daarom zijn degenen voor wie je het meest op je hoede moet zijn, of je nu aan het daten bent of omgaat met het andere geslacht, deze wellustige en losbandige mensen. Of je nu man of vrouw bent, als je mensen niet kunt doorzien en niet weet of iemand anders wellustig en losbandig is, ga dan niet roekeloos met hen om, om te voorkomen dat je wordt bedrogen en levenslang spijt hebt. Zodra er bittere gevolgen ontstaan, ben jij de enige die ze onder ogen moet zien; niemand kan jouw plaats innemen, en niemand kan jouw gewonde hart troosten. Zelfs als je zegt dat je mensen kunt doorzien, ben je daar misschien niet nauwkeurig toe in staat. Tegenwoordig kun je van niemand zeker zijn. Voordat een persoon redding ontvangt, heeft hij alleen de wens om de waarheid na te streven; hij lijkt misschien fatsoenlijke menselijkheid te hebben, maar het is onzeker hoe de dingen werkelijk zullen zijn als je met hem samenleeft. Iedereen die de waarheid niet begrijpt en niet is gered, is onbetrouwbaar. Waarom is zo iemand onbetrouwbaar? Zeg Mij, is er iemand die, levend in deze kwaadaardige wereld, zonder de waarheid te verkrijgen, elke verzoeking kan weerstaan en standvastig kan blijven te midden van elke kwaadaardige trend? Helemaal niemand. Daarom zijn er geen betrouwbare mensen. Wat betekent het dat er geen betrouwbare mensen zijn? Het betekent dat voor iedereen, man of vrouw, een huwelijk aangaan het begin van een tragedie is. Omdat ze voor de dagelijkse levensbehoeften moeten zorgen en dag in dag uit de verschillende trivialiteiten en ergernissen van het leven onder ogen moeten zien, is het moeilijk te zeggen of de twee mensen het tot het einde zullen volhouden, of ze elkaar onderweg zullen steunen, of er geluk zal zijn, en of ze raakvlakken en gemeenschappelijke doelen zullen hebben. Daarom begint het lijden zodra men in het huwelijke treedt en het werkelijke leven onder ogen ziet. Zie je, als je vrijgezel bent, is alles gemakkelijk aan te pakken; je kunt dingen voor jezelf beslissen. Maar als twee mensen samenwonen, kun je dan gewoon zelf alle beslissingen nemen? Zal de ander zich naar jou schikken? Zul jij je naar hem of haar schikken? Zal diegene om je geven en rekening met je houden? Zul jij om hem of haar geven? Dit zijn allemaal onbekende zaken. Zelfs als de persoon die je ontmoet niet wellustig en losbandig is, en je voelt dat jullie geschikt zijn voor elkaar en met elkaar in het huwelijk kunnen treden, weet niemand of diegene uiteindelijk zijn of haar verantwoordelijkheden binnen het kader van het huwelijk kan vervullen, en of jij het binnen dit kader met hem of haar tot het einde kunt volhouden weet ook niemand. Je mist zelfs zekerheid en vertrouwen in jezelf, wat bewijst dat anderen net zo zijn – dat spreekt voor zich, toch? (Ja.)

Als je in je dagelijks leven mensen van dit wellustige, provocerende en losbandige type tegenkomt, en ze proberen dicht bij je te komen, moet je weten wat hun doel is als ze dat doen. Als je hen niet afwijst, of als je hen hun gang laat gaan vanwege je verlegenheid, naïviteit, dwaasheid en onwetendheid, of gebrek aan ervaringskennis, wat leidt tot het ontstaan van nadelige gevolgen, dan ben jij uiteindelijk degene die de gevolgen zal ondervinden. Wellustige en losbandige mensen – duivels – voelen nooit enige schuld of wroeging over het feit dat ze hun seksuele begeerte de vrije loop laten of immorele dingen doen. Ze vinden dat het er niet toe doet; ze denken dat ze er hun voordeel mee doen, en dat dit is hoe mensen in het leven moeten staan. Maar als je een normaal mens bent, kunnen het geweten en verstand binnen je menselijkheid zulke klappen, een dergelijke kwelling en ernstige schade simpelweg niet verdragen. Daarom moet je, als je zulke wellustige en losbandige mensen tegenkomt, voorzichtig zijn. Je moet tot God bidden en Hem vragen je te beschermen, zodat je niet voor de verzoeking bezwijkt. Vooral als de andere persoon veel trucs achter de hand heeft, een doorgewinterde speler is, en ook nog eens je droomminnaar is, degene die je droomt na te jagen, dan kun je heel gemakkelijk aan de verzoeking bezwijken en heel gemakkelijk in een onherstelbare situatie belanden, en uiteindelijk een slechte uitkomst onder ogen moeten zien die niemand wil zien. Tegen die tijd zullen je hart, geest en vlees allemaal onontkoombare verwoesting hebben geleden. Daarna, wanneer je je plicht gaat vervullen en voor God komt om Hem te volgen, zullen veel dingen anders zijn – ze zullen nooit meer zo zijn als in het begin en kunnen nooit meer terugkeren naar hoe ze voorheen waren. Zodra iemand een aantal abnormale of kwellende ervaringen met betrekking tot seksuele begeerte heeft doorgemaakt, laat dat enkele vreselijke sporen achter in zijn hart, die een normaal individu zijn hele leven niet gemakkelijk zal vergeten. Hoewel deze herinneringen en deze pijn naarmate de tijd beetje bij beetje verstrijkt geleidelijk kunnen vervagen, zullen ze, als deze gebeurtenissen je zeker schade en verwoesting hebben berokkend, voor altijd een aanhoudende nachtmerrie in je hart zijn. In dit leven zul je nooit meer kunnen terugkeren naar je vroegere leven; je innerlijke wereld zal niet langer zo puur en eenvoudig zijn als voorheen, en het zal onmogelijk voor je zijn om je eerdere gesteldheid terug te krijgen. Op dit punt, wanneer je je plicht gaat vervullen, zul je extra bagage in je hart hebben die je van je af zult willen schudden, maar dat lukt niet. Waar verwijst deze bagage naar? Die verwijst naar de diverse herinneringen aan de ervaring dat schade is berokkend aan jou. Denken aan deze herinneringen zal misselijkmakend zijn, en ze zullen ook veelvuldig je hart en je emoties verstoren. Zodoende zal je innerlijke wereld niet langer zo puur en eenvoudig zijn als voorheen; je emoties zullen nu veel dingen bevatten die niet in normale menselijkheid behoren te bestaan. Tot op zekere hoogte zal dit je leven en je plichtsvervulling hinderen, en ook je geloof in God en het nastreven van de waarheid hinderen. Dit wordt bagage genoemd. Daarom vervalt iemand van nature in een onverklaarbare moedeloosheid, ongeacht zijn leeftijd, zodra hij aan de verzoeking van een romantische betrokkenheid met een duivel bezwijkt. Voor een normaal mens is dit geen goed verschijnsel.

In het werkelijke leven komen mensen vaak bepaalde wellustige en losbandige individuen tegen. Nadat we vandaag over deze woorden hebben gecommuniceerd, kunnen jullie, aangezien jullie onderscheidingsvermogen hebben gekregen met betrekking tot dit type persoon en weten dat het geen normale mensen zijn maar duivels, hen resoluut afwijzen wanneer ze jullie proberen te verleiden. Wijs hen niet impliciet en tactvol af, voel je niet te bezwaard om hen af te wijzen, en wees zelfs niet bang voor zulke mensen. Natuurlijk, als het je niet uitmaakt of diegene een duivel is, en je zegt: ‘Ik ben al in de dertig of veertig en heb het huwelijk nog niet ervaren; als iemand echt dit soort behoefte aan mij heeft, zou ik dat graag accepteren’, dan zal Ik, aangezien het je niet uitmaakt welke gevolgen er kunnen ontstaan, en je ook niet om psychologische littekens geeft, er niets meer over zeggen. Mijn doel met deze woorden is om enkele dwaze mensen, die niet over behoedzaamheid of voorzorgsmaatregelen tegen de verleiding van het andere geslacht beschikken, te laten weten welke correcte houding ze moeten aannemen wanneer verzoeking op hun weg komt. Als het je niet uitmaakt dat iemand wellustig en losbandig is, het je niet uitmaakt dat hij een duivel is, en je je enorm vereerd voelt simpelweg omdat hij je leuk vindt – net zoals het gezegde van de ongelovigen luidt: ‘Een man geeft zijn leven voor iemand die hem begrijpt, terwijl een vrouw zich opdoft voor haar bewonderaar’ – en je denkt: ‘Als vrouw, als iemand me echt leuk vindt, toont dat aan dat mijn uiterlijk acceptabel is, dus ik zou me buitengewoon vereerd moeten voelen. Laat hem dan maar vrijmoedig op me afkomen; ik verwelkom het en zal hem met open armen ontvangen’ – wat vind je van deze houding? Zeg Mij, is het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ respectvol jegens vrouwen? (Nee.) Een man moet zijn leven opofferen voor degenen die hem begrijpen, en een vrouw moet zich opdoffen voor haar bewonderaar – is dit gezegde juist? (Nee.) Waarom worden vrouwen zo verlaagd? Mannen worden ook verlaagd. Dus mannen moeten hun leven voor anderen geven. Wie ook je vertrouweling is, die persoon is je baas, voor wie je je leven moet opofferen – waarom is je leven zo waardeloos? Zou het kunnen dat je leven aan anderen toebehoort en niet aan jezelf? God koestert het menselijk leven het meest, omdat dit leven, deze adem, door God is gegeven; het is de basisvoorwaarde voor geschapen vlees om te kunnen bewegen en een levend wezen te worden. Als je je leven niet koestert, maar het zomaar aan anderen overdraagt en het voor hen opoffert, wat toont dit dan aan? Toont het niet aan dat je jezelf verlaagt? (Ja.) Het toont aan dat je leven niets waard is. Je koestert je leven niet, je gebruikt je leven niet om de meest betekenisvolle en waardevolle dingen te doen, maar kunt zomaar sterven voor degene die jou begrijpt. Dit toont aan dat je leven te goedkoop is; het is gewoon een rotleven, net zo waardeloos als het leven van een hond, een kat of een kip. Dus, is het gezegde ‘Een man geeft zijn leven voor iemand die hem begrijpt’ juist? (Nee.) Dit gezegde verlaagt mensen, toont geen respect voor mensen; het is een gezegde dat het leven niet koestert. Zomaar sterven voor anderen – krijg je een mensenleven zomaar? Het leven krijg je niet zomaar; men kan niet zomaar zo gemakkelijk sterven. Daarom is het gezegde ‘Een man geeft zijn leven voor iemand die hem begrijpt’ onjuist en onhoudbaar. Is het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ dan juist? (Het is ook niet juist.) In welk opzicht is het onjuist? Hielden jullie ooit echt van dit gezegde, keurden jullie het echt goed, en beschouwden jullie het zelfs als de waarheid, als een motto? Is er ooit iemand geweest die jou bewonderde? Als de persoon die jou bewonderde iemand was die je leuk vond, voelde je je dan vereerd? (Niet bepaald vereerd, misschien vanbinnen gelukkig.) Dan ligt dat niet ver af van je vereerd voelen. Is dit geluk goed? (Nee.) Waarom niet? (Als een vrouw zich opdoft voor de waardering en genegenheid van een man, alleen voor mannen leeft en al haar gedachten hierin steekt – vind Ik dat zo leven behoorlijk laag is.) Zijn er afwijkende meningen? Het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ plaatst vrouwen op zichzelf al in een ongelijkwaardige positie ten opzichte van mannen. Het vereist van vrouwen dat ze zich opdoffen om mannen te behagen, dat ze leven omwille van het geluk van mannen, en dat ze zich vereerd voelen telkens wanneer iemand hen leuk vindt en bewondert. Dit is ongelijkwaardig; dit is op zichzelf een ware weerspiegeling van de lage status van vrouwen. De implicatie van het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ is dat of een vrouw nu door anderen leuk wordt gevonden vanwege haar aantrekkelijke uiterlijk, of de genegenheid van mannen aantrekt omdat ze weet hoe ze zich moet sieren om een lust voor het oog te zijn, ze zich daardoor gelukkig en vereerd zou moeten voelen. Dit is op zichzelf een vernedering van vrouwen. Dit gezegde geeft bij vrouwen aan dat de waarde van hun bestaan, de bron van hun geluk, erin bestaat dat er iemand is die hen leuk vindt, en dat als zo iemand er niet is, ze zich ongelukkig en verdrietig moeten voelen, en moeten nadenken over waarom niemand hen leuk vindt, en of ze als vrouwen een waardeloos en mislukt leven leiden. Dus, is het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ geen vernedering van vrouwen? (Ja.) Verwijst de bewonderaar in de zin ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ niet meestal naar een man? Dit gezegde plaatst mannen op zichzelf al in de positie van bazen, boven vrouwen. Het betekent dat een vrouw zich vereerd moet voelen dat een man – een baas – haar leuk vindt en waardeert. Als een man – een baas – haar niet leuk vindt, dan is er iets mis met haar, is ze niet beminnelijk, is ze een mislukking in het leven en is ze niet gekwalificeerd om een vrouw te zijn. Zie je, dit verheft ongemerkt de status van mannen, waardoor ze op de nek van vrouwen kunnen gaan staan en boven hen kunnen uittorenen. Hierin schuilt de fout in het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’. Bovendien, vinden mannen vrouwen louter leuk om hun uiterlijk en opschik? Of vinden ze vrouwen gewoon leuk omdat ze zien dat ze zachtaardig, deugdzaam, waardig en gracieus zijn? Vinden mannen vrouwen louter leuk om hun ogen te behagen? (Nee, het is om de seksuele begeerte van het vlees te bevredigen.) Wat is dan het doel van vrouwen die proberen mannen te behagen en hen gelukkig te maken? (Het is ook om toe te geven aan de seksuele begeerte van het vlees.) Dat wil zeggen, zowel mannen als vrouwen hebben behoeften als het om elkaar gaat, en de meest fundamentele van deze behoeften is die van de seksuele begeerte van het vlees. De behoefte van een man aan een vrouw gaat niet alleen over het leuk vinden van haar uiterlijk, maar, daarop gebaseerd, over het op een fysieke manier in bezit nemen van haar – om het botter te zeggen, haar lichaam verkrijgen om zijn eigen seksuele begeerte te bevredigen. Daarom is het doel achter het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ in feite het bevredigen van de seksuele begeerte van mannen. Het vereist van vrouwen dat ze niet alleen hun uiterlijk en opschik aantrekkelijk maken voor mannen, maar ook de seksuele begeerte van mannen bevredigen. Is dat niet een erg lage manier van leven? Als vrouwen nog steeds denken dat dit gezegde juist is, dat het iets is wat ze moeten bereiken en waaraan ze moeten vasthouden, dan verlagen vrouwen zichzelf. Mannen hebben seksuele behoefte aan vrouwen en willen met hun lichaam spelen; als vrouwen, in plaats van dit verachtelijk en hatelijk te vinden, zich desalniettemin opdoffen voor hun bewonderaars, en het gevoel hebben dat het de grootste eer van hun leven is, de uiterste eer, verlagen ze zichzelf dan niet? (Ja.) Dit ontneemt vrouwen volledig hun rechten. Niet alleen ontneemt het vrouwen hun bestaansrecht, hun waardigheid en hun mensenrechten, maar het laat hen ook denken dat dit de grootste eer is. Is dit niet wreed? Het is uiterst wreed! Behalve dat ze totaal geen autonomie en mensenrechten hebben, kunnen het geluk, de vreugde en het genot van een vrouw alleen worden bereikt op basis van het behagen van mannen en het volledig bevredigen van hen. Ongeacht wat voor soort onmenselijke behandeling vrouwen ondergaan, wordt er van hen vereist dat ze er toch trots op zijn. Is dit niet het mishandelen en ruïneren van vrouwen? Of het nu moderne vrouwen of vrouwen uit de oudheid zijn, ze nemen allemaal het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ als hun motto, als hun levensdoel. Is dit niet volkomen onjuist? Is dit niet een truc die Satan gebruikt om mensen te misbruiken en te misleiden? (Ja.) Als je een vrouw bent, en een man beleeft plezier aan jou, terwijl zijn hart gevuld is met boosaardige lust voor jou, zou je er dan van walgen of je buitengewoon vereerd voelen als je het wist? (Walgen.) Wanneer hij aan jou denkt, denkt hij alleen aan jouw lichaam en jouw uiterlijk, terwijl hij ook zijn eigen seksuele begeerte de vrije loop laat. Hoe meer plezier hij aan jou beleeft, hoe meer hij vervuld is van seksuele begeerte voor jou; wat er in hem wordt aangewakkerd als het om jou gaat, zijn uitsluitend wellustige gedachten. Hij probeert zelfs met alle mogelijke middelen jou te pakken te krijgen, zodat hij van jouw lichaam kan genieten, zijn seksuele begeerte volledig kan bevredigen en zijn seksuele begeerte de vrije loop kan laten. Als je wist dat hij zulke bedoelingen met jou had, zou je dan nog steeds denken dat het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ juist is? Zou je het nog steeds een eer vinden om door iemand leuk gevonden en gewaardeerd te worden? (Nee.) Als je een vrouw bent met een gevoel van schaamte en waardigheid, dan zou je van dit gezegde moeten walgen, en het verafschuwen en afwijzen om door zulke mensen leuk gevonden te worden. Alleen door op deze manier te leven heb je waardigheid. Iemand die echt van jouw gezelschap geniet en jou waardeert, doet dat vanwege de kwaliteit van jouw karakter, jouw bezigheden, omdat jij de waarheid begrijpt, en diegene ook iets opbouwends van jou wil verkrijgen en hulp van jou wil ontvangen – niet omdat hij jouw lichaam wil waarderen om toe te geven aan zijn seksuele begeerte en die te bevredigen. Als iemand jou waardeert ongeacht jouw karakter of de vraag of jij de waarheid nastreeft of niet, en alleen omdat jouw uiterlijk en figuur een lust voor het oog zijn en zijn seksuele begeerte volledig kunnen bevredigen, en jij hier toch geen afkeer of walging voor voelt, maar in plaats daarvan het gevoel hebt dat diegene jou leuk vindt – in het bijzonder omdat hij fysieke avances naar jou toe heeft gemaakt, heb je des te meer het gevoel dat hij jou leuk vindt – en jij je hierdoor zelfs vereerd voelt, dan verlaag je jezelf. Als het je niet uitmaakt wie er plannen of boosaardige bedoelingen met jouw lichaam heeft, en zolang diegene jou maar leuk vindt, jij dat als jouw speciale eer beschouwt en je erdoor vereerd voelt, dan ben je niet iemand met integriteit en waardigheid, noch ben je een goede vrouw. Stel dat iemand seksuele behoefte aan jou heeft en jij het gevoel hebt dat je iemand hebt gevonden die jou begrijpt, en ook een kans hebt gevonden om seksuele begeerte de vrije loop te laten; het komt van twee kanten, en jullie twee komen samen omdat jullie uit hetzelfde smerige hout gesneden zijn. In dat geval ben je iemand zonder enige integriteit en waardigheid, onwaardig om leuk gevonden te worden; je bent van hetzelfde type als wellustige en losbandige mensen. Als je werkelijk een vrouw met waardigheid bent, zou je walging, afkeer en weerzin moeten voelen om door zulke wellustige en losbandige mensen leuk gevonden te worden. Natuurlijk, als de reden dat iemand jou leuk vindt werkelijk vanwege jouw menselijkheid is, jouw bezigheden, of omdat jij een bepaald sterk punt hebt, is dat ook niets om je vereerd over te voelen. Het doel van mensen die zeggen ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ is beslist niet zo eenvoudig als een man die een vrouw waardeert. Het plaatst mannen absoluut in een positie waarin ze boven vrouwen uittorenen. Preciezer gezegd, dit gezegde is ontstaan vanuit het ethos dat mannen superieur zijn en vrouwen inferieur. Bovendien is de realiteit dat vrouwen onder elk sociaal systeem een kwetsbare groep zijn, en worden beschouwd als aanhangsels en speelgoed van mannen. Daarom is het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ absoluut een schande voor alle vrouwen. Als vrouwen dit gezegde in het bijzonder goedkeuren, is dat een trieste zaak voor vrouwen, en men moet minachting voelen voor alle vrouwen die het goedkeuren. Zouden mannen het standpunt ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ dan moeten goedkeuren? (Nee.) Als een man een vrouw ziet die zich opdoft voor haar bewonderaar, heeft hij dan niet het gevoel dat zo’n vrouw op een zeer vernederende manier leeft, en zal hij ook niet neerkijken op zo’n vrouw? (Ja.)

Zien jullie nu helder of het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ juist is of niet? (Het is onjuist.) Dit gezegde is geen positief ding, noch is het een juiste gedachte of een juist gezichtspunt. Kijk in de Bijbel en in de woorden die door God zijn uitgedrukt – staat er ergens een zin die vrouwen vertelt dat ze zich moeten opdoffen voor degenen die hen bewonderen? Staat er ergens een zin die de status van mannen en vrouwen in niveaus verdeelt, en zegt dat mannen boven vrouwen staan? Nee, die is er niet. Wat in het boek Genesis in de Bijbel is opgetekend, is dat de vrouw been van de beenderen van de man is en vlees van zijn vlees. Mannen en vrouwen zijn beiden mensen die door God zijn geschapen; ze zijn gelijkwaardig voor God, zonder verdeling in niveaus, zonder onderscheid tussen superieur en inferieur. Mensen verdelen in superieur en inferieur en naar niveaus van status onderscheiden, is iets wat Satan doet; het is een reëel bewijs van Satans onderdrukking en vervolging van vrouwen. Vanaf het moment dat God in het begin de mensheid schiep, zijn mannen en vrouwen in Gods ogen gelijkwaardig geweest. Beiden zijn schepselen en voorwerpen van Gods redding. God heeft nooit gezegd dat mannen superieur zijn en vrouwen inferieur, noch heeft Hij gezegd dat mannen het hoofd van vrouwen of hun baas moeten zijn, dat mannen boven vrouwen moeten uittorenen, dat mannen in enig werk voorrang moeten hebben op vrouwen, of dat mannen hun eigen mening hebben en de steunpilaren zijn, terwijl vrouwen meer naar mannen moeten luisteren. God heeft zulke dingen nooit gezegd. Het is alleen door Satans verdorvenheid dat uitspraken over de superioriteit van mannen en de inferioriteit van vrouwen onder de mensen zijn ontstaan, en vervolgens heeft deze trend zich door de hele maatschappij en de hele mensheid gevormd, waarbij vrouwen voortdurend onder mannelijk gezag worden onderdrukt. Vanwege een gebrek aan begrip van de waarheid hebben vrouwen, nadat ze zijn beïnvloed en misleid door allerlei kwaadaardige trends van Satan, het gevoel dat ze ondergeschikt zijn aan mannen of een lagere status hebben dan mannen. Dat is de reden waarom, tot op de dag van vandaag, veel vrouwen nog steeds geloven dat het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar’ juist is. Dit is een zeer trieste zaak. Als mensen de waarheid niet begrijpen, worden ze in veel specifieke zaken nog steeds misleid en beheerst door diverse gedachten en gezichtspunten van Satan. Zelfs deze kleine zaak is zeer illustratief, nietwaar? (Ja.) Wat is de reden dat vrouwen zichzelf gewillig vernederen? Het is dat de algehele maatschappelijke omgeving ervoor zorgt dat vrouwen geen gelijkwaardige status met mannen kunnen hebben, en dat vrouwen moeten wijken voor mannen en gunstige voorwaarden voor hen moeten scheppen, en ook veel offers moeten brengen en een grote prijs moeten betalen om mannen te bevredigen. Dit wordt veroorzaakt door de maatschappij, door de diverse kwaadaardige trends die door Satan worden geleid. Is er nu dus, na de waarheid in dit opzicht te hebben begrepen, geen definitieve conclusie met betrekking tot het gezegde ‘Een vrouw doft zich op voor haar bewonderaar?’ (Ja.) Dit gezegde is foutief en absurd en stemt niet overeen met de waarheid, toch? (Ja.) Hebben vrouwen, na het horen van de werkelijke situatie, niet het gevoel dat ze al die jaren een zeer verongelijkt en verstikkend leven hebben geleid? Moeten vrouwen zich dan nog steeds opdoffen voor hun bewonderaars? (Nee.) Als leden van de geschapen mensheid verschillen vrouwen alleen in geslacht en fysiologie van mannen; in andere opzichten zijn er helemaal geen verschillen. In Gods ogen hebben mannen en vrouwen hoegenaamd geen verschillen in status. God heeft nooit, onder welke omstandigheden dan ook, aan vrouwen andere vereisten gesteld dan aan mannen. In aspecten zoals het aantal mensen dat God kiest, de hoop op redding, hun kansen om plichten te vervullen, de plichten die ze kunnen vervullen en het werk dat ze kunnen doen, zijn vrouwen in wezen gelijk aan mannen; vrouwen zijn niet minder dan mannen. Dit is de werkelijke situatie.

We hebben eerder gesproken over de uitingen van de wellustigheid, losbandigheid en seksuele provocatie van die boosaardige mensen die de aard-essentie van duivels hebben, en ook over hoe je boosaardige mensen moet behandelen als je ze tegenkomt wanneer het gaat om romantische relaties aangaan of een partner zoeken. Hopen jullie zo iemand te ontmoeten om een romance te ervaren, een keer zorgeloos te handelen en jezelf een keer te buiten te gaan? (Nee.) Hopen jullie dan jullie droomminnaar of -minnares jullie zielsverwant, jullie ware te ontmoeten? (Nee.) Of jij er nu op hoopt of niet, doet er niet toe. Wat cruciaal is, is dat je onderscheidingsvermogen moet hebben met betrekking tot deze wellustige, losbandige en provocerende mensen met een boosaardige aard-essentie, en dat je bij hen uit de buurt moet blijven. In de woorden van ongelovigen zijn de meesten van deze mensen doorgewinterde spelers, losbandig en romantisch. De meeste volwassenen moeten dit type persoon kunnen herkennen wanneer ze zo iemand tegenkomen; misschien zullen de meeste volwassenen na een paar interacties weten dat diegene van dit type is. Dit soort persoon is niet kieskeurig bij het versieren van mensen; ongeacht hoe oud je bent, zolang jij er redelijk goed uitziet, kan diegene met jou flirten, waardoor jij in zijn of haar val loopt zonder ook maar enig besef te hebben van wat er aan de hand is. Hij of zij spreekt altijd tedere, zachte woorden tot jou, en toont jou bezorgdheid, zorg en consideratie. Diegene zoekt kansen om jou lonkende blikken toe te werpen, jou thee of water te serveren, en koopt soms zelfs kleine cadeautjes, chocolaatjes enzovoort voor jou. Wanneer jij daar complete niet op bedacht bent, doorbreekt hij of zij jouw verdediging en komt jouw hart binnen. Onbewust hoef jij maar aan diegene te denken of je voelt al vlinders in je buik; als jij hem of haar een paar dagen niet ziet, heb je het gevoel dat er iets ontbreekt, en denk je: niemand om me heen geeft zo om mij als hij of zij. Het lijkt erop dat ik verliefd op diegene ben geworden. Is hij of zij ook verliefd op mij geworden? Wat voor gesteldheid is dit? (Bezwijken voor verzoeking.) Sommige doorgewinterde spelers zijn er bedreven in om anderen aan het lijntje te houden; na een tijdje bezorgdheid voor jou te hebben getoond en jouw interesse te hebben gewekt, laten ze vervolgens niets meer van zich horen, waardoor jij zelf toehapt. Wanneer jij beseft dat je verliefd op diegene bent geworden en niet zonder hem of haar kunt leven, ben je in de strik van de liefde gevallen en ben je betoverd geraakt. Zodra je betoverd bent, ben jij volledig van hem of haar in de ban. Wat is deze valstrik van de liefde waar mensen in vallen? Het is geen familiale genegenheid, vriendschap, of de zorg en liefde tussen mensen, maar het vangnet van seksuele begeerte. Zodra je in de valstrik van seksuele begeerte valt, kun je gemakkelijk de controle verliezen. Meer dan vijfennegentig procent van de mensen, vooral jonge mensen, kan het niet overwinnen en kan niet aan zo’n valstrik ontsnappen. Wat moet er dan worden gedaan? Aangezien je weet dat het heel moeilijk is om aan zo’n valstrik te ontsnappen, moet je jezelf er niet in laten vallen. Doe al het mogelijke om uit de buurt te blijven van de mensen, dingen of omgevingen die jou in de valstrik zouden kunnen leiden. Houd een tijdje afstand, bid tot God en lees Gods woorden. Geleidelijk aan zullen je seksuele behoeften vervagen en verdwijnen, zal de valstrik geen greep meer op jou hebben, en zul je deze verzoeking in wezen hebben overwonnen. Het is echter onbekend hoe het jou zal vergaan de volgende keer dat je zulke verzoekingen en valstrikken tegenkomt, of je in staat zult zijn ze te overwinnen. De enige manier is om veelvuldig voor God te komen om te bidden en de waarheid te zoeken, en uit de buurt te blijven van diverse verzoekingen. Natuurlijk zijn jezelf toerusten met de waarheid en de waarheid begrijpen de meest fundamentele dingen. Maar jezelf toerusten met de waarheid is niet eenvoudig; het vereist dat je enige ervaring opdoet, en je gestalte groeit niet zo snel, dus je verdediging in diverse aspecten kan ook niet zo snel worden opgebouwd. Wat moet er dan worden gedaan? Je moet vaak voor God leven, door Gods woorden, het werk van de Heilige Geest en Gods bescherming worden geleid. Als alle deze dingen aanwezig zijn, plus jouw persoonlijke vastberadenheid, zul je verdedigingsmechanismen hebben wanneer je met zulke verzoekingen wordt geconfronteerd. Bovendien, wanneer je de aard van de zaak kent en de gevolgen die deze met zich mee zal brengen, zul je dergelijke omgevingen bewust vermijden, wat zal bewijzen dat je de vastberadenheid hebt om zulke verzoekingen af te wijzen. God zal jou dan, vanwege jouw houding en jouw subjectieve verlangen, helpen aan zulke verzoekingen te ontsnappen. Als je zo’n omgeving tegenkomt en afkeer en haat in je hart voelt, maar niet weet hoe je moet weigeren, bid dan tot God en vraag Hem je te beschermen en zo'n omgeving voor jou weg te nemen. Wanneer je zulke smeekbeden en wensen hebt, zal de persoon die een gevaarlijke verzoeking voor jou vormt, misschien vanwege de behoeften van het kerkwerk worden overgeplaatst, waardoor het onhandig voor hem of haar wordt om weer contact met jou op te nemen, en jij diegene niet meer zult tegenkomen. Dit is God die jou helpt; het is Gods bescherming. Omdat God jouw persoonlijke verlangen, houding, vastberadenheid en besluitvaardigheid ziet, zal Hij jou proactief en grondig helpen jouw wens te vervullen, waarmee Hij het resultaat bereikt om jou te beschermen. Wanneer deze persoon vertrekt en jou niet langer lastigvalt, voel je je vanbinnen misschien een beetje leeg, vind je het misschien een beetje jammer dat diegene is vertrokken, en fantaseer je zelfs: ‘Als hij of zij hier nog was, zouden we dan goed met elkaar kunnen opschieten?’ Af en toe kunnen zulke gedachten opkomen, maar met Gods bescherming word je uiteindelijk bij verzoeking weggehouden. Onbewust vervaagt deze zaak geleidelijk in jouw hart, trekt het geleidelijk weg, en na verloop van tijd herwin je je rust en keer je terug naar je vroegere levenstoestand en normale mentaliteit. Op dit moment wordt de zaak afgesloten. Het heeft geen enkele bedreiging of verstoring voor jou gevormd, maar is in plaats daarvan een krachtig bewijs en getuigenis geworden van jouw overwinning op Satan en hoe jij de duivel mijdt en afwijst. Is dit niet heel goed? (Ja.) Toen deze verzoeking een bedreiging voor jou dreigde te vormen, op dat gevaarlijke moment, beschermde God jou vanwege jouw houding en medewerking. God regelde een geschikte omgeving voor jou, waardoor jij standvastig kon blijven. Dit bevordert de groei van jouw gestalte; het zal jouw geloof vergroten, jouw vastberadenheid en verlangen om de waarheid te beoefenen vergroten, het zal je motivatie geven en jouw gestalte laten groeien. Als je, wanneer deze verzoeking je overkomt, onwillig bent om die af te wijzen of te vermijden, de bereidheid mist om de waarheid te beoefenen, het gewoon vrijuit laat ontwikkelen, en bereid bent deze verzoeking te aanvaarden, zelfs bereid bent de intimidatie en verstrikking van de duivel te aanvaarden, en jij steeds meer van zo’n gesteldheid geniet, steeds meer bereid bent in zo’n omgeving te leven, en jij niet actief tot God bidt en Hem vraagt zo’n omgeving weg te nemen – aangezien jouw houding ten opzichte van deze zaak zo is, zal God je niet dwingen. God dwingt nooit iemand in zijn handelingen. Aangezien jij deze persoon zo leuk vindt, aangezien jij voelt dat diegene jou zoveel geluk en vreugde kan brengen en jou plezier kan geven, zal God jou dergelijke vreugde en geluk niet ontnemen, noch zal God deze persoon overplaatsen. Wat de gevolgen betreft, die moet jij alleen dragen. Wat er zal gebeuren, is dat jij geleidelijk in de verzoeking en wellustige verstrikking van duivels zult vallen, van boosaardige, wellustige en losbandige mensen, en uiteindelijk het verwijt van je geweten en Gods aanwezigheid kwijt zult raken. Na te hebben genoten van het geluk en de vreugde van het toegeven aan de seksuele begeerten van het vlees, voel jij geen schaamte en kun jij je niet losrukken van zo’n verzoeking – dit wordt jezelf overgeven aan verdorvenheid genoemd. Jij voelt dat je de gelukkigste persoon bent, jij geniet enorm van dit geluk en deze vreugde, voelt je bevoorrecht om zulk geluk en zulke vreugde te hebben, en bent zeer voldaan om gevangen te zitten in zo’n strik van de liefde. Wat zou God dan nog kunnen doen of zeggen? God zal jou geen enkele hint geven, zal je nergens voor waarschuwen en zal niets doen. Ga je gang maar en geniet ervan. De uiteindelijke gevolgen voor degenen die gevangen zitten in de strik van seksuele begeerten zijn voorspelbaar. Niemand die in de strik van de liefde valt, eindigt gelukkig of vol vreugde; integendeel, de uitkomst kan alleen maar pijnlijk en tragisch zijn. Jij alleen moet zulke gevolgen dragen, en je verdient het om ze te dragen. Handelt God met principes? (Ja.) God respecteert jouw keuzes. Denk niet: God zal een oogje op me houden en me in toom houden; Hij zal me niet laten daten, noch mijn seksuele behoeften laten bevredigen. Je hebt het mis; God bemoeit Zich niet met jou. Wat God wil doen, is jou beschermen tegen het bezwijken aan verzoeking, tegen het misleid worden door kwaadaardige mensen, tegen het geruïneerd en ernstig geschaad worden door Satan. Maar als jij ervoor kiest om met Satan mee te gaan, zegt God dat dat jouw vrijheid en jouw keuze is; zolang jij bereid bent, zolang jij er geen spijt van hebt, zal God jou niet dwingen; jij alleen oogst wat je zaait, en wanneer de tijd daar is en jij erbarmelijk huilt, klaag dan niet dat God jou niet heeft gewaarschuwd, en klaag dan niet dat God jou niet heeft beschermd. God wil jou beschermen, God wil dat jij uit de buurt van verzoeking blijft, maar jij weigert. Als God de persoon die jij leuk vindt zou overplaatsen, de persoon met wie jij verstrikt bent in de strik van de liefde, zou jij naar hem of haar op zoek gaan, zou jij je gedragen alsof je gek was, zou jij de controle verliezen, zou jij over God klagen, God uitschelden omdat Hij geen rekening houdt met jouw gevoelens en jouw moeilijkheden niet begrijpt. Dus God zal dat niet doen; God zal mensen geen dingen laten doen die ze niet willen doen. Aangezien jij dat pad zelf hebt gekozen, moet jij alleen de vreselijke gevolgen dragen die uiteindelijk ontstaan. Niemand zal de klappen voor jou opvangen. Is deze zaak nu duidelijk? (Ja.)

Als sommige mensen te maken krijgen met de verstrikkingen van duivels en Satans – van boosaardige mensen – en hen niet afwijzen maar bereid zijn hun leven met hen door te brengen, is dit hun eigen keuze. Wanneer het uiteindelijk leidt tot bittere gevolgen, moeten ze anderen niet de schuld geven; ze kunnen alleen zichzelf haten omdat ze te verlaagd en te afwijkend zijn, en moeten zichzelf in het gezicht slaan en zichzelf vervloeken. Welke bittere vruchten jij uiteindelijk ook oogst, het heeft niets met God te maken. Zeg niet: ‘Waarom heeft God mij niet beschermd? Waarom heeft God mij toen niet tegengehouden?’ Ik zeg jou, God heeft niet zo’n verplichting; Hij heeft jou al duidelijk verteld wat Hij tegen jou moet zeggen. Jij bent een persoon met het vermogen om zelfstandig na te denken; God heeft jou een vrije wil gegeven, en jij hebt het recht om vrij te kiezen. Daarom geeft God jou het recht om te kiezen wanneer je iets tegenkomt. Aangezien jij het recht hebt om te kiezen, komen de bittere vruchten die jij uiteindelijk oogst voort uit jouw eigen keuze, dus je moet niet over God klagen of de schuld op alles en nog wat afschuiven. Het werk dat God doet, is jou de waarheid vertellen en jou het pad naar redding tonen. Of jij ervoor kiest om God te volgen of Satan te volgen, dat is aan jou. Als jij een gezegend persoon bent en bereid bent de waarheid na te streven, volg dan God. Als jij de waarheid niet liefhebt, maar veeleer de wereld liefhebt en boosaardigheid liefhebt – als jouw leven slechts een waardeloos leven is – kies er dan voor om Satan te volgen; niemand houdt jou tegen. Tot op de dag van vandaag begrijpen sommige mensen God en Gods huis nog steeds verkeerd, en klagen ze altijd: ‘Ik ben al in de dertig of veertig, ik heb niet gedatet en ben niet getrouwd – Gods huis staat het niet toe!’ Wanneer heeft Gods huis mensen ooit beperkt in het daten of trouwen? Dit is jouw vrijheid; Gods huis bemoeit zich er niet mee. Er is echter één voorwaarde: als je dat doet, dan kun jij geen plicht vervullen in een voltijdsplichtenkerk, omdat het werk van de kerk belemmerd zal worden als je een romantische relatie hebt en er niet langer met je gedachten bij bent om je plicht te vervullen. Als jij werkelijk wilt daten en trouwen, draag dan eerst het werk over waar jij verantwoordelijk voor bent, en we zullen tijdelijk onze eigen weg gaan. Zijn de principes in dit opzicht voor iedereen duidelijk? (Ja.) Als iemand wil daten of trouwen, is dat volkomen prima; niemand beperkt het. Echter, willekeurig flirten met het andere geslacht en het kerkleven verstoren is niet acceptabel. Degenen die willekeurig anderen versieren zijn duivels; het zijn boosaardige, wellustige en losbandige mensen, en Gods huis staat de aanwezigheid van zulke mensen absoluut niet toe. Dit type persoon versiert willekeurig anderen en valt hen lastig, ongeacht in welke groep mensen hij of zij zich bevindt. Als een plaag veroorzaakt zo iemand paniek en zorgt diegene er altijd voor dat mensen zich rusteloos en ongemakkelijk voelen. Waar hij of zij ook het kerkleven leidt, creëren zijn of haar verstoringen een kwade sfeer en veranderen ze de kerk in een wanordelijke bende. Niet alleen saboteert zo iemand het werk van de kerk, maar diegene verstoort ook de normale orde van de broeders en zusters die hun plichten vervullen. Zulke mensen moeten streng in de gaten worden gehouden en worden beperkt, en degenen die ernstige impact veroorzaken moeten worden geïsoleerd of verwijderd. Sommige mensen zeggen: ‘Ik heb maar een paar mensen geschaad – dat is toch geen groot probleem?’ Als jij er een paar kunt schaden, ben je ook in staat om er tientallen te schaden. Dit is gewoon het soort ellendeling dat jij bent. Roekeloos anderen versieren en op ongepaste wijze seksuele begeerte de vrije loop laten in de kerk – en zodoende mensen schaden – is onaanvaardbaar. Als jij mensen wilt versieren, ga dan naar de plaatsen van losbandigheid van de ongelovige wereld; niemand beperkt jou daar. Maar Gods huis, de plaats waar broeders en zusters hun plichten vervullen, is plechtig, rustig en heilig; het staat geen enkele duivel of Satan toe het te verstoren of te saboteren. Als iemand de kerk wil veranderen in een plek om te daten of voor promiscuïteit, en naar believen wil toegeven aan seksuele begeerte, is dat absoluut onaanvaardbaar! Dit is de kerk, de locatie van Gods werk, de plaats waar de Heilige Geest werkt om mensen te zuiveren en te vervolmaken. Of men nu man of vrouw is, iedereen moet waardig en fatsoenlijk zijn, en zich bezighouden met gepast werk. Willekeurig anderen versieren is niet toegestaan, evenmin als het op ongepaste wijze de vrije loop laten van seksuele begeerte. Als jij je seksuele begeerte niet kunt beheersen en die gewoon de vrije loop wilt laten, kies dan een geschikte persoon om mee te trouwen; versier niet willekeurig anderen binnen de kerk. Iedereen die willekeurig anderen versiert en verontwaardiging bij de broeders en zusters opwekt, moet snel worden verwijderd of verdreven, opdat diegene het kerkleven niet blijft verstoren. Begrepen? (Begrepen.) Er moeten grenzen zijn tussen mannen en vrouwen. Als een man altijd rondhangt bij groepen vrouwen, niet om werkredenen, noch omdat er belangrijke zaken zijn die moeten worden afgehandeld, maar om met zichzelf te pronken onder vrouwen, seksuele begeerte de vrije loop te laten en hen willekeurig te versieren, is dit intimidatie. Als een vrouw, met of zonder reden, altijd rondhangt bij groepen mannen, hen altijd roekeloos versiert, hen lonkende blikken toewerpt en met haar charmes pronkt, moet ook zij als een duivel worden behandeld. Als jij normaal over werk discussieert of communiceert, is dit acceptabel, maar willekeurig anderen versieren en met hen flirten is dat niet. Elk dergelijk gedrag dat opschudding veroorzaakt, vormt een verstoring van het kerkleven en het ruïneren van de normale orde van het kerkelijk werk, en is niet toegestaan in Gods huis. Iedereen zou deze wellustige, losbandige, seksueel provocerende duivels moeten afwijzen en bij hen uit de buurt moeten blijven. Wanneer de meeste mensen naar voren treden om hen af te wijzen, te ontmaskeren en te mijden, en ervoor zorgen dat hun pogingen om anderen te versieren, mislukken en maken dat ze in geen enkele situatie hun zin krijgen, zullen ze geleidelijk stoppen met wat ze doen. Als ze hun plicht niet normaal kunnen vervullen, en ze gewoon roekeloos anderen versieren en hen verstoren telkens wanneer ze een vrij moment hebben, rondrennen om romantische relaties aan te gaan, en genieten van het gevoel in een romantische relatie te zijn, verwijder hen dan onmiddellijk. Hak snel de knoop door en pak deze promiscue individuen aan – geef hen geen enkele kans om mensen te verstoren. Is deze zaak door onze communicatie nu duidelijk? (Ja.) Hebben jullie iets verkregen? Hebben jullie een beoefeningspad? Hebben jullie nu onderscheidingsvermogen met betrekking tot dit type wellustige en losbandige persoon? (Ja.) Is het jullie duidelijk hoe jullie je moeten gedragen, hoe jullie op je juiste plaats moeten blijven, en hoe jullie moeten doen wat jullie behoren te doen binnen normale menselijkheid? (Ja.) Hierbinnen zijn er waarheden die mensen moeten begrijpen en onderscheidingsprincipes waarover ze duidelijk moeten zijn, en natuurlijk zijn er ook waarheidsprincipes die mensen moeten beoefenen en paden die ze moeten nemen. Nu dit allemaal duidelijk is gemaakt, is deze zaak volledig uiteengezet.

Dat is alles voor onze communicatie van vandaag. Tot ziens!

11 februari 2024

Vorige: Hoe de waarheid na te streven (13)

Volgende: Hoe de waarheid na te streven (16)

Rampen zoals oorlogen en pandemieën komen vaak voor over de hele wereld. Hoe kunnen we de terugkeer van de Heer verwelkomen en Gods bescherming krijgen tijdens rampen? Neem deel aan onze gebedsbijeenkomst om de weg te vinden.

Gerelateerde inhoud

Aan wie ben jij precies trouw?

Op dit moment is elke dag die jullie doormaken cruciaal en van groot belang voor jullie bestemming en jullie lot, dus jullie moeten alles...

Instellingen

  • Tekst
  • Thema's

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Regelruimte

Paginabreedte

Inhoud

Zoeken

  • Zoeken in deze tekst
  • Zoeken in dit boek